Recensie

Bolkestein ten voeten uit: lekker jennen in de grachtengordel

Frits Bolkestein ‘Ik ben uitgeschreven’, zei de oud-politicus onlangs. Nu zijn zijn stukken van de afgelopen acht jaar gebundeld: van klimaatpolitiek, onderwijs tot en met het islamdebat. En er was ook nog ruimte voor enige persoonlijke afrekeningen.

Toen Frits Bolkestein begin jaren negentig fractievoorzitter van de VVD was, vertrouwde hij zijn woordvoerder toe sneller te schrijven dan deze las. Het was de tijd dat Bolkestein het politieke debat in Nederland volledig domineerde. Gevoelige kwesties die onbenoemd bleven of hooguit met uiterste voorzichtigheid werden benaderd, stelde hij met weinig omhaal van woorden ter discussie: migratie, de ‘voortdenderende’ integratie van Europa, de historische fouten van de linkse intellectuelen.

Veelal gebeurde dit in geschriften die later in boekvorm verschenen. Bolkesteins oeuvre zorgt inmiddels voor een indrukwekkende boekenplank. Even leek het er op dat Bolkestein (1933) in 2011 met zijn van tevoren als magnum opus aangekondigde boek De intellectuele verleiding het definitieve slothoofdstuk had geschreven. Hij was 78 jaar maar bleef van zich laten horen.

Een deel van de productie van de laatste acht jaar is nu gebundeld en verschenen onder de omineuze titel Bij het scheiden van de markt. Is dit het nu? Houdt Bolkestein er echt mee op? „Ik ben uitgeschreven”, zei hij vorige week in een vraaggesprek met NRC. Wat natuurlijk nog maar de vraag is. Bolkestein is er een meester in om een steen in de vijver te gooien als hij zich daartoe geroepen voelt, dus waarom zwijgen? Nog deze week was hij met een ingezonden brief aanwezig in de Volkskrant over de volgens hem terecht door de Europese Commissie verboden fusie tussen het Duitse Siemens en het Franse Alstom. Zijn in 2013 verschenen memoires heten niet voor niets Cassandra tegen wil en dank.

Onbesuisde klimaatpolitiek

Als het om waarschuwen gaat is zijn nieuwe bundel wederom illustratief: het is een stenenregen die gaat van onbesuisde klimaatpolitiek, via de teloorgang van het onderwijs, tot het debat over de islam. Tussentijds is er ook nog ruimte voor een enkele persoonlijke afrekening, zoals met de in 2010 overleden D66-coryfee Hans van Mierlo. ‘Eigenlijk een bange man’, schrijft hij in 2012 in een bijdrage voor Vrij Nederland die in het boek is opgenomen.

Lees ook het interview met Frits Bolkestein: ‘Ik laat me niet beperken door de standpunten van de VVD’

Boek is eigenlijk een te groot woord voor de nieuwste Bolkestein. Het is niet meer dan een slordig geredigeerd samenraapsel van oude stukken met een stevige kaft er omheen. En dat is jammer, want de talloze onderwerpen die Bolkestein aanroert blijven ook bij teruglezing enkele jaren later interessant. Maar met iets van een reflecterende inleiding of epiloog die recht doet aan de titel had de bundel een aanzienlijke meerwaarde gekregen.

Helaas. Zelfs de bronvermelding van sommige stukken is gebrekkig of fout. Want pijnlijk is het dat Donald Trump die in 2016 als president van de Verenigde Staten werd gekozen in die hoedanigheid in een stuk uit 2012 figureert. Althans, zo staat het in het boek. In werkelijkheid verscheen het verhaal van Bolkestein pas in 2017 in Elsevier. Bij een aantal stukken staat in de verantwoording ter gelegenheid waarvan ze zijn geschreven of waar ze zijn gepubliceerd, bij andere niet. Dat is Bolkestein misschien niet kwalijk te nemen, maar zijn uitgever wel.

Bij gebrek aan een rode draad, afgezien van de vijf enigszins thematische hoofdstukken, is het verleidelijk om dan maar via het personenregister te lezen, om te kijken op er nog iets van een boodschap uit valt te destilleren. Volstrekt arbitrair, maar het geeft toch een aardig inkijkje.

Provocerend

Welke namen deden er bij Bolkestein toe in de voorbije acht jaar? Mark Rutte in elk geval niet. De persoon van Mark Rutte die zich sinds 2010 de eerste premier van VVD-huize kan noemen valt welgeteld één keer. En dan alleen nog maar in de bijdrage waarin Bolkestein zich beklaagt over het Algemeen Dagblad dat ten onrechte had gesuggereerd dat hij kritiek zou hebben op Rutte.

Wie dan wel verschillende keren worden genoemd? Joseph Stalin, Angela Merkel, Wim Kok, Jean-Jacques Rousseau. Over de laatste sprak Bolkestein in 2012 tijdens een bijeenkomst in het Amsterdamse debatcentrum de Balie. Hij fileerde daar Rousseaus vaak aangehaalde verhandeling Het maatschappelijk verdrag, die volgens hem veel overeenkomsten vertoonde met communistische ideeën. Zijn invloed moest niet worden overdreven en voor het overige was Rousseau ook nog een ‘onmogelijk mens’ die met de Verlichting ‘niets van doen had’. Het is Bolkestein ten voeten uit: lekker jennen in de grachtengordel.

Met die houding blijft hij ook de welkome speler in het publieke debat die weigert zich te conformeren aan de brede consensus. In zijn in 2016 geschreven stuk ‘Onze catastrofale toekomst’ staan alle argumenten tegen het voorgenomen klimaatbeleid zoals die nu worden geuit door sceptici als Thierry Baudet. Bolkestein ontpopt zich duidelijk als een vooruitgangsoptimist. Van de sombere voorspellingen van de Club van Rome begin jaren zeventig is toch ook niets uitgekomen? En wie heeft het nog over zure regen? De bomen staan er beter voor dan ooit, schrijft hij.

In staccato zinnen, je hoort hem als het ware spreken, stapelt Bolkestein argument op argument, waarbij hij zich weinig gelegen laat liggen aan mogelijke tegenargumenten die er in de klimaatdiscussie volop zijn. Hij blijkt een selectief winkelaar die materiaal zoekt voor zijn gelijk. En dan bedient hij zich van twijfelachtige beweringen, zoals over wetenschappers die belang hebben bij het voorspellen van een catastrofe, want dan kunnen zij rekenen op subsidie om te onderzoeken hoe die catastrofe te vermijden is.

Bij het scheiden van de markt toont Bolkestein zich nog altijd dezelfde man die dertig jaar geleden de politiek opschudde. Onconventioneel, polemisch, provocerend, compromisloos. Tamelijk uniek voor Nederland dus. Laat hem nog maar even doorgaan.