Opinie

Stedentrip

Mirjam de Winter

Het is een eigenaardige gewoonte van me om tijdens een stedentrip in het buitenland altijd weer op zoek te gaan naar verschillen of gelijkenissen met Rotterdam. En dan gaat het me niet om het uiterlijk van zo’n stad, maar vooral om allerlei praktische dingen, zoals het aanbod van openbare (dames)toiletten, vuilnisbakken of wel of geen toegangspoortjes in het openbaar vervoer. „Kijk, zó zouden wij dat in Rotterdam nou ook moeten doen”, hoor ik mezelf dan keer op keer zeggen. Het deelfietssysteem in Antwerpen bijvoorbeeld, waar fietsen niet worden neergesmeten, maar keurig geparkeerd staan in zogeheten ‘docking stations’. Goed geregeld! Of het meubilair in de Tuilerieën van Parijs, waar ze honderden van die stevige en toch elegante tuinstoelen hebben neergezet die door iedereen gepakt en versleept mogen worden. Zouden we in Het Park ook moeten doen! En altijd neem ik me weer voor om bij thuiskomst een brief naar de gemeente Rotterdam te sturen (maar komt het er nooit van).

En nu zit ik hier op een druk terras in Porto, pal aan die prachtige Douro met uitzicht op de Ponte Luis I, en stoot voor de zoveelste keer die dag mijn reisgenoot aan: „Zó zouden we dat in Rotterdam nou ook moeten doen.” Want een Parkkade of de Boompjes vol restaurantjes, terrassen en flanerend publiek, zou dat niet fantastisch zijn? En ik ben natuurlijk niet de eerste die constateert dat Rotterdam vergeleken met andere haven- of riviersteden veel te weinig gebruik maakt van haar rivieroevers. Architect Riek Bakker, ‘moeder van de Kop van Zuid’, heb ik het al zo vaak horen roepen: „De Maas is het kapitaal van de stad”. Ook Wim Pijbes pleit er al jaren voor. „Omarm de rivier, want Rotterdam heeft goud in handen”, zei hij eerder in zijn speech over de toekomst van de stad. Met als voorbeeld het succes van het terras voor Hotel New York en dat naast de Fenix Food Factory, want zo zou het toch ook kunnen zijn op de Parkkade of op de Boompjes? Er zijn inmiddels al tientallen plannen voor de Boompjes voorbij gekomen, maar nog altijd is een kille en kale kade. Het nieuwste plan van horecaondernemer Ron Sterk en architectenbureau Mecanoo om het glazen paviljoen aan de Boompjes nieuw leven in te blazen is wat mij betreft dan ook een topidee.

Rotterdam en Porto zijn (uiterlijk) totaal niet met elkaar te vergelijken, maar toch zie ik ook overeenkomsten tussen beide havensteden. Porto (in 2001 samen met Rotterdam nog Culturele Hoofdstad van Europa) heeft net als Rotterdam de reputatie van een rauwe en arme stad. En ook hier lijden ze trouwens aan het second city syndrome. Alles en iedereen uit Lissabon wordt weggewuifd als nuffig en arrogant. Porto heeft net als Rotterdam een soort wederopbouwperiode achter de rug, waarin de oude, vervallen stad volledig is gerenoveerd en permanent het geluid van drilboren en cirkelzagen klonk. Ook hier is het toerisme pas de afgelopen jaren op gang gekomen en heeft de stad pas onlangs haar zelfvertrouwen terug gekregen. En weet je wat ook handig is hier? Je stapt er zo op de metro naar het strand van Matosinhos, het Hoek van Holland van Porto. Dat zouden ze in Rotterdam nou ook eens moeten doen...

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.