De laatste linkse VVD’er vertrekt uit Amsterdam

Gemeentepolitiek Oud-wethouder Eric van der Burg, nestor van de Amsterdamse politiek en smurfenverzamelaar, houdt het na 32 jaar voor gezien.

Eric van der Burg
Eric van der Burg Foto Koen van Weel / ANP

Extra vluchtelingen opnemen in de stad? Geen enkel probleem. „Hoe meer asielzoekers, hoe beter”, zei VVD-wethouder vindt Eric van der Burg in 2017. Het deed oud-partijleider van de VVD (en Amsterdammer) Frits Bolkestein vlak voor de vorige gemeenteraadsverkiezingen verzuchten: „Ik vind dat-ie weg moet.”

Eric van der Burg is een politicus van een uitstervend ras: een ‘linkse’ VVD’er. Na tweeëndertig jaar neemt de wethouder deze woensdag afscheid van de Amsterdamse politiek. Hij staat op nummer 11 van de kandidatenlijst voor de Eerste Kamer. En ook als hij in mei niet wordt gekozen tot senator – het spant er nog om – vindt hij het welletjes. „Op een gegeven moment moet je wegwezen.”

De hyperenergieke en licht ontvlambare Van der Burg (53) was sinds het overlijden van burgemeester Eberhard van der Laan zonder meer de meest ervaren politicus van Amsterdam. Een atypische, wat excentrieke liberaal, die geen druppel alcohol drinkt en op zijn werkkamer in de Stopera jarenlang zijn enorme miniatuur-smurfencollectie uitstalde.

Met zijn moeder in de deelraad

In 1987 werd Van der Burg, 21 jaar oud, gekozen in de deelraad van Amsterdam-Zuidoost. Opvallend detail: zijn moeder Gerda was in die jaren ook deelraadslid, maar dan voor het CDA. Toen haar zoon bestuurder werd in Zuidoost, interrumpeerde ze hem regelmatig vanuit de oppositie.

Vanaf 2010 was Van der Burg acht jaar wethouder, onder meer van zorg, sport en ruimtelijke ordening. Hij haalde het EK Atletiek naar Amsterdam en maakte de eerste plannen voor Haven-Stad, de grote nieuwe stadswijk die moet verrijzen in het Westelijk Havengebied. Minder succesvol was zijn hervorming van het erfpachtstelsel, die nooit goed van de grond kwam en impopulair is.

Verreweg zijn belangrijkste wapenfeit als wethouder vond Van der Burg de Aanpak Gezond Gewicht, die obesitas bij Amsterdamse kinderen moet tegengaan. Dat partijgenoten zulk overheidsingrijpen in het persoonlijk leven betuttelend vonden en niet bepaald des VVD’s, kon Van der Burg weinig schelen. Hij had toch al het imago van „gekke, linkse VVD’er uit Amsterdam” (zijn eigen woorden).

Vanuit de hoofdstad ging Van der Burg vaak lijnrecht in tegen de lijn van zijn eigen partij. Zo sprak hij zich tijdens de kabinetsformatie van 2010 als een van de weinige VVD’ers uit tegen de gedoogcoalitie met de PVV, wat hem een woedend telefoontje opleverde van partijleider Mark Rutte. „Ik heb me menigmaal afgevraagd: wat doet hij nog bij die club?”, zegt oud-wethouder Maarten van Poelgeest (GroenLinks), die jarenlang met Van der Burg samenwerkte.

Tijdelijk burgemeester

Na de dood van Van der Laan was Van der Burg enkele weken burgemeester van Amsterdam, een rol waarvan hij met volle teugen genoot. Maar hij wist dat hij, zelfs als linkse VVD’er, geen werkelijke kans maakte op het burgemeesterschap: bijna alle partijen – de VVD incluis – wilden een vrouw als opvolger. Wel probeerde hij achter de schermen oud-minister Jeanine Hennis-Plasschaert over te halen om te solliciteren.

Ook na zijn vertrek uit de Amsterdamse politiek blijft Van der Burg een atypische VVD’er. Hij gaat, naast zijn beoogd lidmaatschap van de Eerste Kamer, aan de slag als voorzitter van het Aidsfonds en van branchevereniging Sociaal Werk Nederland. Wie hij daar opvolgt? Femke Halsema en Marijke Vos – twee GroenLinks’ers.