Toen de geldwagens opeens niet meer reden

Bankroet SecurCash We pinnen wat af, maar contant geld blijft van belang. Wat doet De Nederlandsche Bank als rond de feestdagen een groot probleem dreigt in de aan- en afvoer van contanten?

Illustratie Tom Wientjes en Ingrid van Halteren

Sander kijkt nerveus om zich heen als hij de bank uitloopt. Valt het op dat hij in zijn aktentas duizenden euro’s aan contanten heeft? Dit doet-ie normaal nooit, met zoveel geld over straat. Maar de supermarkt van Sander – geen achternaam, vanwege de veiligheid – heeft contanten nodig, en het bedrijf dat die altijd kwam brengen is failliet.

Dus moet de winkelmanager improviseren.

Dat geldt ook voor het afstorten. Waar normaal gesproken de pantserwagen van SecurCash voorreed en een beveiliger de weekopbrengst meenam, moet de frêle dertiger nu zelf verzegelde enveloppen met bankbiljetten naar de bank brengen.

Op de geldautomaat in zijn supermarkt heeft Sander een briefje geplakt: „Tijdelijk buiten gebruik”. Anders zou hij met nog meer contanten moeten slepen. Vervelend voor iedereen, want het dorp heeft maar twee geldautomaten. Maar er zijn grenzen. Zijn klanten vraagt hij met nadruk om toch vooral te pinnen.

Zes weken duurde die situatie. En Sander was zeker niet de enige die getroffen werd door het bankroet van SecurCash, begin januari. Nederland mag steeds meer digitaal betalen, als een grote ‘waardetransporteur’ opeens wegvalt, blijkt hoe groot de afhankelijkheid van ‘echt geld’ nog is.

Lees hier meer over het faillissement van SecurCash: Gebotst op cashloos consumeren

Doemscenario

Winkeliers die geld ophopen in hun kluizen, hoewel dat van de verzekeraar niet mag. Overvallen op detaillisten die met grote hoeveelheden contanten over straat gaan. Betaalverkeer dat rond de feestdagen vastloopt. Lange rijen in de winkels. Dat doemscenario dreigt als Coen Voormeulen, divisiedirecteur cash bij De Nederlandsche Bank (DNB), op vrijdag 19 oktober 2018 Mario Koevoets heeft gesproken. De directeur Nederland bij SecurCash brengt een mededeling over van het Amerikaanse moederbedrijf Diebold Nixdorf: „Ze willen niet langer onze verliezen dekken. De stekker gaat er begin november uit. Misschien de zevende, uiterlijk 14 november.”

Voormeulen schrikt. Het faillissement van een van ’s lands grootste geldvervoerders is niet eens zo’n verrassing. In het periodieke overleg met de Nederlandse banken staat de penibele situatie van SecurCash al een tijd op de agenda. Maar nu, zo vlak voor de feestdagen? Dat wil je niet.

Voormeulen doet een beroep op Koevoets. „Ik ga mijn best doen de gevolgen van dit faillissement te beperken, maar wil jij er in Amerika op aandringen dat ze de aanvraag uitstellen tot na de feestdagen?”

Probleemgeval

Koevoets snapt de vraag, maar in de Verenigde Staten hebben ze niet zoveel op met het Nederlandse polderen. Overleg om te voorkomen dat het betaalverkeer vastloopt? Liever gewoon de stekker eruit, afwikkelen en klaar. „Ik beloof niks, maar zal kijken wat ik kan doen”, zegt Koevoets. Eind oktober belt hij bijna dagelijks met het moederbedrijf.

De Amerikanen hebben echter haast. De beurskoers van het concern zakt al maanden en in pakweg een half jaar tijd is bijna 80 procent van de waarde verdampt. Het management wil ingrijpen en Nederland is als eerste aan de beurt.

SecurCash is immers al jaren een probleemgeval. Op de Nederlandse markt concurreren drie geldtransporteurs om het hardst om de gunsten van winkeliers. Die kunnen daardoor de prijzen min of meer dicteren. Om klanten te behouden, ziet SecurCash zich gedwongen onder kostprijs te werken. Het lijdt in 2016 10 miljoen euro verlies, een jaar later al ruim 15 miljoen euro. Het moederbedrijf vangt die verliezen op.

