Nicole Kidman is in ‘Destroyer’ meer dan een vrouw in een mannenrol

Destroyer Nicole Kidman speelt in ‘Destroyer’ een uitgeputte en geobsedeerde rechercheur. De film legt uit waarom dat zo is én knoopt daar geen moreel oordeel aan vast.

Nicole Kidman in ‘Destroyer’.
Nicole Kidman in ‘Destroyer’.

Als Nicole Kidman aan het begin van Destroyer aan komt lopen, zwalken is het bijna, dan ziet ze eruit alsof ze een nacht onder een struik heeft doorgebracht. De huid tussen de sproeten op haar gezicht is grauw en verweerd. Dit is – zeg maar – niet een vrouw die maandelijks honderden dollars aan crèmepjes van La Prairie uitgeeft.

Maar deze film laat Kidman er niet alleen zo uitzien – hij legt ook uit waarom ze er zo uitziet. En knoopt daar geen moreel oordeel aan vast. Destroyer slaat een ander pad in.

Kidman is Erin Bell, een bikkelharde rechercheur, onverschillig voor de minachtende blikken van haar collega’s. Die betreffen overigens niet haar uiterlijk, maar haar onaangepaste gedrag. Zo geobsedeerd als ze is om de moordzaak op te lossen die zich aan het begin van de film aandient, zo ongeïnteresseerd is ze om dat volgens de regels te doen.

Ze is iemand met een missie, zoals elke klassieke held. Maar ook een mens vol tegenstrijdigheden en met niet alleen maar nobele eigenschappen – een antiheld dus. Dit is een vrouw op zoek naar wraak en misschien ook nog naar iets anders. Vergeving misschien. Maar van wie?

Dat maakt haar anders dan de meeste mannen in dit soort rollen. De filmgeschiedenis heeft voorgeschreven dat mannelijke personages met heel veel gedrag wegkomen dat van vrouwen niet wordt geduld. Althans, dat is het dominante beeld.

Vrouwen die boete doen

Hier past even een klein historisch intermezzo. Dat overheersende beeld van de vrouw zonder gebreken, zonder eigenschappen zou je haast zeggen, stamt uit de Amerikaanse mainstreamfilm. Niet-Amerikaanse films en onafhankelijke films hebben altijd meer complexe vrouwelijke personages laten zien. En ook in de Verenigde Staten was dat ooit zo. Kijk maar naar The Divorcee uit 1930, waarin een vrouw haar overspelige man een koekje van eigen deeg geeft.

Maar tussen 1930 en eind jaren zestig had Hollywood een streng systeem van zelfcensuur: de zogeheten ‘Production Code’, die middels ‘do’s’ en ‘don’t’s’ voorschreef wat betamelijk was. Geen seks voor het huwelijk bijvoorbeeld. En als vrouwen als promiscue werden afgebeeld, dan moesten ze daar op z’n minst voor ‘gestraft’ worden of ‘boete’ voor doen.

Vanaf de jaren zeventig kenterde het beeld, maar doordat mannelijke regisseurs toen in de meerderheid waren duurde het nog tot in deze eeuw voordat vrouwelijke filmmakers de draad vanaf 1930 weer konden oppikken.

Dit is geen mannenrol

Als Erin Bell een man was geweest, dan was ze Humphrey Bogart en Clint Eastwood in overdrive. Een hardboiled detective uit een jarenveertig-film noir, of een cynische inspecteur uit de jaren zeventig. Ergens in het leven gedesillusioneerd geraakt. Functioneel alcoholist. Een mond vol bittere oneliners.

Het bijzondere van Destroyer is niet dat regisseur Karyn Kusama (Girlfight, Aeon Flux, Jennifer’s Body) van dat klassieke mannelijke personage een vrouw heeft gemaakt, maar dat ze ons bewust maakt van het feit dat dit „niet zomaar een vrouw in een mannenrol is”, zoals ze het in haar eigen woorden stelt.

„De ‘lone wolf’, de ‘outsider’, is een typisch mannelijk archetype”, vertelde Kusama in een interview met webmagazine The Verge. „Bij vrouwen moet je je altijd afvragen of ze een buitenstaander zijn omdat ze een buitenstaander zijn, of omdat ze een vrouw zijn.” Met andere woorden: begeeft Bell zich in de periferie omdat dat nu eenmaal haar karakter is, of omdat ze als vrouw gemarginaliseerd wordt?

Wat Destroyer interessant maakt is dat die vraag niet zo eenduidig te beantwoorden is. Net zomin als bijvoorbeeld in het recente Can You Ever Forgive Me?, over de onsympathieke en aan lagerwal geraakte schrijfster Lee Israel, die een handeltje met vervalste brieven opzet om in leven te blijven, en aan het einde van haar filmverhaal niet enorm schuldbewust haar leven betert.

Ze voldoen niet aan de crux dat je als vrouw in de filmgeschiedenis „sterk”, „zwak” of zomaar „onaangepast” mag zijn, zolang je maar aan het einde weer in het gareel loopt.

Wat is feministisch filmmaken?

Deze films starten een discussie over de vraag wat echt feministisch en geëmancipeerd filmmaken is. Het beste recente voorbeeld is waarschijnlijk nog wel het door een man geregisseerde koningsdrama The Favourite, waarin de groteske visuele stijl van de film een intrigerend en dubbelzinnig spel speelt met genderrollen en de corrumperende werking van macht.

De definities verschuiven. Eerst was het omdraaien van rollen genoeg. Alles wat mannen in films konden, mochten vrouwen ook. Denk aan perfide politica Claire Underwood in tv-serie House of Cards (2013), nog een graadje erger dan haar machtswellustige echtgenoot Frank. Of aan Bridesmaids (2011) en aanverwante films waarin (vrijgezelle) jonge vrouwen ook mochten zuipen en kotsen.

Daarna verschoof de aandacht naar actrices die niet bang waren om – met dank aan de grime- en pruikenafdeling – niet aan het gangbare schoonheidsideaal te voldoen. Zoals Charlize Theron in seriemoordenaarsfilm Monster (2003) , of in Tully (2018) waarin ze een vrouw met een postpartumdepressie totaal onglamoureus maakt. Ook Margot Robbie hoefde zich in schaatsfilm I, Tonya (2017) niet per se van haar meest flatteuze kant te laten zien.

Lees hier de recensie van ‘Destroyer’

Maar het blijft gecompliceerd. Want verschuift daardoor de aandacht van de innerlijke transformatie niet alsnog naar de uiterlijke? En voedt het de gedachte dat vrouwen die niet op Nicole Kidman lijken, wel minder aardig moeten zijn? In het geval van Kidman extra pikant, want die doet er in het echte leven alles aan om op een prerafaëlitisch schilderij te lijken.

Kusama had trouwens ook een antwoord op haar eigen retorische vraag, of Erin Bell wordt buitengesloten omdat ze een vrouw is. Ze denkt namelijk van wel. „Bell is geen vrouw in een mannenrol, maar een vrouw in een behoorlijk ongewone vrouwenrol. En”, voegt ze daaraan toe, „brengt ons dat niet een heel klein beetje dichter bij het feit dat een vrouw zijn in deze wereld misschien gewoon heel andere uitdagingen kent dan man-zijn?”