Opinie

    • Louise Fresco

Politieke cijfers, soms ook maar een mening

Zestig jaar geleden hield C.P. Snow een rede in Cambridge die beroemd zou worden door de woorden Two Cultures . Snow was topambtenaar, bètawetenschapper en schrijver – toen en nu een zeldzame combinatie – en zijn rede ging precies daarover. Onder de titel The Two Cultures and the Scientific Revolution betoogde hij dat er een volledig gebrek aan begrip bestond tussen alfa’s en bèta’s.

Die kloof hinderde niet alleen de wetenschappelijke vooruitgang, maar bedreigde ook de samenleving. Omdat ambtenaren en politici bijna allemaal een alfa- of gamma-opleiding hadden, waren ze niet in staat om werkelijk tot oplossingen te komen voor de prangende vraagstukken van die tijd zoals kernwapens, overbevolking en armoede. Dergelijke mensen waren ‘natural Luddites’, een verwijzing naar de arbeiders die zo rond 1815 weefgetouwen kapotsloegen in protest tegen de industrialisering. Bèta’s daarentegen dachten aan vooruitgang, aldus Snow, die het een schande vond dat men er prat op ging geen idee te hebben van de tweede wet van de thermodynamica (die hij evenzeer een teken van beschaving vond als het lezen van Shakespeare). De meerderheid van de bevolking en de leiders bevonden zich qua wetenschappelijke inzichten in het stenen tijdperk en hadden niets meegekregen van de omwenteling van ons wereldbeeld dankzij de natuurwetenschappen.

Zestig jaar later kunnen we niet meer spreken van het stenen tijdperk: dankzij middelbare scholen en media weet bijna iedereen íéts van het heelal, DNA, het klimaat, processoren, kanker. Of de thermodynamica gemeengoed is, blijft twijfelachtig, al kun je je ook afvragen wie Shakespeare nog leest.

Zeker is dat sinds Snow in politiek en het bestuur de getallen niet langer voorbehouden zijn aan de nog steeds schaarse bèta’s. Een beetje politicus zwaait graag met modellen en prognoses. Cijfers zijn de favoriete categorie van argumenten geworden. Helaas leiden cijfers of wiskundige begrippen, ogenschijnlijk onweerlegbaar, buiten hun context vaak tot spraakverwarring. Zo wordt ‘exponentieel’ regelmatig misbruikt om overbevolking te kenschetsen (nergens neemt de bevolkingsgroei exponentieel toe). Exponentieel is niet hetzelfde als ‘heel sterk’. Metaforen mogen, maar niet voor wie in een debat exact wil zijn.

Cijfers, zoals het lage percentage groene energie in Nederland, kunnen verhullend werken (Nederland heeft minder mogelijkheden dan bijvoorbeeld Finland). Zulke ‘feiten’ weerspiegelen vaak niet de context, en zijn zo eerder een mening. Dat zeg ik niet omdat postmoderne nivellering alles gelijkschakelt, maar omdat cijfers en modellen altijd aannames inhouden. Het is essentieel dat politici zich niet afhankelijk maken van één doorrekening, maar vragen om een second opinion voordat men tot miljardenuitgaven besluit, zeker als het gaat om keuzes waarover onvoldoende wetenschappelijke consensus bestaat.

Mijn verwijzing naar de twee culturen is geen pleidooi om bèta’s gelijk te geven. De complexiteit van de huidige vraagstukken is zodanig dat niemand alles kan overzien. Alfa’s, bèta’s en gamma’s zijn allemaal nodig en steeds meer jongeren laten zich gelukkig niet in één categorie vangen. Iedereen heeft echter besef van orde van grootte in ruimte en tijd nodig. Pas als je weet wat een begrip voorstelt, kun je er mee omgaan. Wie denkt dat zuurstof of CO2 een hoofdbestanddeel van lucht is, mist iets wezenlijks.

Onlangs zei schrijver Joost de Vries in Buitenhof dat de mens sinds het „krijttijdperk” al kunst maakt. Het Krijt eindigde 65 miljoen jaar geleden, en de eerste ‘kunst’ van mensen is 100.000 jaar oud. Natuurlijk wilde hij aangeven hoezeer kunst met het menselijke bestaan verweven is. Erg is zo’n uitspraak niet, al is het meer dan een slordigheid of vergissing. Het is een teken dat Snows twee culturen nog steeds bestaan.

Louise O. Fresco is voorzitter van de Raad van Bestuur van Wageningen U&R en schrijfster.