Brieven

Brieven

Foto Bart Maat/ANP

De term ‘rechts-extremisme’ valt vaak deze dagen rondom de verkiezingen. Femke Halsema in haar, overigens prachtige, speech na de aanslag in Christchurch. Het veelvuldig gebruik van dat frame doet tolerantie en elegant debat geen goed. Met het gebruik van ‘extreem-rechts’ of ‘populistische partijen’ zet je een groep mensen weg als ‘de ander’. Door ze extreem te noemen hoef je er niks mee. Dan mag je ze negeren, dom vinden of er bang voor zijn. Dat is onwenselijk, gezien het feit dat we daarmee een grote groep mensen in de samenleving opzij parkeren. Wat mij bevreemdt is dat we het niet hebben over ‘extreem-links’ of ‘tolerantistisch’ of iets dergelijks. Wel komen termen als ‘klimaatdrammers’ en ‘deugen’ voorbij. Gelijkwaardig gesprek en dialoog begint met de ander serieus nemen. Met erkennen dat niemand een monopolie op de waarheid heeft. Diep nieuwsgierig zijn naar elkaars standpunten, al zijn het niet de jouwe. Woorden en frames doen ertoe. Laten we het weer hebben over links of rechts, of liever nog over de inhoud van standpunten. Reserveer de term extremistisch voor aanslagplegers en geweldpredikers van welke politieke kleur, religieuze of maatschappelijke achtergrond dan ook. De samenleving snakt naar een elegante dialoog tussen elegante politici.


antropoloog