Francis Fukuyama: "Trump is een bedreiging voor de democratie, dat is de cultuur op een linkse universiteit niet."

Foto: Frank Ruiter

‘Dat een westerse samenleving ook áchteruit kan gaan, daar had ik niet over nagedacht’

Francis Fukuyama In zijn nieuwe boek Identiteit waarschuwt Francis Fukuyama voor de linkse identiteitspolitiek. Maar de rechtse identiteitspolitiek, zoals van Trump, is nóg gevaarlijker, vindt hij. ‘Links moet de nationale identiteit herontdekken.’

Dertig jaar geleden schreef Francis Fukuyama in The National Interest een essay dat hem uit de intellectuele obscuriteit haalde en de tijdgeest van de jaren negentig sterk beïnvloedde: The End of History? Het nationaal-socialisme was verslagen, het communisme stond op het punt te vallen. Een pragmatische, liberale democratie was de enig overgebleven geloofwaardige staatsvorm. Daartoe zou de wereld zich uiteindelijk bekeren. Eind goed, al goed – al zag hij nog genoeg bedreigingen en onopgeloste vragen.

De dertig jaar na dit essay en 27 jaar na zijn boek The End of History and the Last Man, heeft Fukuyama besteed aan het uitleggen, nuanceren en heroverwegen van zijn conclusies. Vaak, zegt hij, is hij verkeerd begrepen. Maar Fukuyama moest zichzelf ook corrigeren. Het optimisme waarmee hij de hegemonie van westerse democratieën aankondigde, slaat nu, bot gezegd, nergens meer op. Trump! Brexit! Orbán! Poetin! Daar sta je dan, met je einde van de geschiedenis.

Fukuyama’s nieuwe boek heet Identiteit. Waardigheid, Ressentiment en Identiteitspolitiek, dat recent in vertaling is verschenen. Hij praat erover in zijn hotel in Amsterdam. Vermoeid van zijn Europese tournee zit hij achterover in een stoel. Fukuyama komt in dit boek terug op The End of History. Hij corrigeert zichzelf, én haalt alsnog enigszins zijn gelijk. De mens, schrijft hij, kent een universele hunkering naar ‘thymos’ – erkenning. Die erkenning wordt niet automatisch geboden door westerse democratieën. Sterker: veel mensen voelen zich gemarginaliseerd. Thymos verklaart volgens hem linkse identiteitspolitiek, maar evengoed de opkomst van Donald Trump.

Fukuyama: „In de laatste hoofdstukken van mijn boek The End of History waarschuwde ik dat de democratische revoluties ook een keerzijde kunnen hebben. Je hebt de anti-gevoelens, zoals jaloezie en haat, die grote woede kunnen veroorzaken. Ik speculeerde er wat over: waar zou het mis kunnen gaan? En nu zitten we hier, bijna dertig jaar later. En sommige speculaties zijn werkelijkheid geworden.”

Wat wist u nog niet? Wat had de Fukuyama van toen kunnen leren van de Fukuyama van 2019?

„Ik heb veel meer nagedacht over politieke erosie. Dat idee had in The End of History nog niet postgevat. Tot de financiële crisis had democratie momentum, vanaf de vroege jaren zeventig in Spanje en Portugal, tot aan Oost-Europa. Die expansie stopte en werd teruggedraaid. Het idee dat je als samenleving terug kan gaan, even goed als vooruit, daar had ik niet over nagedacht. Ik waarschuwde wel voor de achteruitgang van de Amerikaanse politieke instituties. Dit was jaren voor de opkomst van Donald Trump.”

U zag de ratio als een kernwaarde in de liberale wereldorde. Heeft het gezonde verstand u teleurgesteld?

