Recensie

Recensie Theater

Meeleven met gewone mensen in ‘Onze straat’

Theater ‘Onze straat’ richt de blik op onopmerkelijke levens. In de beslommeringen van alledag spiegelen zich de grote levensvragen.

Stefan de Walle en Tamar van den Dop als echtpaar in Onze straat van Het Nationale Theater.
Stefan de Walle en Tamar van den Dop als echtpaar in Onze straat van Het Nationale Theater. Foto Sanne Peper

In een straat aan de rand van een grote stad bevinden zich vier huishoudens achter één deur, vertelt de toneelmeester ons. Het is 10 september 2001. Te midden van tribunes aan vier weerszijden maken de bewoners zich op voor de dag: gezin met twee woelige pubers, alleenstaande moeder met twee banen en zelfredzame dochter, kersverse weduwe op leeftijd die licht verward is en een eenzame, jonge academicus. Scharnierpunt is de straatventer met zijn kar met etenswaren.

Onze straat van Het Nationale Theater, geschreven door Nathan Vecht en geregisseerd door Daria Bukvic, biedt net zo’n blik op het alledaagse leven als de inspiratiebron, het veel gespeelde Our Town van Thornton Wilder uit 1938. In een sober decor, met per huishouden een tafel, bank of bed, verbonden door een gedeelde gang, gidst toneelmeester Romana Vrede ons door de drie bedrijven van het toneelstuk. Ze praat ons bij, stuurt personages weg als ze af moeten en geeft sprongen in de tijd aan.

Mozaïekvertelling

In alledaagse beslommeringen, doodlopende gesprekken, ontspannen grapjes, verholen blikken en tedere gebaren spiegelen zich de grote thema’s van het bestaan: de angsten, de twijfels, de liefdes. Ja, zo onopmerkelijk kan het leven voorbij trekken. Maar ook als het concept beoogt een vederlichte mozaïekvertelling te zijn, dienen personages in enkele streken richting en kleur te krijgen, liefst met een probleem dat ze gaan overwinnen of waar ze stuk op lopen. Dat lukt Vecht en Bukvic onvoldoende. Dat eerste deel kabbelt, aangenaam, maar vlak.

In het tweede deel, in 2004, is dat, na de dreiging die uit de gekozen eerste datum spreekt, verrassend genoeg niet anders, in deze toch multiculturele straat. Dat zal het idee zijn. Hoewel de wereld na 11 september 2001 op zijn kop stond, verandert er bitter weinig in de microkosmos van deze ‘kleyne luyden’, die alleen bij geboorte en sterven in de krant komen. In deel 3, negen jaar later, slaat het drama alsnog toe. De doden nemen het verhaal over.

Fijnzinnig spel

Veel van de warmte en charme in Onze straat komt van het fijnzinnige spel van het ensemble, waarin de twintigers opvallen. Joy Delima dient zich aan als belofte, in haar rol van vroegwijze dochter. Mark Lindeman als onzekere, norse puber en Yela de Koning als zijn levenslustige zus vormen een fijn stel. Delima en Lindeman spelen een sprankelende flirtscène vol onuitgesproken verlangens. In zo’n scène flonkert het talent van auteur Vecht.

Voor ruim twee uur toneel bieden deze personages en de lichte melancholie over het verstrijken van de tijd onvoldoende slagkracht. Onze straat is als een punt appeltaart. Rinsig en zoet, maar je hebt niet het idee dat je echt hebt gegeten.