Lees ook: Geldtransporteur Brink’s komt in Duitse handen

De problemen in het geldvervoer spelen dan al enige tijd, want door elektronisch betalen krimpt de markt. Als een grotere partij, Brink’s in Houten, enkele grote banken als klant verliest aan concurrent G4S, vindt het in 2015 een redder in Wincorf Nixdorf, het latere Diebold Nixdorf. Dit Amerikaanse bedrijf voegt Brink’s samen met SecurCash.

Met die overname zijn echter ook dure vastgoedcontracten meegekomen voor vestigingen in onder meer Amsterdam, Arnhem en Rotterdam. De financiële lasten dwingen SecurCash tot reorganisaties. Het personeelsbestand daalt in drie jaar van vijf- naar ongeveer tweehonderd mensen.

En nog steeds schrijft SecurCash geen zwarte cijfers. Betalingen met contant geld lopen harder terug dan voorzien. Tussen 2010 en 2017 gaat de waarde van die betalingen in Nederland van 52 naar 35 miljard euro per jaar.

Diebold gaat op zoek naar een koper voor SecurCash’ geldvervoer voor de detailhandel; het transport voor geldautomaten draait beter. Maar in overname geïnteresseerde partijen, waaronder het Scandinavische Nokas, haken af vanwege de ruim 16 miljoen schuld die SecurCash aan het moederbedrijf heeft en beroerde vooruitzichten. Wat rest is een faillissement.

Terwijl Koevoets de Amerikanen bewerkt, roept DNB-directeur Voormeulen de belangrijke partijen in het Nederlandse geldvervoer bij elkaar voor crisisoverleg. Op 31 oktober zitten ze voor samen op het DNB-hoofdkantoor in Amsterdam: de vier grote banken, spil in het chartale geldverkeer Geldservice Nederland, en vervoerders G4S en RCCS.

Operatie Yares

Hun bijeenkomsten vinden daarna wekelijks plaats. In hun agenda noteren de aanwezigen niet ‘crisisoverleg’ maar ‘Operatie Yares’. De term is bedacht door DNB: een variant op de Toyota Yaris. Bewust verkeerd gespeld; mocht de naam uitlekken, dan verwijst die nergens naar. Standaardbeleid bij DNB.

G4S en RCCS horen wat later dan DNB van het aankomende faillissement van de concurrent, maar zijn ook nauwelijks verrast. Ze horen al maanden dat SecurCash contracten met grote afnemers als A.S. Watson (Kruidvat, ICI Paris XL), Jumbo en Zeeman niet verlengt. De winkelketens wenden zich tot de concurrentie.

Voormeulen realiseert zich dat de sleutel tot een gecontroleerd faillissement bij G4S en RCCS ligt. „Hoe snel kunnen jullie de 450.000 ritten overnemen die SecurCash jaarlijks rijdt?”

„Minstens drie maanden”, melden G4S en RCCS na een inventarisatie. Want chauffeurs pluk je niet zo van straat. Die screen je uitgebreid. En je wagenpark is ook niet zomaar uitgebreid. Een geldbusje kost al gauw zestig- tot tachtigduizend euro.

„Dan hebben we een probleem”, concludeert een aanwezige bankier.

Zelfs als Diebold het faillissement over de feestdagen heen tilt, valt er een gat van anderhalve maand. Dat is lang genoeg om het geldverkeer alsnog vast te doen lopen.

Het crisisoverleg overweegt diverse opties. Extra pinautomaten aan de kassa’s, zodat meer mensen kunnen pinnen? Detaillisten zelf geld laten afstorten met verzegelde enveloppen? Het is allesbehalve ideaal.

Dan haalt DNB-directeur Voormeulen een maatregel uit het DNB-crisisdraaiboek aan: „Wat nou als we op geselecteerde plekken de geldautomaten niet bijvullen? De transportcapaciteit die je dan overhoudt, zet je in om winkeliers te bevoorraden en te ontlasten.” De aanwezigen knikken. Dit kan een optie zijn.

Uitstel

Begin november heeft SecurCash-directeur Koevoets goed nieuws. Diebold wil meewerken aan uitstel van het faillissement tot na de jaarwisseling. Daarbij speelt een rol dat zo’n bankroet ook een kwalijk effect kan hebben voor de SecurCash bv in Rotterdam, die de geldautomaten doet. Die schrijft nog gewoon zwarte cijfers, en wil dat zo houden.

