Opinie

Dader en motief zijn soms net zo gelaagd als u en ik

In situaties van stress snakken we naar eenduidigheid, maar goede informatievoorziening rond een aanslag mag verwarring vergroten, schrijft . Dat maakt ons uiteindelijk weerbaarder.

Illustratie Hajo

Hoelang kunt u het aan om twee tegengestelde denkbeelden tegelijkertijd in uw hoofd te houden? Of u ontslag moet nemen, of door moet gaan met deze baan? Wel of niet die verliefdheid serieus nemen? Bij veel mensen leidt deze twijfel, of beter gezegd, het gelijktijdig in de lucht houden van twee levensmogelijkheden, tot grote stress, gepieker, slapeloosheid of erger. Dat geldt des te meer in crisissituaties, waarbij informatie ook meteen een veiligheidsdoel dient. Moet ik vluchten, vechten, of stil blijven staan? Is het een terrorist of een verwarde man?

Of ze nu lager- of hogeropgeleid zijn, minder of meer bemiddeld, veel mensen lijden aan een need for closure. Dat is de zeer menselijke behoefte om in tijden van stress, dreiging en crisis zo snel mogelijk een handzame diagnose te vinden, om vervolgens zelf beter met die situatie van dreiging en onzekerheid te kunnen omgaan. Mensen in stress zoeken dan ook allemaal naar zogeheten coping mechanisms: manieren om houvast te vinden, grip te krijgen op een materie die een slagschaduw over het eigen welbevinden werpt. Of dat nu gaat om terrorisme, baanonzekerheid en werkeloosheid, of de confrontatie met globalisering op straat, op school of op de werkplek.

Het helpt wanneer we snel ergens een oorzaak voor kunnen aanwijzen, of iemand als oorzaak kunnen aanwijzen voor al die ellende. Liefst zo eenduidig mogelijk: het is de regering, de premier, de buitenlander, of die vervelende baas van mij.

De schietpartij in Utrecht verdrong alle andere verhalen

Zo’n situatie deed zich voor in Utrecht. Ik had juist een paar dagen tijd genomen om in relatieve rust al mijn kanalen en collega-wetenschappers te raadplegen om de aanslag van Christchurch in een kader te plaatsen – en daar met wat afstand pas op maandag een verhaal voor DWDD over te houden. En toen kwam er een ander incident dwars doorheen.

Half Utrecht zat in een lockdown en die schietpartij verdrong alle andere verhalen. En de need for closure speelde bij iedereen op. Ook bij mij: is het inderdaad een ‘schietpartij’, of toch een ‘aanslag’? Een witte man en wellicht een rechts-extremistische daad van geweld? Toch een jihadistische dader? Is er op één plek geschoten, of op meerdere? Moeten we de kinderen op school binnen houden, of mogen ze naar huis?

Wat doe je dan? De scholen waarmee ik en andere Utrechtse onderzoekers samenwerken op onderwijsgebied, wilden weten wat ze de kinderen konden vertellen. De NCTV, de koning, de premier en de burgemeester spraken al vanaf half twee in meer of mindere mate van stelligheid over terrorisme en een aanslag. Bekenden van de dader noemden een gewelddadig verleden, de man had een strafblad, hield zich bezig met drugs, wellicht was er zelfs sprake van (eer)wraak. En al snel hoorde ik van mijn bronnen dat er ook bewijsmateriaal was aangetroffen dat wees op een jihadistisch motief, waaronder het briefje, dat ik bij DWDD heb genoemd.

Terrorisme als shortcut naar verlossing uit een mislukt leven

Maar wat nu als het een complex van motieven was? Een mix van criminele energie, een mate van verwardheid, wraak, maar toch ook een jihadistisch motief? Sinds een jaar of twee zien onderzoekers een vorm van radicalisering waarbij een ‘mislukt’ leven of zelfs een criminele achtergrond zich razendsnel kan vertalen in een daad van terroristisch geweld. Zo’n zogeheten crime/terror-nexus , een ‘verknoping’ van misdaad en terreur, is bij de recente stroom van uitreizigers en IS-terroristen zeker waar te nemen. Maar ook bij terroristen van andere snit zien we dit terug, zoals bij sommige rechts-extremisten: geweld, kleine of grotere criminaliteit en een losgeslagen leven leiden tot een overweldigend gevoel van nutteloosheid, zinloosheid. Getriggerd door het ‘juiste’ aanbod – via internet of rekruteerders – kan iemand dan in terrorisme een ‘shortcut’ zien.

