Merol

Foto Joost Termeer

‘Als Merol ben ik een heel vrije versie van mezelf’

3 x uitverkocht Paradiso Ze wilde ooit actrice worden. Maar na internethits als ‘Hou je bek en bef me’, ‘Kerst met de Fam’ en ‘Lekker met de meiden’ is Merel Baldé, alias Merol, nu een popster.

Het is wachten tot-ie komt. Zangeres Merol speelt er een beetje mee. „Nou Kunsthal… Doe ik eerst nog, schrik niet, een níéuw liedje. Over de zomer. Best leuk. En dan komt die ene waar jullie allemaal naar uitkijken.” Het is iets over negenen, Museumnacht in Rotterdam, begin maart. Museums en galeries zijn tot laat open. Zo ook de Kunsthal die Merol met haar toetsenist al een tijdje geleden als speciale act boekte. Het auditorium, een schuin oplopende zaal, is het afgelopen kwartier snel volgelopen voor dit optreden. Want Merol is hot.

Als de lome beat van ‘Hou Je Bek en Bef Me’ wordt ingezet komen massaal de telefoons te voorschijn om Merol te filmen. Met een uitgestreken gezicht, in een witte korte jumpsuit met felgroen riempje, lange glitterjas en hoge laarzen zingt ze: „Maar die bio. Het boeit me geen fluit. Ik wil met je naar bed. Dus trek het uit.” Terwijl ouder museumpubliek nog kauwt op de tekst, brullen twintigers en een handvol kinderen vooraan het herhalende refreintje hard mee. „Hou je bek en bef me.”

„Was je sceptisch?”, vraagt Merol, echte naam Merel Baldé (28), eerder die middag, terwijl ze haar tanden zet in een vegaburger. Groene heldere ogen, lang rood haar en een geamuseerd lachje. Een vintage-coole kledingstijl. Voor nu een zwart Adidas-trainingspak met wijde pijpen en een heuptasje. „Je verwart me”, verwoord ik mijn twijfel. Merol is lastig te vangen. Haar synthpopmuziek lijkt luchtig, maar tekstueel ademen slimme zinnetjes kleinkunst. Zo heeft ze het talent een vergrootglas te leggen op ongemak. Het voelt vaak niet comfortabel in haar liedjes. In ‘Borderline’: „Iedereen probeert maar stabiel te zijn. Het leven is alleen maar borderline.” Of hoe ze „Lekker met de meiden aan de keta” zit. (Keta is kort voor ketamine, een drug, red.) Merol is niet poëtisch, maar realistisch in tl-licht.

De afgelopen weken werkte ze nog boekingen af in veelal studentenhuizen. „Dat was precies zoals je verwacht, met heel slecht geluid.” Wordt er zo’n jongen door zijn vrienden naar het podium gedragen, speelt zij het spel wel mee. Laat ze ’m op zijn knieën een Fristi drinken. Ach, lustobject, wuift ze weg. Een beetje rellen met studenten vindt ze prima. „Als ze me sexy vinden vind ik dat best leuk.”

Merol is opgekomen via internet. Zonder tussenkomst van een platenlabel, een muziekwedstrijd of radiozender gaan haar campy pophitjes viraal. Dat begon met haar synthpop-liedje ‘Lekker met de Meiden’ afgelopen zomer. „Lekker met de meiden melig/ Lekker met de meiden manicure/ Lekker met de meiden hard gaan/ ’s Ochtends brak een bootje huren.” En dan het catchy herhalende refreintje op de electropopbeat: „Lekker met de meiden. Meiden, mei-meiden. Meiden, meiden, meiden. Blijf bij me.”

De spot on-ode aan vrouwenvriendschap, waarin Merol luxeproblemen van de vrouwelijke millennial op de hak neemt, werd een lijflied onder studenten, een hit op hockeyfeestjes én in gaybars. En door haar optreden in het tv-programma M ook een mini-hype op Lowlands. Vriendinnenclubjes taggen Merol in hun Insta-stories: „Ja, wij zijn dus écht zo!” In het clipje danst, zuipt, doucht ze met ‘de meiden’ van een Bijlmer-voetbalteam. Dat is 2 miljoen keer afgespeeld op YouTube, 4 miljoen keer beluisterd op Spotify.

Feministe

In december treft ‘Kerst met de Fam’, het liedje erna, een ironisch en ludiek praatgezongen kerstliedje weer doel. „Kerst met de fam, gezéllig” – wie had het niet in zijn hoofd met Kerst? In de video danst ze in een rode kerstpakje tussen de kerstdecoraties in een tuincentrum.

En dan nu ‘Hou je Bek en Bef Me’. Een direct en duidelijk feministisch geluid. Het openlijk bezingen van vrouwelijke seksualiteit stuit op weerstand. Hoort dit soort gore praat wel op de radio, vragen ouders zich online af op diverse plekken. En ook in België, waar Studio Brussel en jongerenzender MNM het nummer opnamen in de playlist, zijn reacties fel.

Is het ordinair provoceren of doorbreekt ze juist taboes? Zeker, over of ze het woord beffen zou gebruiken, dacht ze lang na. Ze viel voor de alliteratie: bek en bef. „En mooie combinatie. En al die e’s. Leuk ja, toch.” Dat ze de woorden ‘hou je bek’ zingt vindt ze zelf grover dan ‘bef me’. Maar waarom zou je als meisje niet mogen zeggen dat je zin hebt, is de vraag. „Rappers doen dat toch aan de lopende band? De seksualiteit van vrouwen is vandaag een normaal gespreksonderwerp. Het regent boeken over het vrouwelijke orgasme. Er zijn podcasts. Er waait een frisse wind.”

