Recensie

Recensie Boeken

Alleen rechts bevindt zich in een filterbubbel

Media De uitkomst van het Mueller-onderzoek deze week stelde de Amerikaanse media voor de vraag: zijn er voorbarige conclusies getrokken? Een monumentale studie biedt inzicht in manipulatie in media en politiek.

Oud-FBI-directeur en speciaal aanklager Robert Mueller.
Oud-FBI-directeur en speciaal aanklager Robert Mueller. Foto EPA

Staan we alweer voor paal, klaagde columnist David Brooks in The New York Times, nadat president Trump in het langverwachte Mueller-rapport was vrijgepleit van samenspanning met Rusland. Jarenlang werd het onderzoek gezien als een opmaat naar de ondergang van de twitterende wereldleider. Maar daar was de anticlimax: no collusion. Op veel redactielokalen zal een katerige zelfreflectie zijn begonnen. Was het fake news?

Als troost kunnen journalisten van Amerikaanse mainstream media grijpen naar Network Propaganda, een monumentale studie naar manipulatie, desinformatie en radicalisering in media en politiek. Drie academici gingen (op basis van vier miljoen artikelen uit 40.000 nieuwsbronnen) na of en in hoeverre die factoren van invloed zijn geweest op de verkiezingscampagne van 2016 en het eerste jaar van Trump.

Lees ook: Dit gebeurt er als je uit je informatiebubbel breekt

De kern van hun bevindingen, gepresenteerd in kleurige grafieken, diagrammen en woordwolken, is even verrassend als simpel. Het heersende idee dat Amerikanen door de polarisatie in het land in gescheiden bubbels leven, waarin alleen informatie doordringt die hun wereldbeeld bevestigt, klopt niet. Of beter gezegd, het klopt voor de helft: de rechterhelft. Overtuigend laat het trio zien dat er inderdaad een rechtse mediabubbel bestaat, waarin propaganda eindeloos wordt rondgepompt, maar geen linkse. Links blijkt in veel grotere mate ‘open’ te zijn en dwarsverbindingen te hebben met de mainstream media dan rechts. Wie verslingerd is aan Fox News (30 procent van de bevolking, onder wie Trump), krijgt nauwelijks informatie uit andere bronnen. Het ‘ecosysteem’ van de Amerikaanse media is asymmetrisch.

Rechtse mediacritici zullen dat zien als bevestiging van hun overtuiging dat de mainstream media zélf uitgesproken links zijn en niet objectief of neutraal. Geen wonder! Maar de data van de onderzoekers wijzen iets anders uit: het gebruik van gevestigde nieuwsbronnen (met klassieke journalistieke technieken zoals hoor en wederhoor of verificatie) heeft een dempend effect op linkse uitingen aan de marge. Terwijl aan de geïsoleerde rechterkant die corrigerende uitwisseling met mainstream media juist ontbreekt.

Vrijuit brullen

Geruchten, desinformatie en complottheorieën kunnen dus juist in dat rechtse ‘ecosysteem’ tot grote hoogte stijgen, zonder toetsing of correctie achteraf. De linkse leeuw ligt aan de ketting, de rechtse kan vrijuit brullen. Twee pregnante voorbeelden illustreren dat. Tijdens de campagne stak een gerucht de kop op dat Trump een 13-jarig meisje had verkracht (er lag een aangifte, die werd ingetrokken). Het verhaal werd verspreid door linkse activisten, maar viel plat in de mainstream media, waar het direct werd ontzenuwd. Heel anders verging het een paranoïde gerucht over de Clintons: het echtpaar zou betrokken zijn bij een pedofilie-netwerk dat kinderen misbruikte op een ‘orgie-eiland’. Rechtse media pompten het maandenlang rond (maar corrigeerden het nooit).

De Amerikaanse historica en Washington Post-columnist Anne Applebaum is gespecialiseerd in desinformatie en de bestrijding daarvan. Lees ook: ‘Mensen hebben de online revolutie onderschat’

Network Propaganda nuanceert ook een paar andere vermoedens over de campagne, zoals het idee dat Facebook en het IT-bedrijf Cambridge Analytica er een doorslaggevende rol in zouden hebben gespeeld. Het gevaar van online fake news of statistisch micro-management van kiezersdata is reëel, maar de auteurs vonden geen bewijs dat die nu al een significante rol hebben gespeeld. ‘Oude’ media als Fox News, kabel-tv en radio waren veel belangrijker in het verspreiden van anti-Clinton-retoriek en frames.

Hoe is de asymmetrie ontstaan? De auteurs zoeken de verklaring in de Reagan-jaren, toen de conservatieve revolte tegen de culturele omwentelingen van de jaren zestig vaart begon te krijgen. Het idee van ‘objectieve’ journalistiek stond al zwaar onder druk, bij zowel links als rechts. Maar terwijl die kritiek voor links vooral een academische hobby bleef, maakte rechts werk van het oprichten van nieuwe, sterk ideologische informatiekanalen, zoals het praatprogramma van Rush Limbaugh (in 1990 al op 300 radiostations, met 5 miljoen luisteraars) en later met Fox News, dat de rechtse opinievorming vrijwel beheerste. Maar ook de mainstream media treft blaam, beweren de auteurs, door hun neiging tot false balance (het geven van evenveel ruimte aan partijen in een conflict, al heeft de een aantoonbaar ongelijk) en door hun verslaving aan schandalen en primeurs, die tot tunnelvisie kan leiden – zie ‘Russiagate’.

Vrome remedie

De remedie die de onderzoekers aandragen, klinkt redelijk maar al te vroom: alle zeilen bijzetten om objectieve, professionele journalistiek te bevorderen. Ga er maar aan staan, in een opgefokte en gepolariseerde natie. Eerder zou je benieuwd zijn naar een vervolg op dit onderzoek. Is het door Trump gehate CNN sinds zijn zege inmiddels een spiegelbeeld geworden van Fox News? Heeft The New York Times werkelijk consequent vastgehouden aan de journalistieke normen van verificatie, weging en proportionaliteit?

Kunnen Nederlandse media iets leren van deze studie? Hier is in elk geval de pers pluriformer, met een rechts instituut, dagblad de Telegraaf, dat doorgaans wél gerekend wordt tot de mainstream media. Televisie is een ander verhaal; de laatste echt rechtse professionele journalist daar heette Wibo van de Linde. In dat gat zijn inmiddels de twitteraars gesprongen.