Moord Anne Faber gevolg van ‘falend systeem’

Onderzoeksrapporten De onachtzaamheid die P. ten deel viel, is geen incident, maar het gevolg van een aanpak. Iemand is meer patiënt dan dader.

De forensisch psychiatrische kliniek FPA Utrecht waar Michael P. zat.
De forensisch psychiatrische kliniek FPA Utrecht waar Michael P. zat. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Michael P., de man die Anne Faber ter dood bracht, kreeg te snel te veel vrijheid, omdat de risico’s dat hij opnieuw de fout in zou gaan onvoldoende werden onderzocht en onderkend. Dat kwam mede doordat instanties langs elkaar heen werkten. Die fouten zijn geen incidenten geweest maar het gevolg van een falend systeem. Dat zijn de harde conclusies van drie rapporten die donderdagochtend zijn gepresenteerd.

Mede door die fouten kon P. op de avond van 29 september 2017 de 25-jarige Utrechtse studente Anne Faber van haar fiets trekken, vastbinden, verkrachten en vermoorden. Twee weken later werd haar lichaam gevonden in een natuurgebied nabij Zeewolde. P. bleek haar daar begraven te hebben. Hij was toen al gearresteerd.

Twee minderjarige meisjes

P., had onder meer in 2010 twee minderjarige meisjes verkracht. Uit de rapporten blijkt dat direct bij het begin van zijn detentie zijn specifieke problemen zijn onderschat. In een psychiatrische gevangenis in Vught, waar hij een celstraf van twaalf jaar uitzat, zijn de „onderliggende psychiatrische problemen en mogelijk aanwezige zedenproblematiek” bij P. onvoldoende erkend, concluderen de Inspectie Justitie en Veiligheid en Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Hij werd vooral behandeld voor „gewelddadig handelen” en amper voor zijn zedenproblemen. Daardoor is het risico dat hij opnieuw een zedendelict zou begaan vanaf het begin verkeerd ingeschat.

Toen hij later werd overgeplaatst naar een ggz-kliniek in Den Dolder om te gaan werken aan zijn terugkeer in de samenleving, is de informatie over zijn zedenverleden nauwelijks gedeeld – ook doordat P. dat zelf niet wilde. Zo kreeg P. in Den Dolder te snel te veel vrijheden, zonder begeleiding. Of hij zich aan de voorwaarden hield, werd niet gecontroleerd.

Uit de rapporten blijkt ook dat instanties die betrokken moesten zijn bij de resocialisatie van P. niet erg samenwerkten. Zo werd het Openbaar Ministerie (OM) niet op de hoogte gehouden van de eventuele vrijheden van P. in Den Dolder. Hij kreeg die vrijheden bovendien al vóórdat de reclassering daarover geïnformeerd was. En door een adminstratieve fout bij het ministerie van Justitie en Veiligheid kreeg de gemeente Zeist geen brief over komst van P., terwijl dat wettelijk wel moet.

Lees ook: In de kliniek was Michael P. een modelpatiënt

De casus van P. is geen incident, maar het gevolg van een falend systeem, blijkt uit het rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV). Instellingen betrokken bij de detentie van P. zijn op zorg gericht: iemand is meer patiënt dan dader. Risico’s van bepaalde personen raken daardoor buiten beeld. Door die zorggerichte cultuur zijn instellingen volgens de OVV terughoudend met het delen van gegevens over patiënten. Als een dader van een gevangenis naar een kliniek gaat, wordt er onvoldoende informatie gedeeld. Het systeem dat Justitie heeft ingericht om te beslissen over plaatsing van gedetineerden in de forensische zorg werkt niet. Ook worden risico’s op recidive volgens de OVV onvoldoende in kaart gebracht. Bestaande instrumenten worden onvoldoende of niet gebruikt.

Minister Dekker

In een brief aan de Tweede Kamer erkent minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) dat er „fouten” zijn gemaakt door de overheid in de zaak van Michael P. Dekker schrijft ook dat 21 personen die voor een ernstig gewelds- of zedenmisdrijf veroordeeld zijn, zich onterecht deels vrij in de maatschappij konden bewegen. Hun vrijheden zijn inmiddels ingetrokken of opgeschort.

De familie van Anne Faber „stelt het op prijs dat minister Dekker in een persoonlijk gesprek de verantwoordelijkheid van de overheid heeft erkend en waardeert het dat hij namens de overheid aan hen excuses heeft aangeboden”, zo staat in een eerste reactie. De conclusies van de rapporten noemen ze „schokkend”. „De invulling van de verantwoordelijkheid bestaat slechts administratief. Een papieren werkelijkheid die niet overeenkomt met de realiteit. Met fatale gevolgen. [...] Dat er binnen de gevangenis en in de kliniek zulke grote fouten gemaakt zijn, mag niet zonder gevolgen blijven.”

Met medewerking van Kim Bos