Demonstrant in Londen, deze maand. „Het gevoel was dat het Britse succes niet dankzij, maar ondanks Europa mogelijk was geweest. Sterker nog: dat Europa een rem op dit succes was”, zegt Catherine de Vries.

Foto Henry Nicholls/Reuters

‘Succes en welvaart zijn de grootste vijanden van de EU’

Catherine de Vries, politicoloog

Politicoloog Catherine de Vries onderzoekt het ontstaan van euroscepticisme. Wat blijkt: als het goed gaat, groeit de kritiek op het EU-lidmaatschap.

Op de dag dat de Verenigde Naties bekendmaakten dat Nederland het op vier na gelukkigste land ter wereld is, maakte de Nederlandse kiezer van Forum voor Democratie de grootste partij. Thierry Baudet sprak die avond in zijn overwinningstoespraak over brokstukken, crisis, schemer, dood en hij vervloekte de EU.

Het zijn dit soort paradoxen die politicoloog Catherine de Vries (40) al jaren bezighouden, tot voor kort aan de Universiteit van Oxford en sinds vrijdag als hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. In haar oratie schetst ze het enigma dat ze de komende jaren verder wil onderzoeken: waarom extreme welvaart en euroscepticisme hand in hand lijken te gaan. Want anders dan je zou verwachten klinkt de felste kritiek op de EU niet in landen waar de eurocrisis diepe sociale wonden heeft geslagen: Spanje, Griekenland, Ierland. Nee, ‘exit-sceptici’, zoals De Vries ze noemt, vind je vooral in landen die het meest profiteerden van de euro en de crisis goed hebben doorstaan: Nederland, het Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk.

In haar vorig jaar verschenen boek Euroscepticisme en de toekomst van Europa liet De Vries al zien dat burgers hun mening over Europa niet zozeer baseren op wat er in Europa speelt, maar op het beeld dat ze van hun eigen land hebben. Hoe positiever dat is, hoe minder de noodzaak of het belang van de EU wordt ervaren. Des te groter de verleiding, zegt De Vries, „om te flirten met het idee dat samenwerking over de landsgrenzen heen niet langer nodig is”. En dus met noties als Brexit of Nexit. Succes en welvaart als grootste vijanden van de EU? Absoluut, zegt De Vries tijdens een gesprek in Amsterdam. „We plukken de vruchten van de boom en denken vervolgens dat we die boom helemaal niet meer nodig hebben.”

Krijgt Europa wel de schuld bij falen?

„Nee. Dat blijkt in ieder geval niet uit onderzoek. Als het niet goed gaat in een land, leidt dat paradoxaal genoeg tot méér steun voor de EU, omdat ook de problemen nationaal worden toegeschreven. Er zijn natuurlijk altijd wel politici die zwartepieten over de EU, maar als je dat te veel doet zeg je eigenlijk: ik ben onmachtig in mijn eigen land. Dat is geen goede boodschap.”

Is het harde euroscepticisme minder geworden door de Brexit-chaos in het VK?

„Het is afgezwakt. Eurosceptici zien dat ook hun kiezers zijn geschrokken. Maar dat wil niet zeggen dat het weg is. Uit een recente enquête van ons blijkt dat aanhangers van PVV, FvD en Marine Le Pen in meerderheid denken dat Brexit uiteindelijk weinig negatieve gevolgen voor het VK zal hebben. Mijn onderzoek laat ook zien dat de zorgen over Brexit niet automatisch leiden tot meer enthousiasme over de EU. Op langere termijn is Brexit een groot gevaar voor de EU, zo niet het grootste. Als emeritus-lidstaat wordt het VK voor altijd een referentiepunt: het alternatief voor het EU-lidmaatschap, dat er daarvoor nooit was. En stel je voor dat het een succes wordt. Dat kunnen we ons nu niet voorstellen en misschien duurt het heel lang voor ze herstellen. Maar het zal er niet goed uitzien als de euro op een dag weer onderuit gaat, terwijl het pond zich staande houdt.”

U zegt: de EU is slachtoffer van het eigen succes is. Wat bedoelt u daarmee?

„Brexit is deels geboren uit nostalgie naar de tijd dat het VK nog een wereldrijk was. Maar wat ook meespeelde: in de jaren voorafgaand aan het referendum ging het eigenlijk heel goed met het VK. Het was goed door de crisis gekomen, en het gevoel was al snel dat het Britse succes niet dankzij, maar ondanks Europa mogelijk was geweest. Sterker nog: dat Europa een rem op dit succes was.”

En nu volgt de ontnuchtering?

„Ja, maar ook voor de EU is het uiteindelijk een lose-lose-situatie. Een succesvolle Brexit zou er niet goed uitzien, maar een rampzalige, waarbij het de Britten niet lukt om op te krabbelen, óók niet. Dan zou Europa overkomen als een gevangenis waar je niet of alleen zwaar beschadigd uit komt. Dat is geen mooi beeld.”

Een niet te winnen wedstrijd dus.

„Hij is moeilijk te winnen. Het is een misvatting dat je de kritiek kunt doen verstommen met meer economische groei. Als het goed gaat, veroorloven we ons juist méér euroscepticisme. En dat zet een vicieuze cirkel in gang: door de kritiek krimpt de politieke speelruimte om afspraken te maken in Europees verband. En daardoor komen sneller technocratische oplossingen in beeld. Zo deed de Europese Centrale Bank tijdens de eurocrisis het werk dat eigenlijk door politici gedaan had moeten worden. En daar komt dan weer kritiek op. De ultieme uitdaging voor de EU is het vinden van positieve beelden. Nu draait het vooral om negatieve verhalen: de Tweede Wereldoorlog, het Brexit-drama. Maar als weggaan zo slecht is, waarom is blijven dan goed? Dat moet veel beter worden uitgelegd.”

Is ‘samen staan we sterker’ zo’n beeld?

„Daarmee krijg je mensen maar gedeeltelijk mee. De EU leeft transactioneel, maar niet emotioneel. Het is niet: Europa, I love it. Het is: Brexit, I hate it.”

Premier Rutte zegt sinds vorig jaar: ik ben de EU minder transactioneel gaan zien. Minder als markt.

„In de praktijk blijkt daar heel weinig van. Zijn eerste vraag blijft altijd: hoeveel kost het? Wat je ziet is dat burgers het EU-lidmaatschap beamen, maar dat ze willen weten waar de trein naartoe gaat. Welke goederen nemen we mee? En wat is het doel? Het antwoord van Rutte is dat het heel belangrijk is, maar ook te duur. Dat klinkt niet als een aanbeveling.”