Een gered huis vol boeken en cultuur

Huis De Pinto Tweemaal gered door buurtbewoners: in de jaren 60 kwam de ‘snelweg’ tot stilstand voor het Pintohuis, vijf jaar terug werd het géén kantoor.

Sint Antoniesbreestraat en Huis De Pinto, 1975.
Sint Antoniesbreestraat en Huis De Pinto, 1975. Foto Collectie Anefo

Als een wit fort stond Huis De Pinto eind jaren zestig in een kaalgeslagen Nieuwmarktbuurt. De gemeente Amsterdam had grootse plannen met deze historische wijk: er moest een vierbaans autoweg komen via de Jodenbreestraat naar het Centraal Station. Bijna was ook deze voormalige patriciërswoning bezweken. „Hier om de hoek ligt de brug over de Zwanenburgwal”, zegt Rein van der Gaag, vrijwilliger in het Huis De Pinto aan de Sint Antoniesbreestraat. „Die is aangelegd op snelwegbreedte”.

Er moest een vierbaans autoweg komen via de Jodenbreestraat naar CS

Aankomende week viert het Pintohuis, zoals het meestal wordt genoemd, het vijfjarig jubileum dankzij een tweede geslaagde reddingsactie. Er komen tal van feestelijke activiteiten en er is de uitgave van het jubileumboek Huis De Pinto 5 Jaar. Zeven jaar geleden dreigde sluiting van het pand nadat het vanaf 1975 dienstdeed als dependance van de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA). Met de verhuizing van de hoofdvestiging van de OBA in 2007 van de Prinsengracht naar de Oosterdokskade werd de toekomst ongewis, en was sluiting bijna onvermijdelijk.

De entree en leestafel van Huis De Pinto Foto G.J. van Rooij/Huis De Pinto

Het pand is nu een ontmoetingsplek in de vanouds roerige Nieuwmarktbuurt. Daar hebben net als in de jaren zestig buurtbewoners voor gezorgd. Deze wijk telt vanouds kunstenaars, kleine neringdoenden en ambachtsbedrijfjes. Protestdemonstraties, acties en de befaamde ‘Nieuwmarktrellen’ voorkwamen dat de wijk ten prooi viel aan afbraak voor auto’s en metro. De Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad kraakten het huis, dat behouden bleef. De snelweg kwam tot stilstand bij het Pintohuis. Althans, deze mythe houden buurtbewoners graag in stand. „Het huis geldt als symbool voor een leefbare stad en als mijlpaal tegen het grootschalige sloop-nieuwbouw-denken”, aldus Welmoed Koekebakker, voorzitter van Stichting Huis De Pinto.

Omwonenden in verzet

De sluiting van de bibliotheek leidde opnieuw tot acties. Inmiddels wilde de nieuwe eigenaar Stadsherstel het als kantoorpand verhuren. Maar daar nam de buurt geen genoegen mee. Omwonenden kwamen opnieuw in verzet. Uiteindelijk moest de bibliotheek eind 2012 toch haar deuren sluiten, maar gelukkig kreeg het huis een buurtfunctie. Mascha ten Bruggencate van D66, voorzitter van stadsdeel Centrum, ziet dit belang nog altijd in. Zij erkent dat op een plaats waar de toeristenstroom zo groot is, „er een mogelijkheid moet zijn dat mensen elkaar kunnen ontmoeten”.

Van der Gaag coördineert mede de zeventig vrijwilligers die het Pintohuis draaiende houden. Rechts van de entree bevindt zich de ontvangstruimte met leestafel. De plafondschilderingen in de vergulde cassettes zijn in de jaren zeventig gemaakt door kunstenaar Nicolaas Wijnberg; verscholen in een hoekje zien we een fiets in een verder illustere entourage. In 2018 trok het Huis De Pinto 20.000 bezoekers. De gemeente draagt met subsidie bij aan huur- en organisatiekosten. Verder komen inkomsten uit vergaderingen, lezingen, verhuur van de benedenruimte en culturele en sociale bijeenkomsten. Stadsherstel verhuurt de bovenverdiepingen aan de kantoren van de Waag Society.

Concert tijdens Rembrandtfestival in de bibliotheekzaal. Foto Jan van Goor/Huis De Pinto

Het was een slimme gedachte in het Pintohuis een ruilbibliotheek te vestigen, als voortzetting van de vroegere bibliotheek. Een oproep aan buurtbewoners om boeken te doneren leverde een vloed aan titels op en legde de basis van de bibliotheek. In 2018 werden 2.400 boeken geruild, hierdoor kan de collectie gevarieerd blijven. De studiezaal annex bibliotheek bevindt zich aan de achterzijde, waar ook een kleine binnentuin ligt. Op zondagochtend geven studenten van het Conservatorium van Amsterdam hier koffieconcerten. Onder de naam Pintotonics vinden er uitvoeringen plaats van experimentele, geïmproviseerde muziek. Voorts zijn er altijd exposities te zien.

Huis De Pinto nu. Foto Rob van Dullemen

Rijke historie

Een voorbeeld van die buurtgerichte activiteiten is Sprekend Mokum, waarin sprekers de geschiedenis van het huis en de buurt belichten. Een van de initiatiefnemers is historica Tessel Dekker, die de lezingenreeks aanvankelijk Uit het hoofd uit het hart noemde: „Dit is een van de oudste wijken van de stad met een internationale uitstraling. Zeelieden van over de hele wereld kwamen hier. Tijdens deze avonden vertelt een historicus over een bepaald aspect van de stad, gevolgd door een bewoner die herinneringen doorgeeft.” Nu is historica Chaja Zeegers verantwoordelijk voor Sprekend Mokum, dat ze maandelijks organiseert: „Zo ontdekten we dat de Jodenbreestraat in de vroeg-zeventiende eeuw een zwarte gemeenschap kende. Hieraan konden we een avond wijden, met onder meer een spreker van de Black Heritage Tours over het slavernijverleden van de stad. Ook brengen we avonden over Joodse beroepen in deze van oudsher Joodse wijk.”

Naamgever is de Rotterdammer Isaack de Pinto, telg van een rijk Portugees-joods geslacht die het in 1651 kocht. Het huis werd in het begin van de zeventiende eeuw gebouwd door een van de oprichters van de VOC. Deze rijke historie biedt tal van aanknopingspunten voor Sprekend Mokum. Het huis isoverigens beslist geen debatcentrum, de sfeer van de avonden blijft open en informeel.

Huis De Pinto 5 jaar. Lustrumweek t/m 31/3. Inl: huisdepinto.nl