Recensie

Recensie Uit eten

Geen laffe Spaans/Hollandse borrelhapjes maar echte tapas

Foto Rob van Dullemen

Begin jaren negentig – oma vertelt – was het Spui in Amsterdam uitgaansgebied voor mensen die het op en rond het Rembrandtplein wat te wild vonden. Op een paar honderd vierkante meter hoopten populaire gelegenheden zich op: café Hoppe, De Zwart en brasserie Luxembourg, en dan had je nog Dante en de Koningshut. Toen ruim een kwart eeuw geleden de Spaanse tapasbar Català neerstreek, was dit een welkome aanwinst. Tapas zijn natuurlijk ideaal eten tussen de bedrijven van het bier drinken door, het dempt het hongergevoel en het behoedt voor al te royale katers.

Bij Català (waar Johannes van Dam ook kwam, hij woonde erboven) heb je prima uitzicht op eerder genoemde cafés en ja, we zien van een afstandje inderdaad filosoof André Klukhuhn het bierglas heffen met schrijver Allard Schröder.

Català claimt de eerste echte tapasbar van Nederland te zijn, iets wat lastig valt te controleren, maar zeker is dat de tapas echt zijn, geen laffe, Spaanse variatie op Hollandse borrelhapjes. De gerechten zijn vooral Catalaans, de menukaart is ook in die taal (en Engels), maar de Spaanse bediening weet met rudimentair Engels en Nederlands goed te vertellen wat er op tafel komt. Ooit had het een andere eigenaar die terug naar Spanje ging, maar de kok is nog steeds dezelfde. Opvallend is dat het hier helemaal niet alleen om tapas, die deels in een koeling op de bar uitgestald staan, gaat. Er staan veel ‘volwassen’ gerechten op de kaart die je met gemak avondvullend zou kunnen noemen.

Onze ogen zijn toch weer groter dan onze maag, we bestellen (te) veel. We gaan van start met pa amb tomàquet (4,50), dikke plakken gul brood, geroosterd en voorzien van knoflook, olie en tomaat… lekker! Van de bar nemen we een grappig gerechtje van pulpo, inktvis, met doperwtjes, gestoofde paprika, rozijnen en marjolein (5,50)… een bijzondere smaak, de erwtjes komen weliswaar uit de diepvries, maar hebben wel bite. Ook komt er pittige chorizo op tafel (7,50), in plakjes gesneden verse worst in olie gebakken, erg pittig en vettig en vreselijk aantrekkelijk. Vervolgens wagen we ons aan een royale schaal met scheermessen, grote garnalen en langoustines (24,90). Deze schaal- en schelpdieren komen simpel met wat verse bladpeterselie en grote parten citroen, prima, alleen jammer dat de langoustines te lang op de plaat lagen en dus droog zijn.

Eigenlijk zijn we de tapas nu al voorbij, er komen louter grotere gerechten op tafel, zoals lamsworstjes met ratatouille, omringd door partjes gebakken aardappelen (14,90). De lamsworstjes zijn van binnen nog goed sappig en pittig, de hoeveelheid ratatouille valt ons een beetje tegen, de pittige aardappeltjes zijn er in overvloed. Prima, maar niet bijzonder genoeg.

Om ons groenteverlangen tegemoet te komen bestellen we nog een portie wilde spinazie met pijnboompitten, knoflook en rozijnen. Gelukkig is de spinazie niet in vochtige drab veranderd, maar de tafelgenoot acht het nodig de prijs (10,90 euro) om te rekenen in guldens en ja, het is behoorlijk aan de prijs voor dit gerechtje. De prijzen bij Català zijn sowieso net zo pittig als hun chorizo.

Ondertussen worden we terug in de tijd gekatapulteerd met muziek uit de jaren dat we hier vaak kwamen; Sandra zingt nog eens dat ze never nooit niet Maria Magdalena zal zijn en we krijgen visioenen van haarmatjes in de nek. Naast ons bestellen Zwitserse toeristen een Spritz („we don’t have, it’s Italian”) en vervolgens nachos („we don’t have, it’s Mexican”) om uiteindelijk voor olijven te gaan, veilige keus. Iets verderop willen een paar Japanners ‘something sweet’ en krijgen ze crema catalana.

Wij drinken ondertussen een frisse Verdejo uit de Rueda (5,90) en Rioja Crianza (5,90), de firma Torres doet hier goede zaken, maar het is ook uitstekende wijn voor in deze bar.

Fijn om hier weer eens te zijn, maar de Spuistraat is behalve uitgaan ook trekpleister voor toeristen geworden en voor Català blijft het een opgave niet verdrukt te worden door de smaak van de massa.

Journalist en recensent Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.