Moslimleiders: ‘De westerse hypocrisie moet stoppen’

Reacties islamitische wereld Moslimleiders verwijten westerse politici en media islamofobie op te porren. ‘Terrorisme heeft geen religie.’

Politieke en religieuze leiders in de islamitische wereld hebben met afschuw gereageerd op de terreuraanslag in Christchurch. Volgens hen is de aanslag een direct gevolg van de islamofobie die sinds 9/11 is toegenomen in het Westen. „Niet alleen de daders zijn verantwoordelijk”, twitterde de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Mevlüt Cavusoglu. „Dat geldt evenzeer voor de politici en de media die de reeds omvangrijke islamofobie aanwakkeren.”

Cavusoglu was niet de enige. Al-Azhar, het meest gezaghebbende instituut in de sunnitische islam, sprak van „een gevaarlijk bewijs van de ernstige gevolgen van haatzaaien, xenofobie en het verspreiden van islamofobie”. En de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken twitterde dat westerse landen niet hard genoeg optreden tegen onverdraagzaamheid. „De westerse hypocrisie bij het verdedigen van de demonisering van moslims als ‘vrijheid van meningsuiting’ moet stoppen.”

Andere landen gebruikten de aanslag als argument dat terrorisme niet inherent is aan de islam, maar net zo goed geïnspireerd kan zijn door andere godsdiensten. „Dit bevestigt opnieuw wat we altijd hebben beweerd: dat terrorisme geen religie heeft”, twitterde de Pakistaanse premier Imran Khan. Volgens hem krijgen „1,3 miljard moslims doorgaans de schuld van welke terreurdaad dan ook”.

Wereldwijd vragen veel moslims zich af waarom sommige westerse media de dader niet bestempelen tot ‘terrorist’, terwijl ze dat wel doen als een moslims een terreurdaad pleegt. Daarbij werd vaak de kop op de voorpagina van de Britse krant Daily Mirror als voorbeeld aangehaald: ‘Engelachtige jongen die uitgroeide tot een kwaadaardige, extreem-rechtse massamoordenaar’. Ernaast stond een babyfoto van de dader.

Met name in Turkije is geschokt gereageerd op de aanslag, aangezien het land uitgebreid aan bod komt in het manifest dat de dader op internet plaatste. Daarin roept hij op om president Erdogan te vermoorden, de Turken te verdrijven uit het Europese deel van Istanbul, en de minaretten te verwijderen van de Hagia Sofia, de Byzantijnse koepelkerk die werd omgebouwd tot een moskee nadat de Ottomanen in 1453 Constantinopel veroverden.

Het geeft Erdogan een dankbaar campagne-onderwerp in aanloop naar de lokale verkiezingen op 31 maart. Volgens sommige peilingen staat zijn AK-partij op verlies in enkele grote steden. Tijdens een verkiezingsrally in de stad Tekirdag vertoonde Erdogan zaterdag op een groot scherm beelden van de aanslag die de dader verspreidde via Facebook. Het leidde tot felle kritiek van seculiere Turken, die Erdogan ervan beschuldigen de aanslag te gebruiken voor politiek gewin.

Intussen is de Turkse politie een onderzoek begonnen naar de dader, die volgens een anonieme veiligheidsfunctionaris in 2016 twee keer in Turkije is geweest: een week in maart en zes weken in september. De politie vermoedt dat hij tijdens zijn bezoek een „aanslag of een moord” wilde plegen en onderzoekt beelden van bewakingscamera’s, hotelgegevens en de mensen met wie hij contact heeft gehad in Turkije.