Recensie

Recensie Muziek

Silbersee geeft zeldzaam pure uitvoering van Luigi Nono

In Stimmung II zet muziektheatercollectief Silbersee Luigi Nono’s Das atmende Klarsein op het programma. Componisten Arnold Marinissen en Giuliano Bracci schreven elk een commentaar.

Foto Jan Van den Bossche
    • Joep Christenhusz

Stimmung heet het concertformat dat Silbersee sinds vorig jaar wijdt aan nieuwe muziek voor de menselijke stem. Trapte het muziektheatercollectief de eerste editie af met Stockhausens gelijknamige compositie voor zes zangers, dit jaar staat Nono’s Das atmende Klarsein op het programma. Componist Arnold Marinissen en de in Nederland woonachtige Italiaan Giuliano Bracci schreven elk een commentaar.

Utopisme is een understatement waar het de muziek van Luigi Nono (1924-1990) betreft. Stond zijn vroege werk in teken van een bespoediging van de communistische klassenstrijd, in zijn verstilde late oeuvre mikte de componist op een radicale herijking van ons luisteren. Voorbij het lawaai en de schone schijn. Tastend op zoek naar nauwelijks hoorbare verten.

Zo laat Das atmende Klarsein (1981) zich omschrijven als een serene wake voor het ongehoorde, waarin uitgepuurde passages voor acht zangers stuivertje wisselen met elektroakoestische secties voor basfluit.

In het Muziekgebouw imponeerde een voortreffelijk spelende Helen Bledsoe (fluit) donderdag met een bezwerend betoog van suizende boventonen, tikkende kleppen en lispelende blaasklanken, die elektronisch versterkt door de ruimte dwarrelden in een klankregie van Wouter Snoei. Met een kristalheldere, vibratoloze koorklank en een loepzuivere intonatie stonden de zangers van Silbersee garant voor een zeldzaam pure uitvoering.

In Se non in ombra e specchio baseerde Giuliano Bracci zich op tekstfragmenten van de renaissancefilosoof Giordano Bruno. Uit open kwinten, kwarttoonbuigingen, binnensmonds geneurie en subtiele glijtonen trok hij een meditatief klankbeeld op. Een uit zijde geweven koorcompositie, die traag in zichzelf rond wentelde en daaraan genoeg had.

Voor Transits liet Arnold Marinissen zich inspireren door een kort gedicht van de Amerikaan Dan Albertson. ‘Streams’ luidde in de openingsmaten de tekst onder een telkens opnieuw uitwaaierende koorharmonie. Ironisch genoeg bleek het muzikale betoog dat volgde nogal brokkelig. In fluitsolo’s, ruisende tapeklanken en koorsecties etaleerde Marinissen een reeks interessante ideeën die echter een dwingende vorm ontbeerden.