Het design voor de America’s Cup ligt al klaar, maar geld is er nog niet

Zeilen De week van de waarheid voor DutchSail, dat in 2021 wil meedoen aan de America’s Cup. Nederland ziet zichzelf als kanshebber. Maar dan moet deelname wél financieel haalbaar zijn.

Schipper Simeon Tienpont, hier op de boot van AkzoNobel tijdens de Volvo Ocean Race van 2017-2018, is ervan overtuigd dat Nederland een winnende boot tijdens de America’s Cup kan hebben.
Schipper Simeon Tienpont, hier op de boot van AkzoNobel tijdens de Volvo Ocean Race van 2017-2018, is ervan overtuigd dat Nederland een winnende boot tijdens de America’s Cup kan hebben. Foto Francisco Leong/AFP

De teambasis van DutchSail in de jachthaven van Scheveningen stelt nog niet veel voor. Bij de voordeur hangt nog geen naambordje. Pas bij binnenkomst op de derde verdieping een poster van de America’s Cup. In een verder kale en open ruimte staan hier en daar wat tafels en stoelen, twee laptops en een printer.

Een strakblauwe lucht en spiegelende Noordzee als uitzicht. De vissersboten die iets verderop liggen moeten ergens anders heen als hier ooit om de Auld Mug – een 168 jaar oude trofee – wordt gevaren. Ze dromen er al voorzichtig over.

Maar: eerst maar eens zorgen dat er straks een Nederlands team bij is, als in Nieuw-Zeeland voor de 36ste keer om de Cup wordt gezeild.

Want ook al is de allereerste Nederlandse inschrijving voor het evenement eind december geaccepteerd, deelname is nog niet zeker. De knoop wordt uiterlijk komende maandag doorgehakt. Dan is duidelijk of het financieel haalbaar is.

Het is een ambitieus project, weet initiatiefnemer en schipper Simeon Tienpont (37), die de America’s Cup in 2010 en 2013 won met het Amerikaanse Oracle. Maar hij is ervan overtuigd dat Nederland een winnende boot in het water kan krijgen voor het oudste sportevenement ter wereld. „We moeten volgende maand gewoon aan de slag”, vertelt hij. Dan wil hij mensen gaan aannemen en beginnen met het bouwen van de boot.

Over een jaar móét er een wedstrijdboot zijn, als in Italië de eerste selectieraces beginnen – de World Series. Terwijl de Amerikanen en de Britten al een testboot in het water hebben liggen, is DutchSail nog niet eens begonnen met het bouwen daarvan. Eerst moet het startkapitaal bij elkaar zijn geharkt. En daar is Tienpont al „heel ver” mee, maar nog niet ver genoeg.

Ontwerp van Team New Zealand

Door de late inschrijving loopt Nederland bijna een jaar achter en ontbreekt de tijd om zelf een boot te ontwerpen. Daarom is vorige maand een deal gesloten met titelverdediger Team New Zealand, dat het basisontwerp levert. Hierdoor kan Nederland straks direct beginnen met de bouw. „We weten dat daar heel veel tijd van heel goede designers in zit”, zegt Eelco Blok (61), tot voor kort topman bij KPN en nu de baas van DutchSail.

Met deze deal maakt Nederland een achterstand van zo’n dertig jaar goed, zegt Tienpont gekscherend. Nieuw-Zeeland laat zijn boot al in juni te water, en de ervaring die zij daarin opdoen wordt gedeeld. Zodat DutchSail dat kan meenemen tijdens de eigen bouw. Blok: „Dit betekent dat je een serieuze kanshebber bent.”

Dat Nederland in deze voorrangspositie werd getrokken, bleef niet onopgemerkt bij andere uitdagers, zoals American Magic. Dat tekende protest aan tegen de Nederlandse inschrijving. „Daar had ik als ik hen was ook wel even ruchtbaarheid aan gegeven”, zegt Tienpont. „Maar ja, het is uitgespeeld in ons voordeel.”

Lees ook het interview met Carlo Huisman, die met Team New Zealand meedoet aan de America’s Cup.

Leren van de grote broer

Waarom zou Nieuw-Zeeland geheimen prijsgeven in een wedstrijd waarin innovatie de doorslag geeft? Simpel. Hoe meer uitdagers aan de start verschijnen, hoe interessanter het wordt. „En als ze kijken naar ons is het alsof ze zichzelf dertig jaar geleden zien”, zegt Blok.