Dat haar liedje nu een feministisch standpunt is, is „per ongeluk de uitkomst”. Of nou ja. „Ik kan er licht en luchtig over doen. Zo van: o, dit is gewoon een liedje over iets wat mij eens is overkomen. Mijn hoofddoel was nooit taboes te doorbreken. Maar natuurlijk denk ik er wel over na. Als maker vind ik dat leuk! En ik voel me een feministe. Eén die het belangrijk vindt open te zijn over seks. Die staat voor gelijkwaardigheid en minder preutsheid. Dat ik nu iets nog meer bespreekbaar maak is alleen maar heel vet.”

Merol

Foto Joost Termeer

Merel Baldé groeide op in Dordrecht. Haar vader, drummer vroeger, is accountmanager. Haar moeder, artistiek, doceert Nederlands. En ze heeft nog een jongere zus. Haar Dordtse accent „is er op de toneelschool uitgeramd”. Ze studeerde aan de Amsterdamse Toneelschool & Kleinkunstacademie. Een serieuze actrice dacht ze te worden. Een ‘Halina Reijn-achtige’ actrice bij Toneelgroep Amsterdam. „Maar ik bleek in die jaren toneelschool veel meer plezier te halen uit het maken van liedjes.” Ze studeerde af met een ‘soort’ concert en overwoog nog even het conservatorium. Tot ze de vrouwelijke hoofdrol te pakken had in de grote musical Soldaat van Oranje (2015/2016). Een veelbelovend begin.

Met een liedjesprogramma strandde ze bij het Kleinkunstfestival in 2016 in de halve finale. Cabaretier Stefano Keizers won. „Ach”, zegt ze daar nu over. „Ik had een liedjesprogramma. En de jury was duidelijk: ik moest er nog wel wat persoonlijks bij vertellen. Maar mijn verhaal kwam totaal niet over. Op het bijbehorende theatertourtje waren de stiltes soms verpletterend. Het publiek snapte er weinig van.” Eén ding leverde het haar wel op, zegt ze. Weerbaarheid. „Drie man en een paardenkop in de zaal – ik kan het nu hebben. Dat heb ik voor op andere snel opgekomen artiesten die nu instappen en meteen op Lowlands staan.”

Ironie

Die verwarring over haar, ze snapt het wel. Maar noem haar geen gimmick. Merol is voor Merel Baldé een concept. Geen typetje, zegt ze. „Kijk, ik bén Merol wel en ik schrijf ook echt over wat mij bezig houdt. Maar ik ben geen singer-songwriter pur sang die, verlaten en alleen, haar gitaar pakt en dan een treurig liedje maakt. Mijn drive is meer conceptueel. Ik benader het allemaal heel theatraal.”

Termen als persiflage, parodie en provocatie ervaart ze als te plat voor wat ze doet. „Ik maak geen grappige Klokhuisliedjes ofzo. Mijn liedjes bevatten ironie en ze reflecteren. En ik neem mezelf op de hak in teksten die nooit rechtuit gaan. Er moeten lagen zijn in de tekst. Dat er in de ‘bridge’ nieuwe informatie komt, een ander perspectief. Dat het stiekem ook over iets anders gaat.” Dat is het kleinkunsterige aan haar liedjes, concludeert ze. „Maar dat maakt me geen minder serieuze artiest.”

Paradiso

Afgelopen zomer stond ze nog op de Parade in een kindervoorstelling. Zondag staat Merol met haar band in de Grote Zaal van Paradiso. De eerste van drie shows (daarna Kleine Zaal en Paradiso-Noord). Alles uitverkocht. „Supergoedkope kaartjes van 10 euro”, relativeert ze. „Maar het ging hard hè. Binnen een uur was het eerste concert uitverkocht. Toen gingen we groter. En na een week had ik er ineens drie.” Hoe de shows eruit gaan zien laat ze nog liever in het midden. Maar de gigantische opblaasbare vagina – „leek mij geinig” – komt er niet meer in. „Mijn teksten zijn al in your face. Dit wordt rood op rood. Te veel.”

Om haar carrière in de popmuziek meer te bestendigen heeft ze sinds kort een management. Dat selecteert haar optredens strenger – „om geen tape-act te worden” – en er is een clubtournee voor het najaar uitgezet. Ook over online muziek uitbrengen leert ze bij. Een verdienmodel bijvoorbeeld, voor haar vele streams. „Ik ben nu nog aan het investeren maar na Paradiso zou ik wat moeten gaan overhouden. Enkel mijn intuïtie volgen, dat kan niet meer. Want ik deed natuurlijk maar wat met m’n goedkope clippies, glitters en roze rook.”

Dat is misschien wat de interviewer voelt, bedenkt ze, nog even terugkomend op het tweeledige gevoel dat ze oproept. „Dat er afstand is tussen mij en wat ik op het podium doe.” Ze bedoelt dat wat ze nu doet zo haaks staat op wat ze op de toneelschool leerde. Tuurlijk, het is allemaal afzetten, knikt ze. Tegen de lessen daar: serieus en betekenisvol. „Dat ik nu totale autonomie voel, dat is heerlijk. Op het podium voel ik me helemaal thuis. Ik ben een heel vrije versie van mezelf.”