Het uitstel leidt tot opluchting, maar de zorgen zijn niet geweken. Per 2 januari gaapt nog altijd een gat van anderhalve maand, voordat de concurrenten de dienstverlening volledig kunnen overnemen. Eigenlijk moet een deel van de SecurCash-wagens nog even blijven rijden. Alleen: wie gaat dat betalen? Het bedrijf is immers failliet.

De winkeliers? Nee concludeert het crisisoverleg, die gaan dat niet doen. De banken dan maar? Die hebben er toch ook alle belang bij?

De banken trekken zich terug voor overleg. Na enkele weken komen ze terug: ze zijn bereid maximaal twee miljoen euro beschikbaar te stellen, waarvoor de wagens nog zes weken moeten blijven rijden.

De Haagse rechtbank heeft inmiddels twee stille curatoren aangewezen. Die mogen alvast bij SecurCash rondkijken om het faillissement straks sneller te kunnen afwikkelen. Een van hen is Marc Udink, die al honderden faillissementen afwikkelde. Het leverde hem de bijnaam Mark The Shark op, omdat hij voor de schuldeisers het onderste uit de kan haalt.

Udink heeft goed en slecht nieuws als hij half december de deal met de banken doorneemt. „Het goede nieuws is dat de twee miljoen euro voldoende is. Het slechte nieuws is dat we vanaf 2 januari maar vier weken doorgaan. Veel langer willen we chauffeurs en bedrijf niet aandoen. Eind januari moet het klaar zijn.”

Bekijk ook het faillissementsverslag:

Doorwerken met Kerst

Terwijl Nederland zich opmaakt voor de feestdagen, werken de organisatoren van de noodoperatie dag en nacht door. Zelfs met Kerst gaan mails heen en weer. Vlak voordat SecurCash in het nieuwe jaar het faillissement publiek zal maken, sluipen de zenuwen erin. Juristen komen aan tafel. Wie draagt verantwoordelijkheid als het misgaat? Banken, DNB en curatoren timmeren dat juridisch dicht.

Er komen meer complicaties. De advocaten van de banken melden zich net na de Kerst: „De tijdelijke financiering komt er niet. Die heeft SecurCash helemaal niet nodig. Er zit nog genoeg geld in kas.” De curatoren bestrijden dat: „Alles wat in de boedel zit, is voor de schuldeisers. Daar blijven jullie af.” Uiteindelijk binden de banken in.

Ook uitkeringsinstantie UWV dreigt dwars te liggen. DNB en banken bieden chauffeurs van SecurCash een doorwerkbonus van 93 euro per dag. Het UWV, dat de lonen na het bankroet doorbetaalt, wil die bonus daarvan aftrekken. Maar dan zou zo’n extraatje, bedoeld om chauffeurs die eigenlijk al ontslagen zijn te motiveren, geen zin hebben. Na uitleg van de centrale bank gaat het UWV akkoord met de constructie.

Nieuws lekt uit

Op 31 december rond vijf uur ’s middags draaien de laatste chauffeurs van SecurCash hun wagens de bedrijfsterreinen in Houten en Delft op. Dan worden de vakbonden ingelicht. Daarmee is tot het laatste moment gewacht, om te voorkomen dat het nieuws uitlekt en paniek uitbreekt.

Woensdagochtend 2 januari blijkt die zorg terecht. De Telegraaf is een officiële bekendmaking voor. „Vrees voor run op pinautomaten”, kopt de krant. Vervelend, concluderen banken, vervoerders en curatoren in hun appgroep, maar nu niet zo erg meer. Ze halen het draaiboek Zachte Landing uit de kast. De curatoren melden zich in de media.

Lees ook: Geen doorstart voor SecurCash

Toch is de boel niet onder controle. De volgende dag ontstaat verwarring als de Haagse rechtbank een streep door de faillissementsplannen haalt. Ze concludeert dat de „constructie misbruikt” is „om van het personeel af te komen”. En dat er „nog genoeg geld in kas” is „om aan de verplichtingen te voldoen”. De curatoren zijn verbijsterd. De kans dat hun aanvraag niet zou worden toegewezen hadden ze „op nul” geschat.

Mario Koevoets is verbaasd en geïrriteerd. Dit was toch tot in de puntjes voorbereid?

Ja, concludeert een tweede rechter op 8 januari. Dit bedrijf is inderdaad niet levensvatbaar. Op 31 januari rijdt de laatste geldwagen van SecurCash.

Voor dit artikel is met elf betrokkenen gesproken. Zij deelden op basis van anonimiteit hun ervaringen rond het bankroet van SecurCash.