Opinie

    • Ellen Deckwitz

Familiefeest

Afgelopen weekend hadden we familiefeest en dat was zo vlak na de verkiezingen levensgevaarlijk. Ik ken geen andere familie die qua opvattingen zo gevarieerd is als de mijne: de een liep mee in de Klimaatmars, een ander werkte jarenlang voor Shell, een derde heeft campagne gevoerd voor Thierry en een vierde stond tomatensponzen uit te delen voor de SP. Ik ken ook geen andere familie die zijn mening zo luid ventileert.

„Het is jullie schuld”, begon mijn linkse neef tegen mijn rechtse. „Jullie stoken en vergroten daardoor de polarisatie.”

Mijn rechtse neef beet hem toe dat als links jarenlang niet had gedaan alsof alle problemen rondom migratie en allochtonen zich vanzelf zouden oplossen, we nu niet met de gevolgen zouden zitten. Toen riep de docentenkant van de familie dat dat hele migratievraagstuk gewoon een afleidingsmanoeuvre van de coalitie was om niet extra te hoeven investeren in het onderwijs, waarop mijn VVD-ooms ontploften, vervolgens riep een achternichtje nog iets over de opwarming van de aarde en bam daar ging de sfeer, en het was nog maar tien uur ’s ochtends.

Het werd een kakofonie van meningen die allemaal ongetwijfeld goed doordacht waren, maar die niemand kon horen want iedereen blèrde door elkaar heen.

Ik denk dat de medewerkers van de midgetgolfbaan waar we de familiedag hielden er toch iets anders van hadden verwacht. Zij zagen een schuimbekkende club volwassenen die maar door elkaar heen brulden, hun statements kracht bijzettend door flink te zwaaien met diverse midgetgolfclubs. Ik stond erbij en keek ernaar. Het was net Twitter, maar dan in 3D en met Dolby Surround.

Ik nam de kinderen mee om een ijsje te halen. Terwijl ik hen van softijs voorzag en de familieruzie op de achtergrond dreigde te ontaarden in een knokpartij die je normaal gesproken alleen bij Asterix en Obelix tegenkomt, moest ik denken aan wat een vriendin me onlangs vertelde over astronauten. Om geselecteerd te worden voor een ruimtemissie wordt niet als eerste gevraagd naar hun cv, technische staat van dienst of conditie, maar gewoon of ze aardig zijn. Of ze met anderen, hoe verschillend ook, samen kunnen werken.

En terwijl ik mijn familie zo zag bekvechten dacht ik: jezus. Hoe moeilijk kan het zijn. Aardig doen. Tegen mensen die toevallig een andere mening hebben. Te horen wat de ander te zeggen heeft, in plaats van er meteen een karikatuur van te maken. Vanwege je vooroordelen over de ander hun mening bij voorbaat al afdoen als waardeloos. Energie verspillen in demoniseren in plaats van in doordenken, kijken waar we samen kunnen komen.

Ik bestelde nog een tweede ronde ijs voor de kinderen. Aardig doen, dat leek me nog niet eens zo’n slecht plan. Straks gaan onze kinderen nog denken dat stemrecht hetzelfde is als schreeuwrecht.

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.