Brieven

Brieven

Toen ik in 2004 als classicus voor gastcolleges aan de universiteit van Olomouc in Tsjechië verbleef, gaf ik een voordracht voor de afdeling Neerlandistiek. Die afdeling leidde tot mijn verrassing een bloeiend bestaan. „Onze studenten komen omdat Vlaanderen en Nederland economische krachtcentrales zijn. Het beheersen van de taal is daardoor gunstig voor hun loopbaan.” Op dit moment bedient de afdeling 76 hoofdvakstudenten en 20 cursisten, lees ik op hun website. In Midden-Europa geldt het Nederlands allerminst als een kleine taal. Qua aantal sprekers is Nederlands de 37ste onder de ongeveer 6.000 talen in de wereld. Er zijn bijvoorbeeld meer mensen die Nederlands spreken dan alle Scandinavische talen bij elkaar. Daar moest ik aan denken toen ik de hartenkreet van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (Stop met dat ge-Calimero, Nederlands is geen kleine taal 28/3) las. Terecht pleiten ze voor het afwerpen van de Calimeromentaliteit. Bovendien: terwijl mensen de identiteit van Nederland zoeken, wordt de taal over het hoofd gezien. Meer dan stroopwafels, Zwarte Piet of tolerantie is taal het teken van verbondenheid. Daarom hoort in de grondwet te staan: ‘Het Nederlands is de landstaal.’ Dan is er ook een grondslag om immigranten te dwingen zich onze taal eigen te maken.