Foto Siese Veenstra

Anne van Dam is telkens weer op zoek naar dat goede gevoel

Golf Anne van Dam (23) is een rookie op de Amerikaanse Tour. Donderdag begint ze aan de eerste major van het jaar. „Ik kan elk toernooi winnen waar ik aan meedoe.”

Curtis Strange, een voormalige Amerikaanse wereldtopper, roemde deze winter op Twitter haar stijlvolle techniek: „One of the finest swings in golf.” Bondscoach Maarten Lafeber noemde haar eerder al „een speelster van de buitencategorie”. Het zijn complimenten waar ze blij van wordt, natuurlijk, maar ze is het eerlijk gezegd ook gewend. Van jongs af aan wordt in zulke bewoordingen over haar gesproken. Aanvankelijk werd ze er luier van, want als er vaak wordt gezegd dat je talent hebt, komt het vast vanzelf goed. Als veertienjarige werd ze geselecteerd voor Jong Oranje en in de jaren erna won ze als amateur zo’n beetje elk toernooi in Nederland. Tot ze in 2015 professional werd en zag hoe groot de internationale concurrentie is. Complimenten zijn nu vooral een stimulans.

Thuis in Amerika

Anne van Dam (23) is Nederlands beste golfster. Begin maart won ze in de Australische hoofdstad Canberra voor de vierde keer een toernooi op het hoogste niveau. Het was haar derde eindzege in nog geen zes maanden op de Europese Tour. En voorlopig ook de laatste, dit jaar zal ze voornamelijk in Amerika spelen. In november behaalde ze een startbewijs voor de LPGA. Daar spelen niet alleen de beste golfsters, het Amerikaanse circuit telt ook twee keer zoveel wedstrijden als het toernooischema in Europa. „Ik wil graag veel toernooien spelen. Op verschillende banen kijken hoe ver ik kan komen met mijn spel.”

Amerika is ook haar thuisland. Ze huurt al ruim een jaar een huis in Orlando, waar de zon bijna altijd schijnt en ze onder vrijwel ideale omstandigheden kan trainen op de perfect onderhouden baan van de exclusieve golfclub Lake Nona. Maar de terugweg uit Australië ging via Europa: een weekje Nederland, gevolgd door een paar dagen Denemarken.

Zoals gebruikelijk logeerde ze hier niet bij haar ouders in Arnhem, maar bij haar schoonfamilie in Drenthe. Lekker rustig, niet te veel prikkels. Tijd om de administratie op orde te brengen, sponsorcontacten aan te halen, vriendinnen te ontmoeten. Trainen doet ze alleen in de sportschool, de clubs komen pas weer uit de tas als ze bij haar Deense coach David Dickmeiss langsgaat.

Ze zegt ernaar uit te kijken om haar eerste serie LPGA-toernooien op Amerikaanse bodem te spelen. Helemaal nu ze weet dat Roelof Koopmans, haar vriend, voortaan ook haar caddie zal zijn. Hij besloot zijn eigen golfambities op te geven om haar aan succes in Amerika te helpen. „In Australië bedacht ik me dat ik het fijn zou vinden om elke week een vertrouwd persoon erbij te hebben. Het is toch een eenzaam, hard bestaan. Ja, ik ben straks zijn baas. Maar we zijn allebei heel relaxed, kunnen dat loslaten als we niet met golf bezig zijn. We zouden het ook niet doen als we wisten dat het misschien niet goed zou gaan.”

70 miljoen dollar

Superveel zin heeft ze om week in week uit te gaan spelen in Amerika, zegt ze. Ook in het vrouwengolf is daar alles groter dan in Europa: media-aandacht, toeschouwersaantallen en prijzengeld – in totaal 70 miljoen dollar. Haar entree in de VS gebeurt wel een jaar later dan gepland. In november 2017 kwam ze door een verkeerde „mindset”, na een zwakke tweede ronde, niet door de Qualifying School. Ze besloot te gaan spelen op de Symetra Tour om via die weg een Tourkaart te bemachtigen.

Maar op het tweede niveau van de LPGA bleek ze moeilijk overweg te kunnen met de amateuristische omstandigheden: geen publiek, slecht geprepareerde banen. „Ik was al gewend om majors te spelen, en grote toernooien op de Europese Tour. Het was lastig omschakelen. Uiteindelijk besloot ik om mijn doelen te verleggen naar Europa. Ik ging er vol voor om de order of merit te winnen.”

