Zie in de binnenstad je auto nog maar eens kwijt te raken

Parkeerbeleid Waar kun je straks je auto nog kwijt in de binnenstad? De gemeente wil het aantal parkeerplaatsen drastisch terugbrengen.

Geparkeerde auto’s zullen minder het straatbeeld gaan bepalen nu de gemeente parkeerplaatsen gaat schrappen – te beginnen langs kwetsbare kademuren – én minder vergunningen gaat uitdelen.
Geparkeerde auto’s zullen minder het straatbeeld gaan bepalen nu de gemeente parkeerplaatsen gaat schrappen – te beginnen langs kwetsbare kademuren – én minder vergunningen gaat uitdelen. Foto’s Rob van Dullemen

Een parkeerplek vinden in Amsterdam wordt vanaf komende zomer nog lastiger. Dat maakte wethouder Sharon Dijksma (verkeer en vervoer) vorige week bekend. Vanaf juli zijn er steeds minder parkeervergunningen beschikbaar. Op deze manier is het volgens haar mogelijk om in 2025 ongeveer 11.000 parkeerplekken te hebben opgeheven. Dijksma wil de eerste plekken schrappen op plaatsen waar de kademuren zwak zijn. Ook in de Kinkerstraat, Koninginneweg, Raadhuisstraat en Rozengracht zullen ze verdwijnen. Deze straten staan toch al op de planning voor herinrichting. „In plaats van ruimte voor geparkeerde auto’s komt er meer ruimte in de stad voor voetgangers, fietsers, openbaar vervoer, verblijven en groenvoorzieningen”, schrijft de wethouder in een toelichting.

Foto Rob van Dullemen

Het gemeentebestuur liet al eerder weten dat per 2025 7.000 tot 10.000 parkeerplekken moesten zijn verdwenen. Om dat doel te halen moeten minder parkeervergunningen worden verstrekt, zegt de gemeente nu. Vanaf 1 juli dit jaar zal het aantal beschikbare vergunningen ieder halfjaar met 750 afnemen, tot juli 2025. Zoals al eerder bekendgemaakt worden daarnaast de parkeertarieven verhoogd, nieuwe parkeergarages gebouwd en bestaande aangekocht. Op deze manier komt er een einde aan ongeveer 11.000 parkeerplekken.

Bestaande niet ingetrokken

Houders van een parkeervergunning hoeven niet te vrezen dat deze wordt ingetrokken. Maar nieuwe aanvragers moeten steeds meer geduld hebben. De wachttijd zal ieder halfjaar ongeveer twee maanden langer worden „zodat deze in 2026 gemiddeld tot ruim twee jaar zal zijn opgelopen”.

Sommige bewoners van de binnenstad zijn blij met de aankomende veranderingen. Kieran Kaal (41) woont aan het Singel en heeft zelf geen auto. Hij vindt minder parkeerplekken een goed plan. „De verhoudingen zijn nu niet in orde. Auto’s nemen veel plek in op de kade.”

In dezelfde straat woont Charlotte Loehr (26). Zij heeft wel een auto, maar die staat altijd bij haar vriend in Amsterdam-Noord. Daar krijg je makkelijker een parkeervergunning en de tarieven zijn er lager, legt ze uit. „Maar ik vind het ook niet nodig om in het centrum te parkeren.” Ze betoogt dat je – zelfs als je een paar kratten bier wil halen – sneller bent op de fiets. „Je kiest er zelf voor om in het centrum te gaan wonen. Als je per se een auto voor de deur wil, moet je verhuizen naar buiten de stad.”

Lees ook: Bezoek aan Amsterdam krijgt prijskaartje

Loehr vindt wel dat er voor bepaalde groepen, zoals ouderen, een parkeerplek beschikbaar moet zijn. En Kaal zegt te begrijpen dat vrachtwagens in het centrum moeten kunnen stoppen, om winkels te bevoorraden. „Dat moet mogelijk zijn.”

Toch klinken er ook minder enthousiaste geluiden. Frank van Haaren (55) heeft een huis aan de Prinsengracht en staat met een marktkraam op het Waterlooplein. Zijn spullen vervoert hij altijd met de auto naar de markt. „Ik ben helemaal afhankelijk van die auto, en parkeren is nu al heel moeilijk.” Hij vreest bovendien dat vooral bedrijven uit het middensegment de dupe worden van de ontmoedigingsmaatregelen. Ondernemers „met een grote portemonnee” hebben volgens Van Haaren geld voor alternatieve transportmiddelen, of kunnen de hogere parkeertarieven betalen. In tegenstelling tot hijzelf. „Er zit voor mij een grens aan de betaalbaarheid.”

Te weinig alternatieven

In Amsterdam zijn nog te weinig alternatieven voor de auto, vindt ook Peter Staal. Hij is directeur van de Koninklijke Nederlandsche Automobiel Club. „Niet iedereen kan fietsen, en het openbaar vervoer zit propvol.” Hij vraagt zich daarnaast af wat er met de parkeerplekken die vrijkomen, gaat gebeuren. „Ik kan me niet voorstellen dat er 11.000 extra bankjes worden geplaatst.”

Foto Rob van Dullemen

De afgelopen jaren waren auto’s al steeds minder welkom in het centrum. Zo is het Muntplein autovrij geworden en werd op diverse wegen een ‘knip’ aangebracht voor autoverkeer, onder meer bij de Amstel ter hoogte van de Stopera en voor het Centraal Station. Het opheffen van parkeerplekken past ook bij het streven Amsterdam te verduurzamen. Het college van GroenLinks, D66, PvdA en SP presenteerde hiervoor al verschillende plannen in het coalitieakkoord uit 2018. Parkeren in de binnenstad ging onlangs van 5 naar 7,50 euro per uur. Een ander plan is het aardgasvrij maken van Amsterdamse woningen: voor 2040 moeten alle huizen van het gas af. Tien jaar later moeten alle gebouwen in de stad bovendien klimaatneutraal zijn.

De weg hiernaartoe krijgt aandacht in de ‘Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050’, die in januari werd gepresenteerd. De gemeente doet een aantal voorstellen, en vraagt inwoners mee te denken over veranderingen. Eind dit jaar wordt de definitieve Routekaart aangeboden aan de gemeenteraad.