Bestuurlijke chaos bij Huis voor Klokkenluiders

Meldingen van misstanden Sinds 2016 heeft het Huis voor Klokkenluiders, bedoeld om melders van misstanden bij te staan, nog altijd geen enkel onderzoek naar misstanden afgerond.

Toenmalig voorzitter Paul Loven en Kamerlid Ronald van Raak bij de opening van het Huis voor Klokkenluiders in 2016.
Toenmalig voorzitter Paul Loven en Kamerlid Ronald van Raak bij de opening van het Huis voor Klokkenluiders in 2016. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Twee bestuurders van het Huis voor Klokkenluiders, dat melders van misstanden bijstaat, zijn vorig jaar opgestapt nadat dreigde uit te komen dat zij in het verleden betrokken waren bij slecht afgehandelde klokkenluiderszaken. Bij een van de kwesties is ook de huidige voorzitter van het Huis betrokken.

Dat blijkt uit onderzoek van NRC en onderzoeksplatform Follow the Money. Het Huis voor Klokkenluiders gaat gebukt onder torenhoge verwachtingen en tegenvallende prestaties. De in Utrecht gevestigde organisatie is actief sinds 1 juli 2016 maar heeft nog geen enkel onderzoek naar door melders aangekaarte misstanden afgerond.

De Expertgroep Klokkenluiders, een belangen- en lotgenotengroep uit Culemborg, heeft een sterke hand gehad in het aftreden van de twee bestuurders, Lex de Lange en Erwin Muller. Topambtenaar en jurist De Lange was in de zomer van vorig jaar kortstondig interim-directeur bij het klokkenluidersinstituut. Muller, decaan en hoogleraar Veiligheid en Recht aan de Universiteit Leiden, was in het eerste half jaar van 2018 interim-bestuursvoorzitter van het Huis.

Muller trad af op het moment dat RTL Nieuws een item in voorbereiding had over zijn opmerkelijke dubbelrol bij de zaak van een Noord-Hollandse klokkenluider. Deze vrouw, een agogisch werker bij GGZ Noord-Holland-Noord, kaartte in 2014 aan dat er dubieuze medische experimenten werden uitgevoerd op patiënten.

De GGZ zette de vrouw onder druk, waarna zij ziek werd en vertrok. Later belandde haar zaak bij het Huis voor Klokkenluiders, waar Muller op dat moment bestuursvoorzitter was. Hij was toen ook lid van de Raad van Toezicht van de GGZ-instelling.

Die wilde de vrouw niet rehabiliteren, ondanks aandringen van de Expertgroep Klokkenluiders. Twee dagen voordat RTL hierover zou berichten, deed Muller – wiens klus toch al ten einde liep – een stap opzij, waarna de uitzending werd geschrapt.

Verschoond

Volgens Muller had zijn vertrek niets te maken met de naderende publiciteit, maar zat zijn taak er op. Over zijn dubbelrol zegt hij: „Uit hoofde van mijn toenmalige functie als interimvoorzitter heb ik geen enkele betrokkenheid met deze zaak gehad. Ook bij betreffende organisatie waar ik toezichthouder ben, heb ik mij verschoond van deze zaak.”

Lex de Lange, afgelopen zomer kortstondig interim-directeur bij de klokkenluidersorganisatie, overkwam iets vergelijkbaars. Terwijl De Lange, oud-topambtenaar van diverse ministeries, zich warm liep voor een klus bij het Huis, kruiste zijn pad met dat van Gerrit de Wit – oprichter van de Expertgroep Klokkenluiders.

„Weet jij wie ik ben”, vroeg De Wit aan De Lange. Die kwam niet verder dan dat zij waarschijnlijk elkaar hadden ontmoet op het voormalige ministerie van VROM, in de jaren negentig. De Wit herinnerde De Lange vervolgens aan een langlopende klokkenluidersaffaire op dat departement. De Wit meldde indertijd intern fraude en corruptie, De Lange was de ambtenaar die de meldingen onderzocht.

