Scott Walker voelde zich een vreemde in de popwereld

Scott Walker 1943-2019, muzikant In de jaren zestig betoverde Scott Walker het radiopubliek met de liedjes van The Walker Brothers. Later verkoos hij experiment boven popsucces.

Scott Walker
Scott Walker Foto Lex van Rossen

Scott Walker, zanger van The Walker Brothers en maker van soloplaten die in toenemende mate experimenteel werden, is op 76-jarige leeftijd overleden. In de late jaren zestig betoverde Walker het radiopubliek met hits als ‘The Sun Ain’t Gonna Shine Anymore’ en ‘Make It Easy On Yourself’ van The Walker Brothers. Zijn rijke bariton was het middelpunt van breed uitwaaierende, orkestrale popmuziek die ontsteeg aan de trends van de tijd. Als solist zocht hij de vrijheid en de expansie die hij kende uit jazz en filmmuziek. Hij beïnvloedde velen, van David Bowie tot Thom Yorke en van Goldfrapp tot metalband Baroness.

Scott Walker werd als Noel Scott Engel geboren in Hamilton, Ohio. Als zoon van een manager in de olie-industrie woonde hij op verschillende plaatsen, voordat hij in 1959 met zijn Canadese moeder neerstreek in Californië. Na ervaringen als kind-acteur en tienerster koos hij voor de basgitaar, die hem sessiewerk en een plek in de live-bezetting van The Surfaris opleverde. In werkelijkheid haatte hij surfen en had hij meer aandacht voor jazz en de Europese cinema van Bergman en Fellini.

In 1964 ontmoette hij zanger John Maus, die het pseudoniem John Walker hanteerde. Met drummer Gary Leeds begonnen ze The Walker Brothers, geen echte broers maar wel alle drie met de aangemeten achternaam Walker. Om de Amerikaanse dienstplicht te ontwijken, verhuisden ze naar ‘swinging’ Londen. Hun orkestrale popgeluid, deels beïnvloed door de Wall of Sound van Phil Spector, sloeg aan. ‘Make It Easy On Yourself’ werd een nummer-1-hit in Engeland en het begin van internationaal succes. Scott Walker verklaarde later dat de rol van popster hem niet lag; hij werd panisch wanneer de groep door gillende meisjes werd bestormd. Ook leed hij aan ernstige plankenkoorts. „Microfoonangst is een onmisbaar onderdeel van mijn zangstijl”, zei hij over het drama in zijn voordracht.

Met Scott 1, 2, 3 en 4 bracht hij begin jaren zeventig een reeks invloedrijke solo-albums, waarvan de vierde met alleen eigen werk het hoogst werd aangeschreven. Hij omarmde de countrymuziek en zijn muziek werd formalistisch en voorspelbaar. The Walker Brothers kwamen opnieuw bij elkaar voor de hit ‘No Regrets’ en het fantasierijke album Nite Flights. Na een periode van herbezinning keerde Scott Walker in 1984 terug met het album Climate of Hunter vol trance-opwekkende avant-gardepop. Het experimentele Tilt diende zich in 1995 aan als een verkenning van het randgebied tussen minimale pop en modern klassieke muziek. Het resultaat klonk angstaanjagend en esoterisch.

Lees ook de Jan Vollaards recensie van Tilt uit 1995: Doodsbenauwd om te zingen

Zijn ‘gewone’ zangstem liet Walker nog zelden horen, met uitzondering van de ballade ‘Only Myself to Blame’ voor de soundtrack van de James Bondfilm The World is Not Enough. Berucht werd de manier waarop hij het slaan op lappen vlees als percussiemiddel gebruikte voor het album The Drift uit 2006, gevolgd door het even ondoorgrondelijke Bish Bosch (2012) en de samenwerking met noisecollectief Sunn O))) op Soused (2014). Achter de schermen werkte hij mee aan soundtracks van avant-gardefilms.

„Ik voelde mij een vreemde in de popwereld”, verklaarde hij zijn vlucht na de succesjaren. Zijn magnifieke bariton was een gift van de goden; het bijbehorende popsucces kon hem gestolen worden.