„Een van de verrassendste zaken aan Trumps verkiezing is dat zo veel Amerikanen blijkbaar kunnen stemmen op een man die volgens mij een idioot is. En dat die Amerikanen er verder niet wakker van liggen. Trumps karakter is slecht, zijn beoordelingsvermogen gebrekkig. Hij is een narcist, een racist ook tot op zekere hoogte. Ik had nooit gedacht dat iemand als hij verkozen kon worden in een gezonde democratie als die Amerika. Ik nam aan dat mensen van tijd tot tijd fouten maken, maar dat ze zichzelf zouden corrigeren. Ik geloofde dat in democratieën het gezond verstand zou zegevieren. Dat heeft geen stand gehouden.”

Lees hier de recensie door Floor Rusman van Identiteit.

Heeft u uw rotsvaste vertrouwen in liberale democratieën te lang uitgedragen?

„Ik heb niet de these verdedigd dat het allemaal wel zou werken toen dat overduidelijk niet langer klopte. Er waren dingen die ik fout had. Ik zou een dwaas zijn als ik nu zou verdedigen dat we in een tijd van immer uitdijende liberale democratieën leven. Het tegendeel is waar. De democratie is op de terugweg.”

Was het ongenoegen destijds zo moeilijk te zien? In 1992 kwam, om maar iemand te noemen, de populistische buitenstaander Ross Perot op.

Geprikkeld: „Dat was van een totaal andere orde. Perot maakte geen deel uit van een wereldwijde anti-democratische beweging. Hij was geen Trump. En hij werd niet verkozen.”

Zowel in The End of History als in Identiteit komt Donald Trump voor. In het eerste boek gebruikt Fukuyama hem als voorbeeld van een succesvolle zakenman met een groot verlangen naar erkenning, die ‘de excessen van vrijheid’ in zijn voordeel wist te gebruiken. In Identiteit schrijft hij dat hij destijds niet kon vermoeden dat Trump ‘geen genoegen zou nemen met zakelijk succes en roem’ en politicus werd.

Je zou kunnen zeggen dat Trump twee keer de zwaktes van de Amerikaanse liberale democratie heeft gevonden. De eerste keer door rijk te worden, de tweede keer door kiezers te mobiliseren.

„Ja. Ik vond het destijds een goed idee om westerse democratieën te verbinden aan de markteconomie. Die maakt ambities mogelijk van de mens die zich superieur wil voelen. Helaas was het niet genoeg voor Trump om rijk te worden. Hij wilde ook politieke erkenning. Daarom zitten we nu in deze situatie, met hem als president. Ik realiseerde me toen niet dat hij een soort schurk was, een charlatan. Het beeld dat iedereen destijds had, was: goed, het is een wat smakeloze rijke man, die zijn geld rechtmatig verdiend heeft. Nu weten we waar hij zijn imperium op gebaseerd heeft.”

Zucht naar erkenning dreef mensen in de richting van liberale democratie, schreef u destijds. Nu zegt u dat diezelfde honger mensen er juist van wegjaagt. Hoe kan dat?

„Als je leeft onder een autoritair systeem, in Oost-Europa bijvoorbeeld, is vrijheid het hoogste ideaal. Je wilt je mening uiten, en dat drijft je in de armen van liberalisme. Wat er nu gebeurt, is dat veel Oost-Europeanen democratie als gegeven zien. Ze spreken over de Europese Unie alsof het een communistische dictatuur is. Dat is absurd. Het heeft ook met generaties te maken. De meeste mensen die nu stemmen, waren nog niet eens geboren toen de communisten heersten. Ze weten niet wat het is om onder een dictatuur te leven.”

“Trump is een bedreiging voor de democratie, dat is de cultuur op een linkse universiteit niet.”

U waarschuwt in uw boek voor de opkomst van linkse identiteitspolitiek. In hoeverre is dat een nieuw fenomeen? Links ziet zichzelf toch van oudsher als een coalitie van gemarginaliseerde groepen?

