Stefano Keizers werd ‘geknepen, betast en bekogeld’

Cabaret Door aan het einde van zijn voorstelling voor dood te blijven liggen, wekte cabaretier Stefano Keizers sadisme op bij bezoekers.

Als je als cabaretier aan het einde van je voorstelling voor dood neervalt, blijft liggen en geen applaus haalt, dan is dat kennelijk een vrijbrief aan het publiek om met je te doen wat het wil. Dat merkte Stefano Keizers tijdens de tournee van circa 130 optredens met zijn debuutvoorstelling Erg Heel. Terwijl hij roerloos op de grond lag, vertrokken de meeste bezoekers na enkele minuten in verwarring. Maar hij werd ook geknepen, betast, tot bloedens toe gesneden, met water overgoten, met eten bekogeld en ruw versleept, vertelt Keizers. „Ik wekte een dierlijk sadisme op.”

Lees ook: De mishandeling van Stefano Keizers: ‘Ik wek een vorm van dierlijk sadisme op’

Stefano Keizers (31 jaar) werd twee jaar geleden bekend op tv als de voortdurend van outfit veranderende deelnemer aan de populaire quiz De Slimste Mens. Keizers droeg onder meer een ‘designjas’, gemaakt van een dekbed. In NRC zei hij toen dat zijn optredens het publiek klaar zouden stomen voor zijn eerste cabaretvoorstelling, die begin 2018 in première ging. „Nu denk ik dat ik wel een stap verder kan gaan.”

Die stap verder nam hij in Erg Heel, een schitterende, ontregelende en experimentele cabaretvoorstelling. In de (juichende) recensies moest het verrassende einde verzwegen worden, maar nu de tournee voorbij is, kan Keizers vrijuit spreken. Op zo veel hardhandige, intimiderende reacties had hij niet gerekend, zegt hij. „Zodra ik neer ben gevallen, ben ik geen aanwezig mens meer ben. Ik ben een pop. Mensen praten over mij met het idee dat ik er niet meer ben.”

Het leidde tot bizar gedrag. Keizers: „Er waren momenten dat ze met zijn allen keken hoeveel pijn ze mij konden doen. Niks was te dol. Mensen dachten ook vaak dat ik acteurs had ingehuurd om dat allemaal met me te laten doen.”

In Utrecht fluisterde een man in zijn oor: ‘Eens kijken hoe hoog je pijngrens is.’ Keizers: „Hij is met een scherp object, ik denk een sleutel, in mijn pols gaan snijden en schroeven. En met zijn nagels kerven. Minutenlang. Ik bloedde en had behoorlijke sneeën in mijn arm.”

Er waren vaker mannen die de behoefte hadden om hem te terroriseren of te laten schrikken. „Ze wilden niet dat ik het spelletje won. Ik ben een paar keer in mijn kruis gegrepen. Er werd ook in mijn oor gefluisterd: ‘Ik ga je nu keihard in je reet neuken’.”

Bijna steevast werd hij door bezoekers van de grond op de brancard gehesen die onderdeel was van het decor. „Ik kreeg blauwe plekken van mensen die me goedbedoelend op wilden tillen, maar me verkeerd beethielden. Vaak werd ik in de ‘stabiele zijligging’ gelegd, waarbij bijna mijn arm uit de kom werd gerukt.”

Keizers onderging de pijnlijke behandelingen lijdzaam, omdat hij had besloten dat hij in geen geval uit zijn rol zou vallen. „Dat voornemen was heilig.” Want als het lukte, creëerde hij „theatermagie”, zegt hij.

Hij is trots op de scène, al was die misschien onverantwoord. Dat bleek in Den Bosch, waar een man hem ging reanimeren. „Met mond-op-mondbeademing, kwijlend in mijn mond. En met zijn volle gewicht op mijn ribben drukkend, tot ik dacht dat ik zou ploffen. Ik dacht: dit is het, nu ga ik dood.”

‘Ik wek een dierlijk sadisme op’ Cultureel Supplement, pagina C8-10