Kelly Moran

Foto Tim Sacenti

Kelly Moran eist op Rewire schroeven tussen de pianosnaren

Interview Kelly Moran legt uit waarom ze op festival Rewire in Den Haag voor avontuurlijke muziek op een geprepareerde piano speelt. “Ik maak me al zorgen als ik met mijn zak vol schroeven door de douane moet.”

De Lutherse kerk in Den Haag is een statig, bijna twintig meter hoog kerkgebouw. Een zaalkerk, achttiende-eeuws, met een orgel uit dezelfde tijd en met grote, koperen kroonluchters. Een perfecte locatie voor de serene muziek van pianiste Kelly Moran. Maar ze had eerlijk gezegd ook pal om de hoek kunnen spelen in poppodium Paard, waar haar ruimtelijke, elektronisch gemanipuleerde muziek net zo goed past. En tegelijk zou het niemand verbazen als Moran tien minuten lopen verderop stond geprogrammeerd in de Koninklijke Schouwburg.

De muziek van Moran past bij al die verschillende zalen. Net als de klassiek geschoolde pianiste zelf, die ook een studie geluidstechniek deed, in punkbands speelde, haar vorige album liet produceren door metalgitarist Colin Marston van Krallice, en met haar neo-klassieke muziek onmiskenbaar tegen dance aanschurkt. Moran staat met één been in die elektronische muziekwereld, en met één in de hedendaags klassieke.

Moran speelt geprepareerde piano. Naar voorbeeld van pionier John Cage, heeft ze schroeven en bouten tussen de snaren gemonteerd. Daardoor klinkt meer als een gamelanorkest of een hakkebord dan een piano. Metalig en organisch, etherisch en dromerig. „Ik wil het normale geluid van een piano vervagen, op zoek naar een uniek geluid”, vertelt Moran vanuit haar woonplaats New York. „Ik word blij als mensen mijn muziek horen en niet weten dat het een piano is, dat ze denken dat het een heel ander instrument is.”

Moran speelt deze week op het Rewire Festival in Den Haag de muziek van haar laatste album, Ultraviolet, dat in november uitkwam. Het is haar eerste album voor platenlabel Warp Records, gespecialiseerd in elektronische muziek. Klonk haar muziek voorheen wel eens donker en gedragen, op Ultraviolet is het bij vlagen zo licht als veertjes. Niet toevallig, zegt ze. „Ik speel deze keer totaal onbevangen, omdat de composities niet helemaal met opzet tot stand kwamen. De muziek manifesteerde zich als het ware… als dat niet te raar klinkt.” Moran vertelt hoe ze zich stuk aan het bijten was op muziek die ze in opdracht componeerde, stilistisch buiten haar comfortzone. Dat leverde zoveel stress op, dat ze een lange boswandeling ging maken, om vervolgens thuis zonder nadenken te gaan spelen. „Ik liet me helemaal meevoeren in improvisaties, uren achter elkaar. Ik heb nog nooit zoveel piano gespeeld op één dag.”

Ik kan heel goed een piano prepareren zonder hem te beschadigen

Vibrators

Ze had het opgenomen en ontdekte dat ze het eigenlijk allemaal erg goed vond. „In de maanden erna heb ik alles uitgeschreven en geleerd hoe ik moest spelen wat ik had geïmproviseerd, en daarna de elektronica eroverheen gemaakt. Het was echt een pure reactie op hoe ik mentaal had geworsteld met die opdracht. Ik was totaal ongeremd, en volgens mij kun je dat horen op het album.” Lachend: „Mijn pianoleraar zei: eindelijk klink je niet zo depressief!”

Het herkenbare geluid van haar geprepareerde piano had ze eigenlijk juist afgezworen. „Het kostte mij voor m’n vorige album, Bloodroot, de grootste moeite om een zaal in New York te vinden waar ik m’n album kon presenteren. Ze wilden nergens dat ik hun vleugel prepareerde. Ik snap de terughoudendheid, maar het is frustrerend want ik kan heel goed een piano prepareren zonder het instrument te beschadigen.” Nu ze toch weer een album met die techniek heeft gemaakt, loopt ze tegen hetzelfde probleem op. „We zijn nu bezig met optredens in Europa en er zijn al een paar zalen geweest die mij geboekt hebben, en daarna zeggen: ‘oh trouwens, we hebben even met onze pianostemmer gesproken, en die zegt dat je de piano niet mag prepareren’. Daar begrijp ik echt niets van. Ze hebben mij toch geboekt vanwege mijn muziek? Als je me dat niet wil laten doen, boek me dan niet.”

Een andere manier van prepareren is niet echt een optie, zegt Moran, ook al heeft ze wel eens tochtstrips geprobeerd. Ze bewondert de Duitse pianist Hauschka die met pingpongballetjes en zelfs een setje vibrators in zijn piano heeft gespeeld. „Ik ben meer een minimalist met mijn preparaties geloof ik. Ik maak me al zorgen als ik met mijn zak vol schroeven door de douane moet. Ik kan me niet voorstellen hoe dat moet zijn voor zo’n dude met een tas vol vibrators, haha. ‘Geen zorgen, het is voor mijn piano!’”

Echt speciaal ijzerwerk is het ook weer niet wat Moran in haar piano schroeft. „Je kunt ze overal krijgen. Soms als ik ergens ben en ik zie een schroef op de grond liggen, dan steek ik ’m in mijn zak. Ja dat klinkt vast raar, maar door alleen de vorm van zo’n schroef te zien weet ik al hoe die klinkt in een piano. Ik heb er inmiddels zo veel mee gewerkt, dat ik er eentje zie en meteen weet: oooh dat is een goeie, die moet ik meenemen.”

Lafawndah vertolkt haar avant-garde pop deze week live op Rewire. Lees ook: Lafawndah: ‘Ik wil een eiland zijn waar anderen kunnen aanmeren’

De zintuigen van Moran zijn sowieso een geval apart. Ze heeft synesthesie, een vermenging van de zintuigen. Ze associeert kleuren met noten en toonsoorten, wat volgens haar weer samenhangt met haar absolute gehoor, dat haar in staat stelt zonder referentie een toon te identificeren. Zo is het tweede nummer van Ultraviolet, ‘Helix’, volgens Moran hartstikke blauw. „Het is in es klein, of B-majeur. Dat is altijd heel blauw voor mij: allerlei vormen van doorzichtig blauw, heel donkerblauw ook. ‘Nereid’, wat voornamelijk in A of D is, vind ik heel erg rood en oranje.” Ze heeft het al sinds ze klein is, en in een toneelstuk op school ineens allerlei associaties had bij de liedjes die ze moest zingen. „Ik kan niet uitleggen waarom. Ik heb wel het idee dat het mijn muziek verrijkt. Het voelt alsof ik een klein superkrachtje heb.”

Moran op Rewire: zaterdag 30 maart, Lutherse kerk, 22.00 uur. Inl: rewirefestival.nl

Aanvulling, 2 april: In een eerdere versie stond dat in de Lutherse Kerk in Den Haag een Italiaans orgel uit de achttiende eeuw staat. Dat is wel zo, maar het orgel waar hier op wordt gedoeld is gemaakt door Johann Bätz, een Nederlander van Duitse komaf. Wel ook achttiende-eeuws.