Opinie

Lessen trekken uit JSF-aankoop is goed, nu deze nog opvolgen

Defensie-aankopen

Commentaar

Het ministerie van Defensie en grote investeringsprojecten, het is een recept voor veel ellende. Kostenoverschrijdingen, te late oplevering, niet voldoen aan de verwachtingen: het zijn maar enkele van de steeds terugkerende begrippen. Na jaren van ingrijpende bezuinigingen kan Defensie weer fors gaan uitgeven. In de nu lopende kabinetsperiode gaat het om dertig projecten voor de aanschaf van nieuw defensiematerieel. Hiermee is een bedrag van tussen de 6 en 17 miljard euro gemoeid. Alleen al deze marge van bijna 200 procent is veelzeggend.

Bij elke mislukking worden lessen geleerd. Maar haast even vaak wordt na weer een deceptie geconstateerd dat de lessen van destijds desondanks onvoldoende in de praktijk zijn gebracht. De Algemene Rekenkamer is er dit keer vroeg bij. Met het oog op het omvangrijke investeringsprogramma hebben de ‘nationale accountants’ deze week een rapport gepubliceerd over de aanschaf van het JSF-gevechtsvliegtuig door de luchtmacht waarin al hun eerdere onderzoeken naar ‘de vliegtuigorder van de eeuw’ de revue nog eens passeren.

Ooit begroot op 37 miljoen dollar per toestel, maar nu voor 76,5 miljoen dollar in de boeken. Lessen van de JSF, heet het rapport. Een titel die rechtstreeks is ontleend aan de titel van een rapport dat de Rekenkamer in 1998 publiceerde over de aanschaf van de F-16, de voorganger van de JSF. Lessons Learned F-16, heette dat. Weinig geleerd dus, getuige de bevindingen.

Er zijn voldoende oorzaken te geven waardoor het toch altijd weer verkeerd gaat. Bij grote defensie-aankopen gaat het vaak om nieuwe en gespecialiseerde techniek. De investeringskosten zijn hoog en veelal is er vanwege de aard van de producten een hoge mate van vertrouwelijkheid mee gemoeid. Ook zijn het projecten die in internationaal verband worden uitgevoerd wat gepaard gaat met gecompliceerde juridische en financiële afspraken.

Toch stelt de Rekenkamer terecht vraagtekens bij deze vaak gehanteerde en om begrip vragende opsomming. Niet elke aankoop is uniek. Er is wel degelijk sprake van een vast patroon bij een omvangrijke aanschaf. Daar zou dan ook veel beter naar gehandeld kunnen worden dan nu het geval is.

Getuige het investeringsprogramma van Defensie gaat de komende jaren nog veel geld naar de JSF. Het eerste toestel is onlangs formeel opgeleverd en er volgen de komende jaren nog tientallen. Het is slechts te hopen dat na de turbulente aanloopfase alle financiële hordes genomen zijn en niet weer nieuwe verrassingen wachten.

Het is goed dat de Tweede Kamer als controleur van de regering nauwlettend toeziet op het verloop van de investeringen. Aan de bemoeienis van de Kamer bij de aankoop van de JSF was de voorbije zeventien jaar dan ook geen gebrek. Integendeel. Volgens een opgave van het ministerie van Defensie zijn er tot eind 2018 niet minder dan 5.052 Kamervragen over het JSF-project gesteld. Geen detail bleef op deze manier onbesproken. Het ging soms om technische informatie die ook de reële beïnvloedingsmogelijkheid van de minister ver te boven ging.

Te veel details kunnen het zicht op de hoofdlijnen juist belemmeren. Dat is gebleken bij de aanschaf van de JSF. De Kamer wilde heel veel weten, maar wist niet te voorkomen dat de kosten ondertussen fiks opliepen en keuzes niet meer konden worden gemaakt. De les voor de Kamer: in de beperking toont zich de meester.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.