De onvoorspelbare kunst van het vangen van emoties

Fotograaf Olaf Kraak over het thema van de maand april, ‘Nederland Sport’.

Bij gebrek aan tegenstand in Nederland spelen de Tilburg Trappers al drie jaar in Duitsland. Delaney Hessels in actie tijdens de wedstrijd tegen Rostock, vorige maand.
Bij gebrek aan tegenstand in Nederland spelen de Tilburg Trappers al drie jaar in Duitsland. Delaney Hessels in actie tijdens de wedstrijd tegen Rostock, vorige maand. Foto Olaf Kraak

„Er zijn maar weinig plekken waar zoveel emotie opeengestapeld ligt als bij een sportwedstrijd. De kunst van sportfotografie is om die emoties te vangen.” Al zo’n dertig jaar bevindt Olaf Kraak zich met zijn camera op plekken waar sport bedreven wordt. Voetbalvelden, atletiekbanen, racecircuits. Zes Olympische Spelen maakte hij onder meer mee, zomer en winter. „Olympische Spelen zijn het summum voor een fotograaf. Daar gaat het alleen maar om winnen of verliezen. Meer emotie vind je niet.”

Olympische Spelen zijn voor een sportfotograaf sowieso ‘een heerlijkheid’, volgens Kraak. „De venues zijn mooi, alles is prachtig uitgelicht. Geen lelijke boardings vol reclame op de achtergrond, alleen maar gekleurde olympische ringen en sporters op de toppen van hun kunnen. Die foto’s zijn esthetisch mooi. Niks geen rommel. Het enige wat je ziet is sport.”

Een beetje geluk

In februari van dit jaar volgde hij ijshockeyclub Tilburg Trappers die wegens gebrek aan tegenstand hun wedstrijden al drie jaar in Duitsland spelen. Ook al zo’n fotogenieke sport. „IJshockey heeft niet zoveel aandacht in Nederlandse kranten, maar is zo ontzettend leuk om te zien. Alleen al die felgekleurde pakken. En het gaat heel snel; soms is er gescoord, maar nergens een puck te bekennen! Als fotograaf moet je af en toe een beetje geluk hebben.”

Dafne Schippers

De voorbereiding is een belangrijk onderdeel van het vak. Toch lopen de dingen soms niet helemaal zoals gepland. Zo ondervond Kraak bij de 100 én 200 meter van Dafne Schippers op de Olympische Spelen in 2016 in Rio. „Hadden we met vier man van tevoren uitgedokterd wat ze ging doen als ze over de streep kwam: dáár gaat ze over de finish, dáár gaat ze juichen, dáár gaat ze de vlag halen.” Alles perfect voorbereid. Wat denk je? „Ze won helemaal niks!” En dan? „Snel schakelen, inspelen op wat je voorgeschoteld krijgt.” Een teleurgestelde Schippers dus, op een heel andere plek dan verwacht.

Spuuglelijke stadions

Een van de mooiste sporten om te volgen, tegelijk misschien wel de meest lastige, is voetbal. „Je bent volkomen gebonden aan de plek waar je zit. Zal je net zien dat het gejuich of het verdriet zich precies aan de andere kant van het veld afspeelt. Volkomen onvoorspelbaar.” En dan die stadions in Nederland, spuuglelijk vindt hij ze vaak. „Kijk maar eens goed naar de achtergronden bij voetbalfoto’s: altijd vol met reclameborden, muren en stewards in gele hesjes. Vooral bij fotografen doet dat pijn aan de ogen.”

Eigen twist

Een goede sportfoto is volgens Kraak meer dan alleen maar een mooi plaatje. „Op een redactie komen in korte tijd duizenden foto’s binnen. Als je wilt dat ze de jouwe eruit pikken, moet je meer leveren dan alleen maar een registratie. Dat kan iedereen. Een goede foto heeft ook inhoud, geeft aan wat zich heeft afgespeeld. Heeft een dubbele laag. Als je er dan ook nog een eigen twist aan kan geven met een mooie compositie of kleur, krijgt de foto misschien een tweede blik.”

Mensen staren zich vaak blind op lenzen als kanonnen. Nergens voor nodig, volgens Kraak. „Als je geen telelens hebt, moet je gewoon geen foto’s van de overkant willen maken. Wacht tot de actie naar je toe komt. Gebeurt dat even niet, dan is dat frustrerend, maar dan gebeurt het heus een volgende keer.” En die dure camera’s van tegenwoordig die meerdere beelden per seconde maken? „Daar worden de beelden echt niet beter door. Vroeger konden camera’s dat ook niet, en toen maakten ze toch ook al erg mooie foto’s.”

Details en schoonheid

Sportfotografie is snel, zit vol beweging. In het begin misschien lastig, maar goed onder de knie te krijgen, simpelweg door het heel vaak te doen. „Vooral de techniek om bijvoorbeeld scherpe foto’s te maken, kan iedereen aanleren.” Maar er komt meer bij kijken: „Het zien van de details en de schoonheid van de sport is niet iedereen gegeven. Geen probleem, want daarin kan je je dus juist onderscheiden.”

Zijn belangrijkste advies voor wie een mooie foto van zijn of haar kind op het sportveld wil maken: „Ga op je ‘krent’ zitten; hoe lager je standpunt, hoe beter. Je hebt dan als kijker het gevoel dat je midden in de actie zit. Negen van de tien keer is ook de achtergrond mooier. In Nederland zit je met je camera regelmatig achter een boarding van één meter tien. Dat valt meteen op. In Engeland zit de fotograaf vaak net boven het gras. Prachtig, je weet niet wat je ziet.”

Het thema van april is: Nederland sport. Inzenden en stemmen kan tot 26 april 17:00u op nrc.nl/fotowedstrijd.