Shells visie dat rond 2050 nog de helft van alle energie uit fossiele brandstoffen zal komen, noemt James Hansen „een recept voor een wereldwijde catastrofe”.

Foto Michael Nagle/New York Times

‘Investeren in fossiele energie is roekeloos’

Interview | James Hansen De beroemde klimaatexpert James Hansen steunt een rechtszaak tegen Shell waarvoor Milieudefensie vrijdag de dagvaarding aanbiedt. De traditionele energiesector moet ingrijpen, vindt hij.

James Hansen, een van de bekendste klimaatwetenschappers ter wereld, neemt zelden een blad voor de mond. Al in juni 1988, toen de Verenigde Staten werden geteisterd door droogte en een van de ergste hittegolven van de eeuw, zei hij in een hoorzitting in de Amerikaanse Senaat dat de opwarming van de aarde nu echt was begonnen. Als directeur van het Goddard Institute for Space Studies (GISS) van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA hekelde hij regelmatig het klimaatbeleid van de Amerikaanse regering. In 2011 en 2013 werd hij gearresteerd bij demonstraties voor het Witte Huis tegen de aanleg van Keystone XL, een pijpleiding voor zwaarvervuilende Canadese teerzandolie.

Nu spreekt Hansen, inmiddels 78, in een open brief aan de Nederlandse bevolking, gestuurd aan Milieudefensie en in handen van NRC, steun uit voor de komende rechtszaak van Milieudefensie tegen Shell. Hij legt uit waarom Shell moet stoppen met investeringen in fossiele brandstoffen als olie en gas, zoals Milieudefensie eist. De visie van Shell dat rond het midden van deze eeuw nog steeds de helft van alle energie uit fossiele brandstoffen afkomstig zal zijn, noemt Hansen „een recept voor een wereldwijde catastrofe”. De grootschalige ‘fossiele investeringen’ van Shell sinds 2007 beschouwt hij als het „roekeloos negeren van de fundamentele rechten van Nederlandse burgers (en anderen)”.

In een telefonisch interview wijst Hansen, die een programma voor klimaatwetenschappen leidt aan Columbia University, erop dat het beleid van Shell indruist tegen alle afspraken die de wereld heeft gemaakt in de strijd tegen de opwarming van de aarde. „In het Kyoto-protocol werd in 1997 afgesproken de uitstoot van broeikasgassen te reduceren”, zegt Hansen. „Maar in werkelijkheid is die sindsdien alleen maar verder gestegen. En na dat akkoord zelfs sneller dan daarvoor. Ook het klimaatakkoord van Parijs in 2015 heeft de ommekeer nog niet gebracht. Zonder hulp van de fossielebrandstofindustrie zal het niet lukken.”

Waarom slagen landen er volgens u onvoldoende in om in te grijpen?

„Regeringen vinden het lastig om tientallen jaren vooruit te kijken. Nederland zou op dit gebied een leidende rol kunnen spelen. Al was het maar omdat het een van de meest bedreigde landen is, vanwege de zeespiegelstijging. Als de CO2-concentratie maar lang genoeg blijft toenemen, kan die stijging onomkeerbaar worden. Dat gebeurt niet in de komende decennia, maar wel op een tijdschaal van een eeuw.

„Er zijn al veel gevolgen van klimaatverandering zichtbaar. De vraag is of we zaken snel genoeg kunnen veranderen om een zeespiegelstijging van meerdere meters te voorkomen. Cruciaal is de stabiliteit van de ijsplaten op Groenland en Antarctica.

„Misschien moeten we uiteindelijk een deel van de CO2 uit de atmosfeer verwijderen. Maar het belangrijkste is dat we stoppen met het gebruik van fossiele brandstoffen. Anders komt er een point of no return en verliezen we de controle.”

Hebben we daarvoor genoeg tijd?

„Dat hangt af van het pad dat we kiezen. De traagheid van het klimaatsysteem is onze ergste vijand, maar tegelijkertijd onze beste vriend. Het is onze vijand omdat we heel lang kunnen doorgaan met de uitstoot van broeikasgassen, zonder dat we er veel van merken. Maar het is onze grootste vriend omdat het ons tijd geeft emissies te reduceren.”

Geen land zet de nodige stappen .

„En dat zal ook niet gebeuren zolang fossiele brandstoffen zo goedkoop zijn doordat we de werkelijke kosten voor de samenleving niet incalculeren. Wat we nodig hebben, is een prijs op de uitstoot van kooldioxide. Geen ingewikkelde belasting, maar een eenvoudig systeem waarbij het geld dat de fossiele industrie betaalt voor de CO2-uitstoot direct wordt teruggegeven aan de bevolking.”

Shell zegt dat we nog heel lang fossiele brandstoffen nodig hebben, omdat er geen alternatief is.

„Hernieuwbare energie uit wind en zon werkt misschien in een klein, welvarend land als Denemarken, waar ze bereid lijken de prijs te betalen. Maar op wereldschaal lukt dat alleen als we een goedkope, milieuvriendelijke vorm van energieopslag vinden. Uitgaan van 100 procent hernieuwbare energie is een verschrikkelijke gok om jongeren en toekomstige generaties mee op te zadelen.

Lees ook: Shell wist het allemaal al lang

„In het Westen hebben we onze kop in het zand gestoken toen we stopten met onderzoek en ontwikkeling van kernenergie – een schone en betrouwbare vorm van energieopwekking. Er is veel desinformatie over de risico’s van lage doses straling. Bij het enige echte incident met een kerncentrale in de VS kwam straling vrij, maar er is niemand aan gestorven. Tegelijkertijd sterven iedere dag duizenden mensen door luchtvervuiling van fossiele brandstoffen. Maar op een of andere manier maakt niemand zich daar druk over.”

Toch zijn veel milieuorganisaties huiverig voor kernenergie.

„Iedere energievoorziening heeft bezwaren en brengt risico’s met zich mee. Die moet je afwegen. Een Amerikaanse milieuorganisatie vertelde dat ze 20 procent van haar donaties zou verliezen als ze haar standpunt zou wijzigen. Veel filantropen groeiden op in de jaren zeventig tijdens de felle protesten tegen kernenergie. De geschiedenis zal streng oordelen over deze fanatici als het klimaatverhaal zich verder ontvouwt.”

U richt zich steeds meer op jongeren. Waarom?

„Jonge mensen beginnen langzamerhand te begrijpen dat ze genaaid worden. Ze zijn niet bereid om dat nog langer te accepteren, zie de schoolspijbelaars en de jonge mensen in de VS die een rechtszaak zijn begonnen tegen de staat. Mijn kleindochter is een van de klagers. Ik steun die zaak, als getuige-deskundige en als klager.

„Wetenschappers zijn vaak terughoudend om over de directe conclusies van hun onderzoek heen te kijken. Ze durven geen uitspraken te doen over de implicaties. Die voorzichtigheid is een deugd in de wetenschap, maar bij een probleem als klimaatverandering een groot gevaar voor jonge mensen.”