‘Op iedere honderd meter strand liggen twaalf ballonnen’

Milieu Steeds meer gemeenten verbieden of ontmoedigen het oplaten van ballonnen. De resten zijn slecht voor natuur en dier, stellen wetenschappers. Ballonnenbedrijven passen zich aan. Ze gebruiken geen lintjes of ledlampjes meer.

Ballonnen oplaten tijdens het tachtigjarig bestaan van avonturenpark Hellendoorn in 2016.
Ballonnen oplaten tijdens het tachtigjarig bestaan van avonturenpark Hellendoorn in 2016. Foto Vincent Jannink / ANP

De opening van een nieuwe winkel, een bruiloft, een feestdag, een kinderfeestje: tot vijf jaar geleden waren dat dé gelegenheden om ballonnen op te laten. Liefst zo veel mogelijk, zodat de lucht gevuld werd met feestelijke rondjes die steeds kleiner en kleiner werden. Bestemming: onbekend. Dat maakte de losgelaten ballon tot iets bijzonders.

Maar juist over die onbekende bestemming is de laatste jaren veel te doen. Milieuorganisaties als Stichting De Noordzee en de Plastic Soup Foundation zeggen dat veel ballonnen in zee terechtkomen. Schildpadden en vogels eten de resten op of raken erin verstrikt.

Daarom nam de Tweede Kamer in 2014 een motie van de Partij voor de Dieren aan om het oplaten van ballonnen te ontmoedigen. Een jaar later verbood de gemeente Amsterdam als eerste het oplaten van ballonnen op gemeentelijke evenementen.

Sindsdien is het aantal gemeenten met een verbod snel toegenomen. Volgens de gegevens van Stichting De Noordzee kennen op dit moment 59 gemeenten een verbod en 80 een ontmoedigingsbeleid. In 2018 was er nog maar in 21 plaatsen een oplaatverbod.

Ballon op een bordje

Utrecht hoort sinds vorige maand bij het rijtje gemeenten waar ballonnen niet meer de lucht in mogen. Daar zijn jaren discussiëren aan vooraf gegaan. En een ludieke actie. In 2015 had toenmalig VVD-gemeenteraadslid André van Schie beweerd dat een ballon een natuurproduct is dat je bij wijze van spreken kunt opeten. Daarop kwam een CDA-collega aanzetten met een bordje, mes en vork. En een ballon. Van Schie at hem op „Ik kon natuurlijk niet meer terug”, lacht hij door de telefoon.

In Heemstede is het oplaten van ballonnen sinds 1 januari verboden. Bij trouwerijen wijzen medewerkers de organisatie op de nieuwe regeling. Tot nu toe heeft dat geen problemen opgeleverd. „Twee keer heeft een bruidspaar gevraagd of er bij de trouwerij ballonnen mochten worden opgelaten. Toen hebben we gezegd dat het niet meer mag, en is het ook niet gebeurd.”

Op Terschelling moet het verbod nog worden geregeld, maar wordt nu al tegen de organisatoren van evenementen, huwelijken en begrafenissen gezegd dat ballonnen oplaten niet gewenst is. Wie dat straks – na het verbod – toch doet, kan een boete krijgen van maximaal 4.150 euro.

1 miljoen ballonnen per jaar

Lobbyclubs als Stichting De Noordzee, de Plastic Soup Foundation en Vereniging Kust & Zee voeren al sinds 2014 campagne onder de naam Die Ballon Gaat Niet Op. Ze vragen gemeenten, scholen en evenementenorganisaties geen ballonnen op te laten. Jaarlijks gaan 1 miljoen ballonnen de lucht in, zo blijkt uit een onderzoek van TNO uit 2016. „Gemiddeld vinden we op iedere honderd meter strand twaalf ballonnen terug”, zegt Marijke Boonstra van Stichting De Noordzee. „Latex vergaat slecht, zeker op zee”, voegt Jeroen Dagevos van de Plastic Soup Foundation toe. „En vaak zit er nog van alles aan: plastic lintjes, ledlampjes met batterij.”

De plastic lintjes en ledlampjes zijn slecht voor het milieu, zegt ook Pim Santhuizen. Hij is voorzitter van de branchevereniging voor ballonnenbedrijven De Groene Ballon, die ongeveer dertig leden heeft. Zij gebruiken geen plastic linten, plastic snelsluiters of ledlampjes bij het oplaten.

Met de latexballon zelf is volgens Santhuizen niks mis. „Latex is een natuurproduct, dat wordt gewonnen uit de boom.” De ballon vergaat vanzelf, zegt hij. „Het duurt op zee alleen wat langer, omdat daar minder micro-organismen zijn en er minder zuurstof bijkomt.” Bovendien staat volgens Santhuizen niet onomstotelijk vast dat dieren overlijden door het eten van ballonnen.

Daar denkt wetenschapper Jan Andries van Franeker anders over. De marien bioloog van Wageningen Marine Research komt tijdens zijn onderzoek naar Noordse stormvogels in 1 á 2 procent van de opengemaakte magen latex van ballonnen tegen. De vogels poepen ballonresten soms weer uit, maar deze kunnen volgens de bioloog ook onderweg blijven hangen. „Door een blokkade eet een dier minder. Zijn conditie loopt dan achteruit. Als zo’n vogel ook een kuiken moet grootbrengen, bestaat de kans dat de broedpoging voortijdig wordt gestopt en het kuiken sterft.”

Taboe

De maatschappelijke kijk op het loslaten van ballonnen is de afgelopen jaren omgeslagen. „Toen wij jaren geleden begonnen met campagne voeren, was het verbod echt nog een taboe: je ontnam iemand zijn pleziertje”, zegt Jeroen Dagevos van de Plastic Soup Foundation. Pim Santhuizen van De Groene Ballon: „Als je tegenwoordig ballonnen oplaat, krijg je een stroom aan negatieve reacties.”

Na Koninginnedag in 2007 werden Nederlandse ballonnen in Normandië gevonden

Zelfs Oranjeverenigingen, die op Koningsdag altijd veel ballonnen oplaten, discussiëren over een verbod. De Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen besloot afgelopen najaar tot een ontmoedigingsbeleid.

Voor ballonnenbedrijven zijn de verboden en ontmoedigingsregelingen funest. Santhuizen: „Ballonnen oplaten was ons brood, daar sla je een flink gat in. Ik ken bedrijven die zijn gestopt omdat het gewoon niet meer haalbaar was. Bedrijven zullen er meer activiteiten naast moeten gaan doen.”