Toen De Wit die zaak op dreigde te rakelen, besloot De Lange de eer aan zichzelf te houden. „Mijn directeurschap heb ik na korte tijd neergelegd omdat de discussie over mijn onderzoek uit 1997 met zich mee zou kunnen brengen dat ik mijn functie niet zou kunnen uitoefenen zoals dat mij voor ogen stond”, zegt hij daarover.

In opdracht van minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) onderzoekt een commissie onder leiding van voormalig CDA-politicus en jurist Pieter Jan Biesheuvel de benoemingen bij het Huis voor Klokkenluiders. Dit onderzoek richt zich met name op de huidige voorzitter van het Huis: Wilbert Tomesen.

Deze voormalig officier van justitie volgde Erwin Muller op, maar was eveneens betrokken bij de klokkenluiderszaak van Gerrit de Wit. In 2006 achtte Tomesen een strafrechtelijk onderzoek naar meldingen van De Wit en een collega over ambtelijke corruptie niet nodig.

De vraag is of Tomesen hierover open kaart heeft gespeeld. En of hij „gezien zijn verleden überhaupt geschikt is als voorzitter van een organisatie die melders van misstanden bijstaat”, zegt De Wit, die de zaak aankaartte bij Ollongren. Die heeft onlangs twee nieuwe bestuursleden benoemd bij het Huis, bijzonder hoogleraar Entertainment Media and Social Change Martine Bouman en Peter van der Meij, oud-bestuurder van onderzoeksbureau Ecorys.

Botsing

De problemen met de bestuurdersbenoemingen staan niet op zichzelf. Eerder onthulde NRC dat een (inmiddels vervangen) werknemer van het Huis door de AIVD was gedetacheerd. Die informatie was niet bij iedereen bekend en leidde tot een botsing binnen het vorige bestuur, dat eind 2017 opstapte vanwege interne twisten en een vernietigend rapport daarover.

Lees ook: AIVD’er gedetacheerd bij Huis voor Klokkenluiders

Vanaf volgende week gaat de Tweede Kamer zich actief bemoeien met het Huis voor Klokkenluiders. In eerste instantie zou de Nationale Ombudsman het disfunctioneren onderzoeken, maar die heeft deze week die opdracht teruggegeven, omdat hij dat een taak voor de politiek vindt.

Ronald van Raak (SP), inititiefnemer van het Huis voor Klokkenluiders: „Het adviseren van klokkenluiders gaat heel langzaam, onderzoeken zijn er niet. Na drie jaar moet het Huis stoppen met zeuren en aan de slag gaan.” Van Raak wil dat de Tweede Kamer de regie overneemt. Op 3 april is er daarom een besloten gesprek in de Kamer met betrokkenen. Daarna volgt een openbaar debat met Ollongren. „Ik ben klaar met alle onderzoeken, er moet nu echt iets gebeuren,’ zegt Van Raak.

Voor klokkenluiders die hun zaak hebben aangebracht bij het Huis maakt dat weinig uit. Veel van hen zijn al maanden in afwachting van een oordeel of vervolgstap door het Huis, dat kampt met grote achterstanden. Een aantal klokkenluiders heeft bij de media en de politiek zijn beklag gedaan over het slecht functionerende klokkenluidersorgaan.

Voorzitter Wilbert Tomesen wil niet reageren op vragen over zijn benoeming of het disfunctioneren van zijn organisatie om onderzoek daarnaar niet voor de voeten te lopen.

Uit het recent verschenen jaarverslag blijkt dat sinds medio 2016 bij het Huis 50 verzoeken tot onderzoek zijn ingediend. 28 daarvan werden niet ontvankelijk verklaard, over 8 wordt nog nagedacht. De resterende 14 zaken zijn nog in onderzoek. Daarnaast adviseerde het Huis 461 melders van misstanden.