Weinig ouders op ouderavond ‘Haga’

Islamitische school Ook een tweede poging van Amsterdam om in gesprek te gaan met de ouders van een omstreden islamitische school verliep niet soepel.

Bezoekers van de ouderavond, woensdag.
Bezoekers van de ouderavond, woensdag. Foto Niels Wenstedt/ANP

Honderden rode stoelen staan er klaar, in het partycentrum in het Westelijk Havengebied in Amsterdam dat de gemeente heeft afgehuurd. Ze blijven vrijwel allemaal onbezet. „We dachten: we doen tien stoelen per persoon”, zegt burgemeester Femke Halsema (GroenLinks) met een wrang lachje.

De ouders van leerlingen van het islamitische Cornelius Haga Lyceum bleven woensdagavond massaal weg bij een bijeenkomst over de onrust rond hun school. Via e-mail en sociale media waren ze door de ouderraad opgeroepen om de avond te mijden. Halsema en wethouder Marjolein Moorman (Onderwijs, PvdA) waren in het partycentrum om vragen te beantwoorden over de crisis rond de omstreden middelbare school.

Lees ook: Situatie rond het islamitische Cornelius Haga Lyceum escaleert

Afgelopen donderdag nam het stadsbestuur een zeer ongebruikelijk stap: het maakte een waarschuwing openbaar van inlichtingendienst AIVD. „Richtinggevende personen” op de school zouden banden hebben gehad met een Tsjetsjeense terreurgroep. Ook zou het onderwijs op het Cornelius Haga anti-democratisch zijn en zou de school de onderwijsinspectie hebben gedwarsboomd. Halsema eiste het ontslag van het voltallige schoolbestuur. Dat leidde tot een furieuze reactie van het bestuur en onrust onder de ouders.

De bijeenkomst zou oorspronkelijk dinsdagavond plaatsvinden, op een andere locatie. Daar kwamen de ouders in zulke groten getale opdagen dat ze niet allemaal in de zaal pasten. Uit onvrede verlieten ze het gebouw, waarop Halsema besloot de bijeenkomst een dag te verplaatsen. Maar dat is „veel te kort dag”, zeggen drie gesluierde vrouwen woensdag voorafgaand aan de bijeenkomst op hoge toon tegen Halsema. „We hebben bijna allemaal banen en een druk leven.” Ze zijn alleen maar gekomen om zich „netjes af te melden”.

Besloten bijeenkomst

Als de bijeenkomst met enige vertraging begint, verlaat de helft van de ouders demonstratief de zaal. Er blijft nog een man of dertig over: vooral ouders van leerlingen die zich willen inschrijven op het college en nauwelijks van huidige leerlingen, leert navraag door Halsema.

Hoe het gesprek daarna verloopt, is onduidelijk: aanwezige journalisten wordt gevraagd de zaal te verlaten omdat het een „besloten bijeenkomst” is. Na afloop vertelt Halsema dat ze het gesprek met de ouders toch als „een eerste opening” beschouwt. „Het is een lastig gesprek. Veel van de ouders worstelen toch met stevige loyaliteitsproblemen.” Wethouder Moorman vindt het „jammer” dat ouders „vanwege de groepsdruk geen individuele keuze hebben kunnen maken om hierheen te komen.”

Eén ding is duidelijk na de twee mislukte bijeenkomsten: de ouders van het Cornelius Haga zijn niet uit op een dialoog met de gemeente. En dat brengt Halsema en Moorman in een lastig parket. Met de openbaarmaking van de AIVD-waarschuwing hoopte het stadsbestuur de ouders zo ver te krijgen dat ze hun kinderen van school zouden halen – vrijdag sluit de inschrijving voor Amsterdamse middelbare scholen.

Lees ook: Islamitische school laat zich positief rapport niet ontnemen

Maar het effect is omgekeerd: de salafistische moslimgemeenschap in Amsterdam solidariseert met de school en keert zich tegen het stadsbestuur. Hoe vaak Halsema ook benadrukt dat ze deze stap heeft genomen om de leerlingen te beschermen en dat fatsoenlijk islamitisch onderwijs welkom is in de stad – de ouders van het ‘Haga’ lijken er vooral een aanval op hun gemeenschap in te zien.

Veel andere middelen heeft de gemeente niet, gaf Halsema eerder op de dag toe in de raad. Het schoolbestuur wordt beschermd door de vrijheid van onderwijs, en het allerzwaarste middel – de school sluiten – kan de minister alleen inzetten bij een te laag leerlingenaantal of herhaaldelijk slechte inspectierapporten. Halsema: „Onze bevoegdheden houden geen gelijke tred met ons verantwoordelijkheidsgevoel, en dat frustreert.”