Klanken die rollen en golven

Scheepshoornconcert Geluidskunstenaar Christof Schläger maakt muziek met 144 scheepshoorns. Woensdag laat hij ze schallen over water

Foto Erika Schäfer
Foto Erika Schäfer

Nee, de scheepshoorn behoort niet tot de verfijndere blaasinstrumenten die het menselijk vernuft heeft voortgebracht. Een symfonie van 144 scheepshoorns: een helse kakofonie. Toch? Dat is buiten componist en geluidskunstenaar Christof Schläger gerekend, die uit een verzameling elementaire toeters een betoverend openluchtinstrumentarium heeft geconstrueerd. Woensdag opent het Minimal Music Festival met zijn gratis toegankelijke ‘Scheepshoornconcert’: vanaf het terras van het Amsterdamse Muziekgebouw zal muziek van onder andere Steve Reich en Arvo Pärt over het IJ schallen.

Het vooroordeel over de scheepshoorn, klopt eigenlijk wel

Het vooroordeel jegens de scheepshoorn is in feite terecht, vertelt Schläger telefonisch vanuit Herne in het Roergebied. Daar verbouwde hij een oude machinehal tot atelier. De helft van de tijd woont hij met zijn Nederlandse vrouw in Amstelveen, hij spreekt vloeiend Nederlands. Maar in Herne zijn geen buren die kunnen klagen. „Scheepshoorns zijn niet bedoeld om instrumentaal te worden gebruikt. Ze hebben een signaalfunctie”, zegt Schläger. Met andere woorden, er zit maar één standje op: kneiterhard.

Het begon in 2007 met een uitnodiging om een openluchtwerk voor de haven van Flensburg te maken. Schlägers eerste reactie was: dat kan niet. Hij had toen al decennia ervaring met het bouwen van „akoestische geluidsmachines” voor concertzalen en andere binnenruimtes. Daar gebruikte hij reguliere instrumenten voor, en die vereisen een besloten akoestiek, anders vervliegt de klank. Een installatie in een haven leek hem „onmogelijk”. Tenzij je in plaats van reguliere instrumenten, bijvoorbeeld, persluchttoeters gebruikt.

Zo werd het haventje van Flensburg het toneel van Schlägers eerste concert met dertig scheephoorns. En ontdekte Schläger wat hem sindsdien heeft beziggehouden: het geluid weerkaatste tegen de gevels van de gebouwen, echode over het water. Het creëerde een effect dat de hele haven tot klinken bracht.

Die metamorfose van geluid, daar is het hem om te doen. Behalve luisteraars op het Muziekgebouwterras rekent Schläger ook voorbijgangers tot zijn publiek: „Ik wil het lawaai van de stad transformeren tot iets dat de mensen niet lastig valt, maar verrast.”

Techniek achter het instrumentarium is ingewikkeld

De techniek achter het scheepshoornconcert is verbazingwekkend ingewikkeld. Speciale ventielen die kunnen omgaan met variabele luchtdruk – stervensduur materiaal, door sponsoren ter beschikking gesteld – maken dynamiek mogelijk.

En dan nog de scheepshoorns zelf: die worden maar in een handvol toonhoogtes gefabriceerd. Vroeger gold: hoe groter je schip, hoe lager je toeter. Dan wist je ongeveer wat er zou opdoemen uit de mist voor de boeg. Schlager houdt van dit soort „akoestische geschiedenis”. Maar wie complexe muziek wil kunnen spelen, moet flink aan de bak. In zijn atelier heeft Schläger alle 144 ketels op maat gezaagd, gelast, gestemd – een paar millimeter verschil in de buislengte heeft groot effect op de toonhoogte.

Om de klankruimte te verdiepen verdeelt Schlägers zijn instrumentarium in Amsterdam over twee plekken: de grootste installatie staat op het terras voor het Muziekgebouw, een kleinere stelling met 32 scheepshoorns op het uiteinde van de steiger. Daartussen rollen en golven de klanken. Hoe dat zal klinken laat zich nauwelijks omschrijven: „Ik probeer het al tien jaar, maar je kunt dit geluid niet opnemen. Het is een lichamelijke belevenis. Je moet het meemaken.”

Het scheepshoornconcert (Muziekgebouw in Amsterdam) begint woensdag om 19.30 uur.