Hoe rust en menselijk contact luxegoederen zijn geworden

Technologie Offline gaan is een statussymbool. „Je moet je telefoon inleveren, en daar moet je nog voor betalen ook.” Digitaal ‘detoxen’ is hip en er wordt graag voor betaald.

Het zijn stevige wandeltochten, de ‘TerugTrekkings’ die ondernemer Daan Vennix organiseert in de meest afgelegen berggebieden van IJsland en Spanje. „Deelnemers moeten hun telefoon voor een week inleveren”, zegt hij. „Ik heb alleen een prepaid-telefoontje bij me, waarvan maar een paar mensen het nummer hebben, in geval van nood. Onbereikbaar zijn voor alles en iedereen, en alleen zijn in de stilte. Dat kan ervoor zorgen dat je ineens veel dieper kunt nadenken over jezelf en over je leven.”

Het gaat er behoorlijk basic aan toe: deelnemers, onder wie bijvoorbeeld directieleden van bedrijven, dragen zelf hun tentje en moeten een eigen slaapzak meenemen. Kosten: vanaf 1.700 euro per persoon, exclusief vliegtickets en btw.

Of neem het nieuwste model van het exclusieve Zwitserse telefoonmerk Punkt, de MP02. De minimalistisch ontworpen telefoon wordt geleverd in een chique zwart doosje, in iPhone-stijl. Hij is extra verzwaard zodat hij lekker stevig in de hand ligt, ondanks de geringe omvang van iets meer dan een bankpas.

Deze telefoon is zo gemaakt dat hij zo min mogelijk kan. Bellen, sms’en, meer niet (maar in geval van nood kan hij wel een internetverbinding maken). Hij kost 329 euro. Voor minder dan de helft heb je een simpele Android-smartphone die wél alles kan.

Prijskaartje

Offline zijn is snel een luxeproduct aan het worden. Het is in grote steden al een tijdje een statussymbool om met Facebook te stoppen. Hippe Amsterdamse muziekfestivals zoals Georgies Wundergarten verzoeken bezoekers dringend om hun smartphone in een kluis te leggen. En veel bedrijven en merken spelen de laatste tijd in op de behoefte om digitaal te ‘detoxen’. Daar hangt een prijskaartje aan. Veel mensen willen blijkbaar graag betalen voor het menselijke contact, de rust en de focus die er voor de massa steeds minder in zit.

Het doet denken aan hoe het eens een statussymbool was om dik te zijn, terwijl nu jaarlijks meer mensen doodgaan aan te veel eten dan aan te weinig. Juist dun zijn is een teken van welvaart omdat gezond eten, veel sporten en eventueel een klein beetje chirurgische hulp nou eenmaal duurder zijn.

De trend van het digitale afkicken door de elite heeft alles te maken met de razendsnelle democratisering van technologie. Hoewel Apple hard zijn best doet door zijn nieuwste modellen steeds duurder te maken, is een dure iPhone of Samsung allang geen elitair bezit meer. Het is een bekend patroon: eerst is de nieuwe techniek een luxe, dan wordt het noodzaak, en vervolgens keert de elite zich ervan af. Dat gebeurde met de trein, met de televisie. De grootverbruikers van de tv en het spoor behoren allang niet meer tot de bovenlaag van de samenleving. Het vliegtuig nemen is ook voor bijna iedereen normaal. Maar waar de trein, het vliegtuig en de televisie er vele decennia over deden om van elite- naar massaproduct te gaan, heeft de smartphone die hele cyclus binnen een jaar of 15 doorlopen.

Lees ook: Tijd om digitaal te ontspullen

‘Luxificatie van interactie’

En als de oude luxe nu een massaproduct is, moet de elite toch op zoek naar andere manieren om zich te onderscheiden en voorop te lopen. Milton Pedraza, de directeur van het Amerikaanse advies- en onderzoeksbureau Luxury Institute, zei afgelopen week tegen The New York Times: „Wat we nu zien is de luxificatie van menselijke interactie.” Hij ziet een direct verband met de alomtegenwoordigheid van schermen. „In het onderwijs, de zorg, allerlei andere bedrijven, iedereen zoekt naar manieren om de ervaring die ze bieden menselijker te maken. De mens is nu heel belangrijk.”

Je gaat naar de natuur, je moet je telefoon inleveren, en daar moet je nog voor betalen ook

Ook op technologieconferenties gaat het veel over humanizing technology: het vermenselijken van technologie. Weg van het scherm, terug naar menselijk contact. Er zijn allerlei nieuwe start-ups zoals Moda Operandi, Fusion Academy en Hello Alfred die gebruikers in contact brengen met bijvoorbeeld klusjesmannen en schoonmakers. En dan „mensen die je bij naam kent” in plaats van de steeds wisselende app-werkers in de standaard digitale klusjeseconomie, waarbij klanten en aanbieders steeds aan iemand anders worden gekoppeld. Maar menselijk contact is nou eenmaal duurder dan contact met een algoritme.

„Onze tochten in IJsland en Spanje zijn ook een luxeproduct natuurlijk”, zegt Daan Vennix. „Je gaat naar de natuur, je moet je telefoon inleveren, en daar moet je nog voor betalen ook. We zijn in een wondere wereld terechtgekomen.”

Afstand nemen van het scherm

Tegelijk zou het kunnen dat er juist bij de meer praktische beroepen minder behoefte is om afstand te nemen van het scherm, zegt Vennix: „Ik kan me voorstellen dat consultants meer druk ervaren om ’s avonds nog werkmails te beantwoorden of online te zijn voor het werk dan bijvoorbeeld een winkelmedewerker met duidelijke openings- en sluitingstijden. En het blijft ook gewoon een keuze om de smartphone uit te zetten natuurlijk.” En die keuze is niet alleen beschikbaar voor de elite. Vennix organiseert op 10 mei een ‘Nationale Offline Dag’, waarop hij hoopt dat 100.000 mensen in Nederland mee gaan doen.

En als zo’n offline-dag niet de definitieve verlichting brengt, is er altijd nog de mogelijkheid om een weekje te boeken in een van de vele digital detox resorts die er de laatste jaren bij zijn gekomen. Neem Petit St. Vincent in de Cariben. Die vijfsterren-accommodatie, gelegen aan een wit tropisch strand is helemaal vrij van wifi en schermen. „In plaats daarvan communiceert u met onze medewerkers via ons signature vlaggensysteem”, staat er op de site. Als je een gele vlag hijst komt de room service, de rode vlag betekent: niet storen. Je zit er vanaf 5.500 euro per week.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.