Beatrice de Graaf: niet te snel etiket plakken bij gevaar en dreiging

Duiding Terrorisme-expert De Graaf vindt dat goede informatievoorziening „verwarring mag vergroten”.

In tijden van gevaar en dreiging hebben mensen grote moeite met het toeschrijven van complexe motieven aan een situatie of persoon. „De overheid moet meteen boter bij de vis geven. De terrorismedeskundige moet het verlossende woord spreken: het is een verwarde man, gaat u maar rustig slapen. Of: het is een jihadist, zie je wel, we wisten het wel.”

Dat schrijft de Utrechtse hoogleraar en terrorisme-expert Beatrice de Graaf in een opiniestuk in NRC. In haar stuk reageert ze ook op kritiek die ze kreeg vanwege haar optreden in De Wereld Draait Door maandag. Daarin noemde ze diverse mogelijke motieven – eerwraak, wraak op het bloedbad in Christchurch, jihadisme – die de ‘tramschutter’ in Utrecht zou hebben gehad.

Op sociale media en in deze krant werd haar verweten dat „de duiding voor de fact finding” uit galoppeerde.

De Graaf probeerde naar eigen zeggen de gelaagdheid in de motieven van de mens, en dus ook de terrorist, in beeld te brengen. „Goede informatievoorziening mag verwarring vergroten.”

In DWDD vertelde De Graaf maandag over een briefje dat gevonden was in de vluchtauto van verdachte Gökmen T. Hieruit zou een jihadistisch motief blijken.

Dinsdag werd dit jihadistische motief bevestigd door het Openbaar Ministerie. Eerwraak, een van de andere opties van De Graaf, lijkt minder waarschijnlijk, omdat tot nu toe geen relatie tussen de dader en de slachtoffers is gevonden, aldus het Openbaar Ministerie.

„Misschien is het tijd”, schrijft De Graaf verder in haar opiniestuk „om juist in dit klimaat van ultrakorte, binaire reacties op dreiging en gevaar meer ruimte te claimen en op te eisen voor die verwarring.”

„Motieven komen niet in kant-en-klare verpakkingen. Daders zijn complex, de context is verhit, maar het snel plakken van etiketten gaat niet zorgen voor beter begrip of, daarna, betere aanpak en bestrijding.”

Opinie pagina 18-19