Nederland ziet zeilnatie Nieuw-Zeeland als grote broer. Als land waarin de America’s Cup niet het speeltje van een geldschieter is – het Amerikaanse Oracle zou in 2013 in één klap meer dan 100 miljoen dollar hebben ontvangen – maar het project van een heel land. Zoals Tienpont en Blok het ook willen. De twee zien het als de belangrijkste reden dat Nieuw-Zeeland met een aanzienlijk lager budget en kleiner team dan de concurrentie al driemaal de Cup won.

Dan nog is er veel geld nodig. Heel veel geld. Een campagne voor de America’s Cup loopt in de tientallen miljoenen euro’s. Tienpont noemt geen cijfers. Wel dat er „een bedrag ter grootte van een Volvo Ocean Race” nodig is om de komende twee jaar de staf te betalen, en dat dit ruim een derde van het budget beslaat. Het budget van de Chinese boot Dongfeng, dat de laatste editie van de oceaanrace won, bedroeg 21 miljoen euro.

Aan draagvlak ontbreekt het op dit moment nog in Nederland, in tegenstelling tot Nieuw-Zeeland, waar het zeilteam in roem vergelijkbaar is met de All Blacks, de succesvolle nationale rugbyploeg. De wil is er wel, als het écht gaat gebeuren, zegt Tienpont. „We hebben het nu nodig om op gang te komen.”

Kennis, kunde en goede zeilers zijn er in overvloed in Nederland. Toch is de America’s Cup relatief onbekend, en dat valt niet uit te leggen in een land dat alles in huis heeft op maritiem gebied, zelfs nog meer dan in Nieuw-Zeeland, vindt Tienpont. De America’s Cup gaat namelijk niet alleen om die races van zo’n drie kwartier per dag, in maart 2021.

De Cup is met zijn innovaties een nat laboratorium gebleken. Door de handen ineen te slaan kan deelname de Nederlandse kennis en kunde wereldwijd verspreiden, en bijdragen aan grotere vraagstukken. Het ontwikkelen van een boot die letterlijk over het water vliegt, helpt bijvoorbeeld mee aan de ontwikkeling van drijvende windmolens. En tijdens de vele trainingskilometers zullen sensoren de nog onbekende stromingen in de Noordzee in kaart brengen.

Want ook al gebruikt Nederland het basisontwerp van de Nieuw-Zeelanders, het cruciaalste onderdeel moet op eigen bodem worden ontwikkeld: de draagvleugel onder de boot. Deze foil tilt de romp boven het water uit, zodat de boot gaat ‘vliegen’. De boten kunnen topsnelheden boven de negentig kilometer per uur bereiken. Tienpont: „In dat stukje hydro- en aerodynamica is Nederland wereldleider.”

Lees ook: De boten vliegen nu over het water

Met traditioneel zeilen heeft dit weinig meer te maken. De boten lijken op vliegtuigen zonder motor. Puur spektakel: zeilen met een helm op.

Krachtpatsers

Carolijn Brouwer en Peter van Niekerk gaan op jacht naar vijftien bemanningsleden: elf op de boot, vier als reserve. Komende zomer is bekend wie dat zijn. Naast tactici zijn ook pure krachtpatsers nodig. Roeiers kunnen interessante kandidaten zijn, die moeten dan maar even twee jaar lang een snelstoomcursus zeilen krijgen.

Brouwer, tweevoudig wereldzeilster van het jaar, wil dolgraag aan het roer. Ze zou de eerste stuurvrouw zijn in de America’s Cup. Ze lijkt een zekerheidje aan boord bij DutchSail. Ook windsurfer Dorian van Rijsselberghe, twee keer olympisch kampioen, wil meedoen. Tienpont ziet dat als een groot compliment: „De bekendste zeiler van Nederland die zegt dat dit boven alles staat wat hij ooit heeft bereikt.”

En wat als het laatste beetje startkapitaal deze week niet wordt behaald? Is alle moeite dan voor niets geweest? Tienpont: „Dit moet gewoon gaan lukken. En zo niet, dan zijn we er in elk geval ruim op tijd bij voor de volgende America’s Cup.”