Opinie

Europa mag zich niet uitleveren aan land zonder democratie

EU in de wereld

Commentaar

Op de EU-top eind vorige week in Brussel bogen de regeringsleiders zich over twee dossiers die de relatie tussen de Europese Unie en de buitenwereld de komende jaren in hoge mate zullen bepalen. Ze spraken over het afscheid van het Verenigd Koninkrijk en over de nieuwe economische dreiging van grootmacht China.

Op de eerste dag eiste het moeizame vertrek van het VK zomaar acht uur vergadertijd. Over een nieuwe, toekomstige relatie met het VK kon nog niet gesproken worden. Op dag twee stond een assertievere houding in de relatie met China centraal, een land dat sinds kort als gevaarlijke concurrent wordt gezien. De Europese Commissie heeft China aangemerkt als „systeemrivaal”. Ook al denken ze in Westminster dat ze alle tijd hebben, de wereld draait door en het is goed dat de EU-leiders oog hebben voor nieuwe gevaren.

De Britse premier Theresa May kreeg een beetje uitstel voor Brexit. De datum van uittreding werd verschoven van 29 maart naar 22 mei, mits May de deal die ze met de EU sloot door het Lagerhuis weet te krijgen. Lukt dat niet, dan moet May uiterlijk 12 april zeggen hoe het verder moet – als ze dan nog in functie is. De verschoven deadlines waren overigens pijnloze concessies voor de EU. En ook al hadden de regeringsleiders uren nodig om tot overeenstemming te komen, uiteindelijk kozen ze één lijn. Het is te hopen dat ze dat volhouden.

Dag twee was voor China, voor de toekomst van de EU minstens zo belangrijks als Brexit. De EU, stelt de slotverklaring, blijft streven naar vrijhandel, maar wil zich beter beschermen tegen onfaire handelspraktijken van anderen. De Europese aanbestedingsregels zouden daartoe gewijzigd kunnen worden. Ook moeten er meer mogelijkheden komen om buitenlandse investeringen te beoordelen op risico’s voor de veiligheid. De verklaring noemde China niet, maar iedereen weet wie is bedoeld. Europa, is de gedachte, moet een nieuwe industriepolitiek ontwerpen en meer innoveren om het duel met China aan te kunnen.

De top gaf een voorproefje van de wending die het debat in de EU kán nemen als vrijhandelskampioen VK eenmaal vertrokken is. Eerder stuitte de roep om maatregelen tegen China op een cluster van noordelijke landen die meer naar vrijhandel neigen. Nu was er ruimte voor een assertiever, Franser geluid.

Naast de scheidslijn tussen vrijhandelaren en protectionisten toont ‘China’ ook hoe moeilijk de EU op één lijn te houden is, zelfs ten overstaan van een gezamenlijke uitdaging van buiten . In weerwil van de kritische EU-houding, steunt Italië formeel de Chinese ‘Nieuwe Zijderoute’, het immense infrastructuurproject dat Azië met Europa moet verbinden. Italië is het eerste grote EU-land en eerste G7-lid dat het Belt and Road Initiative (BRI), zoals het officieel heet, omarmt. Italië ondertekende een memorandum met China en sloot transacties met een waarde van enkele miljarden euro’s. De Zijderoute is onder andere omstreden omdat het de afhankelijkheid van China vergroot.

Het zal niet de laatste keer zijn geweest dat de verlokkingen van Chinese investeringen schuren met onontbeerlijke waakzaamheid tegenover een land dat economisch en politiek enorm van Europa verschilt. Europa mag zich niet uitleveren aan een grootmacht die niets ziet in marktwerking en democratie en die het niet zo nauw neemt met mensenrechten. In de strijd om Brexit mag Europa geen concessies doen die de EU beschadigen.