„De aard van deze coalitie is veranderd. Links streed voor de arbeidersklasse en tegen kapitalisme. Die groep is opzij gezet voor specifieke minderheidsgroepen. Het gevolg is dat veel arbeiders, die ooit bij de Democraten of de SPD zaten, nu conservatief stemmen. Ze voelen zich niet langer vertegenwoordigd door links. En deels hebben ze daar gelijk in. Er is een zekere mate van cultuurelitisme ontstaan.”

Wijst identiteitspolitiek niet op fundamentele problemen in westerse democratieën, zoals racisme of ongelijkheid?

„Zeker, al deze groepen strijden terecht tegen marginalisering. Liberale maatschappijen zijn verplicht hier iets aan te doen, zoals aan het politieoptreden in zwarte wijken. Ik vind alleen dat er een overkoepelend idee moet zijn dat deze deelbelangen samenbindt. De linkse debatcultuur op universiteiten kan tot excessen leiden, maar het is geen bedreiging voor de democratie. Donald Trump wel. Het probleem met de linkse versie is dat het gebaseerd is op een oprecht verlangen naar sociale rechtvaardigheid, maar ook rigide en intolerant kan worden. Vaak is het een excuus om serieuze discussies te beperken tot ras, geslacht of seksuele oriëntatie.”

Rechtse identiteitspolitiek bestaat ook.

„En dat is mijn grootste zorg. Trump is een bedreiging voor de democratie, dat is de cultuur op een linkse universiteit niet. Het is een misverstand dat mijn doelwit vooral links zou zijn.”

Waarom werkte identiteitspolitiek op rechts wel als middel om macht te verwerven en raadt u het links juist af?

„Kijk naar de Occupy-beweging [in 2011]. Het was een groep kinderen die tegen Goldman Sachs was. Goed, maar er was geen plan. Wilden ze iets reguleren? Controleren? Verbieden? Daarbij waren ze niet erg politiek. Ze kozen geen politici die hun belangen steunden. Zo stierf het uit als een veredeld studentenprotest. Tegen die tijd ontstond ook een andere protestbeweging: de Tea Party. Die waren volwassener en bezorgden de Republikeinen in 2010 een meerderheid in het Congres. Politiek is meer dan protest. Links heeft nooit over identiteit nagedacht zoals rechts dat deed. Dat is de reden. Daarom is er wereldwijd een veel sterker rechts populisme. Het antikapitalistische sentiment sinds 2008 had moeten resulteren in een linkse beweging.”

Wat is het linkse antwoord op Trump?

„Links moet het idee van nationale identiteit herontdekken. Het taboe daarop moet verdwijnen. Het moet een liberale nationale identiteit zijn, die open staat voor de diversiteit van een land, gebaseerd op de wet, democratische idealen, gelijkheid. Er zijn goede manieren om kritisch over migratie te zijn. Gaan migranten uiteindelijk op in een nationale cultuur? Links moet ook praten over grenzen controleren, beslissen wie Amerikaan mag worden en wie niet, integratie – maar dan op een liberale manier.”

In zijn nieuwe boek duidt Yale-historicus Timothy Snyder de opkomst van Poetin, Le Pen en Trump. Lees ook: Is dit het meest verontrustende boek van het jaar?

Het klinkt als iets dat al eerder is geprobeerd: de Derde Weg.

„De Derde Weg had gebreken. Persoonlijk zou ik economisch verder naar links trekken en sociaal en cultureel wat conservatiever zijn. Die formule is effectiever om middenkiezers terug te winnen. De Derde Weg accepteerde te veel compromissen met het kapitalisme. Banken zijn niet gereguleerd, de politiek was te aardig voor Wall Street, er waren te weinig verschillen met het conservatisme. De Derde Weg geloofde sterk in de vrije markt.”

Hoe zou u economisch verder naar links willen?

„Door meer belasting te heffen, zeker in Amerika. Bedrijven zijn te groot en machtig geworden, kijk naar Facebook en Google. Er is veel voor te zeggen om rijken zwaarder te belasten en bedrijven aan te pakken. Maar het gebeurt niet. Ook niet op links.”

    • Guus Valk