Ze werd tweede in dat geldklassement, achter de Engelse Georgia Hall, de huidige nummer 15 van de wereld – Van Dam staat 65ste. Maar met twee toernooizeges, laat in het jaar en allebei in Spanje, vestigde ze zich definitief in de Europese top. Dat is belangrijk met het oog op de Solheim Cup. De tweejaarlijkse wedstrijd tussen de beste golfsters van Europa en de Verenigde Staten wordt in september gespeeld op de fameuze baan van Gleneagles in Schotland en deelname staat hoog op haar verlanglijst voor 2019.

Ze gaat aan kop in het Europese tussenklassement voor de Solheim Cup, een plaats bij de eerste drie levert een uitnodiging op. Alleen zullen er niet veel punten meer bijkomen omdat de uitslagen in Amerika nou eenmaal niet meetellen. Alternatieve routes om in aanmerking te komen voor een van de twaalf plekken in het Europese team: stijgen op de wereldranglijst of hopen op een wildcard.

Golfen in teamverband

Zes jaar geleden deed ze mee aan de Junior Solheim Cup. Het is een van haar mooiste ervaringen, het leverde vriendschappen voor het leven op. Golfen in teamverband beviel haar minder goed. Slecht spelen en toch winnen, of andersom, het is maar een vreemd gevoel. Ze is geknipt voor individuele sporten, tot haar veertiende droomde ze bijvoorbeeld van olympisch succes als zwemster. „Als ik minder goed speel, vraag ik mezelf altijd eerlijk af of ik er alles voor doe. Zo ja, dan is het even niet anders. Maar ik kan mezelf ook sneller verbeteren, in een teamsport heeft vaak niet iedereen dezelfde ambities.”

Zelf is ze heel ambitieus, zo is ze ook opgevoed. Met lanterfanten moet je bij de familie Van Dam niet aankomen. Wat je doet, doe je goed en zonder zeuren. Dat kreeg ze onlangs nog maar weer eens te horen van haar vader. „Ik belde hem op vanuit Australië en liep alleen maar te klagen. Daarna schreef hij in een e-mail dat ik daarmee moest stoppen. Zoiets helpt mij enorm.”

Als rookie op de Amerikaanse Tour is ze aan het eind van het jaar tevreden met een plek in de top honderd, dat zou haar in ieder geval weer een volledige Tourkaart opleveren. „Maar het liefst win ik een toernooi en eindig ik bij de beste zestig. Dan kan ik meedoen aan de Asian Swing. Zeven toernooien op rij zonder cut, het toetje van het seizoen.”

Ze is ervan overtuigd dat het haar gaat lukken. Dat klinkt opvallend zelfverzekerd, maar ze heeft zichzelf door de jaren heen heel goed leren kennen. Ze stelt eigenlijk nooit onrealistische doelen, dat heeft ze geleerd van Eric der Kinderen, haar coach in Jong Oranje. „Soms zei hij ‘rustig aan, je bent pas vijftien, we moeten eerst nog wat dingen veranderen’. Maar hij kon ook heel motiverend zijn en mij het gevoel geven dat ik ging winnen. ‘Even de focus erop’, riep-ie dan.”

Grote verschillen

Maar kan ze ook al een major winnen? Het ANA Inspiration is het eerste grote toernooi van het jaar, en hoewel ze al zeven majors speelde kwam ze in Californië nooit eerder aan de start. „Ik kan elk toernooi winnen waar ik aan meedoe, maar er komt zoveel bij kijken. Ik voel in bepaalde weken dat het klikt. Dat gevoel is heel lastig te omschrijven. Je komt dan net weg met slechte ballen of je kijkt naar de vlag en weet gewoon dat je de bal dichtbij de hole gaat slaan.”

Zoiets ontwikkelt zich gedurende de week of zelfs tijdens een ronde, zegt ze. Soms heeft ze het gevoel drie dagen wel en de laatste dag ineens weer niet. Het is precies de reden waarom ze als tiener voor golf koos en niet voor zwemmen. „Met zwemmen ben je een paar tienden sneller of langzamer. Bij golf zijn de verschillen veel groter. Als ik vier slagen boven de baan heb gelopen, kan ik de volgende dag toch wakker worden met een goed gevoel en zomaar min acht spelen. Dat houdt mij bezig, ik vind het magisch.”