Opinie

Formule 1-race is welkom op Zandvoort, op eigen kosten

Autosport

Met een helm op en in een witte raceoverall hield burgemeester Niek Meijer van Zandvoort zijn nieuwjaarstoespraak. Zijn opwinding gold de mogelijke terugkeer van de Formule 1 ‘op’ Zandvoort, waar van 1952 (winnaar Alberto Ascari in een Ferrari) tot in 1985 (Niki Lauda, McLaren) een F1-race werd gehouden. De straat waaraan het circuit ligt, draagt nog de naam van de man aan wiens inspanningen de racebaan in de duinen te danken is, oud-burgemeester Henri van Alphen. Op het puin van tientallen door de Duitse bezetter gesloopte hotels en honderden woningen in de kustplaats liet hij kort na de oorlog een circuit bouwen dat 35 jaar na de laatste Grote Prijs van Nederland een grote kans maakt opnieuw een Formule 1-race te mogen verwelkomen.

Al snel na het opvallende F1-debuut in 2015 van Max Verstappen gingen stemmen op weer een F1-race in Zandvoort te houden. Zij werden voor dagdromers versleten. Maar uit een serieus haalbaarheidsonderzoek bleek dat wel degelijk mogelijk. Een paar overwinningen van Verstappen later liet het bedrijf Liberty Media als eigenaar van de F1 weten dat op Zandvoort vanaf 2020 een race gehouden kan worden. Voorwaarde: uiterlijk 31 maart moet er een afgerond plan liggen met de benodigde tientallen miljoenen euro’s voor startgeld en aanpassingen van het circuit. Intussen wordt daar onder anderen door prins Bernhard jr. als mede-eigenaar van het circuit aan gewerkt.

Zijn verzoek om een bijdrage van de overheid zal niet worden gehonoreerd, lieten minister Bruins (Sport) en premier Rutte onlangs weten. Het is terecht dat er „geen dubbeltje” (Rutte) overheidsgeld gaat naar een wereldwijde sport waarin ongeveer 1,6 miljard euro omgaat. De overheid juicht de komst van een F1-race toe en zal er alles aan doen de organisatie te faciliteren, zoals bij het afgeven van vergunningen.

De organisatoren van een race op Zandvoort zullen het uitsluitend van sponsors en toeschouwers moeten hebben. In beide categorieën is de belangstelling omhooggeschoten door de successen van de nu 21-jarige Verstappen. In 2016 won de Limburger in Spanje zijn eerste F1-race en daarmee werd hij de jongste winnaar, én hij werd in Nederland gekozen tot sportman van het jaar – de eerste coureur die deze eer ten deel viel.

Op de sportkalender zou een F1-race in Zandvoort voor Nederland en zijn Verstappen-fans een internationaal hoogtepunt zijn, vergelijkbaar met de start van de Tour de France in steden als Amsterdam en Rotterdam. Omgeven door zee en duinen als één grote reclamespot voor Nederland. Tussen supermoderne circuits in oliestaten en klassieke aanlegplaatsen zoals Monte Carlo zou Zandvoort een welkome afwisseling vormen.

Hoewel van protest geen sprake is, staat niet iedereen te juichen bij de mogelijke komst van twintig bolides en hun coureurs waaromheen een compleet circus wordt opgebouwd. Het klimaatdebat bezorgt de organisatoren tegenwind: racen is geen schone sport, maar is de afgelopen decennia wel een stuk schoner geworden. Bovendien zijn het vaak technologische ontwikkelingen in de racerij die bijdragen tot zuiniger en duurzamer auto’s op de openbare weg. Bezwaren tegen geluidoverlast zijn in Zandvoort van alle tijden, en ook het circuit moet zich op dat gebied aan de regels houden.

En wat de aan- en afvoer van toeschouwers betreft, vooropgesteld dat Zandvoort groen licht krijgt, moet vooral worden ingezet op trein- en busvervoer. Lange files met duizenden auto’s op weg naar de race is een scenario dat makkelijk voorkomen kan worden. De enige auto’s horen dat weekend in Zandvoort op het circuit.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.