Opinie

De Brexit lijkt de EU sterker te maken

In Europa

Woensdagavond keken sommige Duitse voetbalfans liever naar de Brexit-stemmingen in het Britse Lagerhuis dan naar Bayern München tegen Liverpool. „Order!” brulden ze, net als Speaker John Bercow. „Oóórder!!”

Dit is wat de Brexit voor veel Europeanen is: entertainment. Veel spannender dan voetbal of talkshows met obligate gasten.

Tijdens de Griekse crisis gebeurde hetzelfde. Verhitte parlementsdebatten in Athene. Politieke charlatans die elkaars leugens ontmantelden. Een premier die elke week van mening en strategie veranderde. We vráten het. We hadden allemaal een mening. Die natuurlijk gratuit was: dit overkwam hén en niet ons, godzijdank.

Met alle respect voor mensen die door de Brexit of de eurocrisis gedupeerd zijn – maar wat hier fascinerend aan is, is dat het er beperkt toe doet wat er in Athene of Londen gebeurt. Het is theater. Misschien laten de Britten zichzelf daarom ook wel zo gaan: omdat ze weten dat het uiteindelijk door de 27 EU-landen wordt bepaald, wat er gebeurt.

Politici in Groot-Brittannië kunnen baarlijke nonsens uitkramen, U-turns en dubbele rittbergers maken en onuitvoerbare scenario’s voorstellen, omdat ze ergens weten dat ze een vertrekkend land zijn uit een immens blok van landen die altijd bekvechten, maar wel één gemeenschappelijk doel hebben: zorgen dat de Europese instituties en regels niet worden geschaad. Het is de EU die bij elke stap in het Brexit-proces de voorwaarden bepaalt en dicteert, niet het VK.

De VS, China en Rusland vinden Europa wel een lekker brokje

Voor de EU is het belangrijker wat kiezers in Madrid, Warschau of Luxemburg willen dan die hard Brexiteers of Remainers. De Britten hebben wel keuzes, maar enkel binnen de bandbreedte die de 27 afbakenen. De EU kijkt als ‘welwillende hegemon’ naar elk plan. Maar als het de EU hindert, gaat het van tafel. Laatste bizarre voorbeeld: ‘honesty boxes’ op de Ierse grens waarin handelaars hun eigen aangifte kunnen stoppen.

Brexit leert ons weinig over de Britten en veel over de EU. Velen blijven voorspellen dat de EU zal imploderen, exploderen of anderszins verdwijnen, maar het omgekeerde lijkt te gebeuren. De EU wordt sterker. Niet omdat ze dictatoriale neigingen heeft, niet omdat iedereen plotseling eurofiel is geworden, maar omdat lidstaten – die alle belangrijke beslissingen in Brussel nemen – er belang bij hebben. Daarom hebben ze de eurocrisis, migratiecrisis en Brexit overleefd: omdat ze wíllen overleven.

Lees ook dit essay van Caroline de Gruyter: Misschien is het maar beter dat de Britten gaan

De Unie heeft grote problemen. Tegelijk zien lidstaten dat een strijd tussen supermachten aanloeit. De VS, China en Rusland vinden Europa wel een lekker brokje. Ze cirkelen om ons heen, bullyen ons. Wat voor de EU op het spel staat, is puur overleven.

Daarom werken Frankrijk en Duitsland aan wat Constanze Stelzenmüller van de Brookings Foundation noemt „een vierde verhaal” voor Europa: „Het eerste verhaal ging over vrede, het tweede over welvaart, het derde over meer democratisering. Dit vierde verhaal gaat over de bescherming van wat president Macron betitelt als „beschaving” en [CDU-partijleider] Kramp-Karrenbauer als „de Europese manier van leven”: parlementaire democratie, rechtsstaat, individuele vrijheid, sociale markteconomie.” Kortom, dit gaat om het behoud van de verworvenheden van de laatste driekwart eeuw. Daarom willen ze de eurozone versterken, een Europese veiligheidsraad opzetten en buitengrenzen beter bewaken.

De kern van dit ‘vierde’ verhaal is de federale structuur van de EU, met als ruggengraat de instituties en de regels. Daar zijn allen het over eens. Zelfs eurosceptici. Die willen geen exit meer. Nee, ze willen gekozen worden, Europese politiek bedrijven, rechters hebben in Europese rechtbanken. Ze willen niet van de instituties af, ze willen ze beheersen.

Zij hebben er duidelijk meer van begrepen dan de Brexiteers.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.