Opinie

    • Ellen Deckwitz

Weg met dit taboe

Onlangs las ik dat minstens een op de drie kinderen in Nederland ooit seksueel misbruikt is en dat de helft van de slachtoffers er permanent door is beschadigd. Dat eerste vond ik schokkend, van dat laatste kon ik niet slapen. We worden nog steeds geacht ervan uit te gaan dat elke vorm van letsel overkomelijk is, want dat houdt de moed erin. Dat je kan genezen van een traumatische gebeurtenis als van een beenbreuk, en daarna weer vrolijk het donkere bos in huppelt.

Dat iets door seksueel misbruik onherstelbaar kapot gaat is een afschuwelijke gedachte. Iemand gaat zijn gang en het slachtoffer heeft de gevolgen tot aan zijn/haar dood te torsen. Dat besef kwam nog veel harder aan doordat ik net de nieuwe roman van Manon Uphoff had gelezen, Vallen is als vliegen, waarin ze vertelt over de jaren waarin haar vader zich ontelbare malen aan haar en haar zussen vergreep. Hoe het misbruik hen veroordeelde tot een slachtofferschap waar niet uit te komen valt en dat tegelijkertijd geen deel kan uitmaken van de identiteit. Want je mag niet zwak zijn. Je moet je geschiedenis te boven komen. Lijden loutert, als dat niet gebeurt heb je iets verkeerd gedaan.

De laatste tijd stellen steeds meer deskundigen dat kindermisbruik in ons land een epidemie is. Het werd me koud om het hart toen ik bij Uphoff daarover het volgende las:

„Ik zeg tegen mezelf: vlei jezelf toch niet dat deze geschiedenis ook maar in enig opzicht buitengewoon of uniek is. Hoe eigenaardig, schunnig of idiosyncratisch die in specifieke details ook mag zijn… jullie verhaal is onderdeel van een conventie.”

Een conventie die, zo blijkt uit onderzoek, van generatie op generatie wordt doorgegeven. Een keten die gedijt bij het taboe, bij het zwijgen. Bij het terugdeinzen om onze kinderen uit te leggen dat misbruikers niet altijd griezels in bosjes zijn, maar ook bekenden kunnen zijn, familie, mensen die ze vertrouwen. Bij de weerzin om aan je kroost/leerlingen/verwanten toe te geven dat onze wereld, hoe erg we ons best ook doen, potentieel onveilig is.

Diverse experts zeggen dat er meer openheid naar kinderen moet komen. Om erger te voorkomen. Om doorgeven te voorkomen. Zelfs al is het voor veel slachtoffertjes in zeker opzicht al te laat. Want hoe goed je als overlevende later ook de pijn, de morele ambivalentie en de machteloosheid onder woorden leert brengen (magistraal in het geval van Uphoff), verwoorden leidt niet per se tot verwerken. Om het met Uphoff te zeggen: „Er was een hiervoor. Een hiervoor dat blijft.” Laten we er in ieder geval voor zorgen dat het taboe om erover te spreken verdwijnt, voor zowel de kinderen als degenen die hen willen beschermen.

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.