Lees ook: Onduidelijk motief zorgt voor verbale acrobatiek NCTV

Op basis van eigen onderzoek, interviews met verdachten, veroordeelde terroristen en instanties, kan je dat zien als een ‘motiefcomplex’ van ‘radicale verlossing’. Het eigen, gepercipieerde ‘loser-leven’ kan daarmee worden opgetild, er kunnen, wanneer het om jihadisten gaat, ‘punten voor de hemel’, of eer en aanzien voor de eigen familie of gemeenschap worden verdiend. Een terrorist is volgens Harvardonderzoekster Louise Richardson uit op wraak (revenge), roem (renown) en het tonen van verzet (reaction). Maar we moeten ook een vierde ‘r’, van redemption (verlossing) veel serieuzer nemen. Juist omdat die het hele complex aan heilige waarden, frustratie, onrechtgevoelens en de sprong naar radicale verlossing bevat.

Van de overheid wordt direct een verklaring verwacht

Het is opvallend dat mensen in tijden van gevaar en dreiging grote moeite hebben met het toeschrijven van complexe motieven aan een situatie of persoon. De overheid moet meteen boter bij de vis geven. De terrorismedeskundige moet het verlossende woord spreken: het is een verwarde man, gaat u maar rustig slapen. Of: het is een jihadist, zie je wel, we wisten het wel.

Wat we nodig hebben in situaties van extreme onzekerheid en spanning is inderdaad geen speculatie. Op basis van onderzoek, raadpleging van bronnen en interpretatie van bestaande trends is het echter zaak om meer ruimte te creëren voor meerduidigheid.

Dat heb ik maandag geprobeerd, onder meer bij DWDD, met als aanleiding de behoefte van de scholen en jongeren in Utrecht, en het feit dat alle overheden al volop over een aanslag spraken en de lockdown ook op iedereen die indruk maakte. En uiteraard op basis van grondig onderzoek en raadpleging van allerlei bronnen.

De tegenstelling is niet ‘feiten’ versus ‘speculatie’, maar eenduidigheid (en versimpeling) versus meerduidigheid. Dat betekent niet dat we alle mogelijkheden openhouden, maar erkennen dat opzienbarende en tragische incidenten, of aanslagen, zoals die in Utrecht, maar ook die in Christchurch, soms complexe zaken zijn. Daders zijn niet eendimensionale duivels, ze zijn niet alleen maar ‘gek’, of ‘gestoord’ of ‘jihadistisch’. Ze zijn net zo gelaagd en meerduidig als u en ik.

Motieven komen niet in kant-en-klare verpakkingen

Goede informatievoorziening mag verwarring vergroten. Dat was een van de vreemdste reacties nog die ik maandag ontving: dat mijn televisieoptreden niet bijdroeg aan opheldering, maar de consternatie en verwarring vergrootte. Misschien is het tijd om juist in dit klimaat van ultrakorte, binaire reacties op dreiging en gevaar meer ruimte te claimen en op te eisen voor die verwarring. Motieven komen niet in kant-en-klare verpakkingen. Daders zijn complex, de context is verhit, maar het snel plakken van etiketten gaat niet zorgen voor beter begrip of, daarna, betere aanpak en bestrijding.

Angst en ophef leiden tot een tunnelvisie. Niets meedelen of speculeren bevordert de chaos. Te grote need for closure kan tot te eenvoudige verklaringen voor complex gedrag leiden en dat is evenmin een goede informatievoorziening. Het onderstrepen van meerduidigheid en complexiteit, uiteraard op basis van gevalideerde kennis, wapent jongeren en maakt ze weerbaar in het omgaan met die onzekerheid. Want onzekerheid is in tijden van socialemediapaniek helaas niet uit te sluiten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.