Waterschapsheffingen in vier jaar met 9 procent gestegen

Het extra geld gaat vooral naar het versterken van dijken. De waterschappen hebben ook meer geld nodig vanwege de verhoogde waterstanden en langdurige droogtes.

Een dijk langs de rivier de Lek.
Een dijk langs de rivier de Lek. Foto Remko de Waal/ANP

De afgelopen vier jaar zijn de waterschapsheffingen met ruim 9 procent gestegen. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft maandag een analyse gepubliceerd van de heffingen vlak voor de waterschapsverkiezingen die op woensdag 20 maart plaatsvinden. In de waterschappen Rijnland, Rivierenland en Amstel Gooi en Vecht stegen de belastingen het meest. In Hunze en Aa’s (Oost-Groningen) bleef het gelijk.

De in totaal 21 waterschappen zorgen voor de waterzuivering, en het beheer en onderhoud van water en waterkeringen, duinen en dijken. Die taken worden grotendeels bekostigd door de zuiveringsheffing en watersysteemheffing die alle huishoudens jaarlijks betalen. Voornamelijk de watersysteemheffing is de afgelopen vier jaar gestegen met gemiddeld ruim 12 procent ten opzichte van 2015. De zuiveringsheffing steeg een kleine 6 procent.

Het hangt van de locatie van het waterschap af hoe het geld wordt besteed. Laaggelegen waterschappen die grenzen aan rivieren of zee, investeren doorgaans meer in het onderhoud van dijken dan regio’s die grotendeels op zandgrond liggen. Rijnland renoveerde en installeerde de afgelopen jaren in afvalzuiveringsinstallaties. Daar steeg dan ook de zuiveringsheffing fors, met zo’n 28 procent.

Het waterschap floreert, na jaren van diepe dalen: “Ze zijn sterker dan ooit”

Dijkversterkingsprogramma’s

Het CBS verwacht dat de 21 waterschappen in Nederland komend jaar 2,9 miljard euro binnenkrijgen. Voor de komende vier jaar verwachten de waterschappen zo’n 800 miljoen euro meer uit te geven aan investeringen zoals dijkversterkingen en waterkeringen dan in de voorgaande jaren. Aanleidingen voor de extra uitgaven zijn bijvoorbeeld verhoogde waterstanden of langdurige droogtes.

In Hollands Noorderkwartier (Noord-Holland), waar de watersysteemheffing fors stijgt komend jaar, betaalt een gezin met een koophuis van drie ton jaarlijks gemiddeld 475 euro aan heffing. In De Dommel is dat maar 252 euro. Huurders betalen, in tegenstelling tot huiseigenaren, geen WOZ-gerelateerde heffing en betalen dus minder.

Van de 5,8 miljard euro aan verwachte investeringen de komende vier jaar, is bijna 4 miljard euro bedoeld voor waterkeringen, aquaducten, gemalen en sluizen. Waterschappen die veel aan waterbeheer doen, krijgen een bijdrage van het Rijk en andere waterschappen om de kosten te dekken.

Rivierenland, Limburg en Hollands Noorderkwartier geven komende jaren zo’n 1,5 miljard euro uit aan dijkversterkingsprojecten van het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Het Rijk en de waterschappen versterken de komende tien jaar zo’n 1.100 kilometer aan dijken voor in totaal 7,5 miljard euro omdat die niet meer voldoen aan de nieuwe normen voor overstromingsrisico’s. Onder meer de Waddenzeedijk op Texel, de Markermeerdijken, en dijken langs de Maas, Lek en Waal worden daarvan versterkt.

De uitgaven voor de waterschappen kunnen er over een paar jaar overigens weer heel anders uitzien, aldus het CBS. “Voor de Scheldekering in Zeeland zijn de komende vier jaar geen grote investeringen gepland”, aldus onderzoeker Peter Hein van het CBS. Waterschap Scheldestromen heeft in de periode 2019-2022 dan ook relatief lage investeringen in vergelijking met bijvoorbeeld Rijnland. Hein: “Maar dat kan er over vijf of tien jaar weer heel anders uitzien.”