IS-kinderen zijn welkom in Rusland

Terugkeerders Rusland haalt wél kinderen (en eerder ook vrouwen) terug uit IS-gebied. Ook vanuit Europa vragen achtergebleven families om Russische hulp bij terugkeer van hun geliefden.

‘Kalifaatkinderen’ die op 30 december onder begeleiding van de Russische kinderombudsman naar Moskou vlogen.
Kalifaatkinderen’ die op 30 december onder begeleiding van de Russische kinderombudsman naar Moskou vlogen. Foto Anna Koeznetsova

Dertig jonge kinderen betreden de vertrekhal van de luchthaven van Bagdad. S lippers, te wijde truien, gescheurde broeken, de meisjes een hoofddoek. Op hun gezichten een mengeling van nieuwsgierigheid, blijdschap en angst. Ze zijn op weg naar een toekomst in Rusland, het land dat hun moeders, en soms vaders, in voorbije jaren inruilden voor de belofte van Islamitische Staat.

Waar andere landen zich het hoofd breken over de vraag of naar het kalifaat uitgereisde vrouwen en hun kinderen teruggehaald moeten worden, voert Rusland al sinds 2017 een actief terughaalbeleid. Zo’n tweehonderd kinderen en hun moeders zijn al opgespoord in kampen in Syrië en Irak en teruggebracht. Zolang ze geen misdaden hebben begaan, zijn het onschuldige slachtoffers, is de redenering.

Een van hen is Zalina Gabiboellajeva (37) uit Dagestan. Ze trok naar Syrië met haar vier kinderen, en kreeg daar een vijfde. Ze vluchtte naar Koerdisch gebied en zat in een kamp tot Russische officials haar en de kinderen ophaalden. Nu woont ze in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny, met een vergoeding van 500 euro per maand.

Eind 2017 staakte Rusland het ophalen van de moeders, wegens zorgen van inlichtingendienst FSB. Volwassen terugkeerders vormen een „reëel gevaar” voor de veiligheid, stelde FSB-directeur Alexandr Bortnikov eind 2017. Daarop gaf de Russische rechter toestemming kinderen ouder dan drie jaar te scheiden van hun moeders, die achterblijven in afwachting van hun vonnis. De jongsten mogen tot hun derde bij hun moeder blijven. Zalina had geluk: ze was een van de laatste teruggehaalde moeders.

De Tsjetsjeense leider Ramzan Kadyrov deelde op Telegram een video van de terugkerende kinderen:

Dna-tests

De komende weken wil Rusland nog vijftig minderjarigen terughalen, wat niet eenvoudig is. „Van de kinderen die in Irak zijn geboren, hebben we vaak niets anders dan dat de moeder zegt: dat is mijn kind”, vertelde kinderombudsman Anna Koeznetsova vorige maand aan dagblad Izvestia. „We doen nu dna-tests, ter bevestiging dat dit echt de kinderen van hun moeders zijn.” Daarna volgt een gang naar de Iraakse rechter. Een formaliteit, de Iraakse autoriteiten werken graag mee, aldus Koeznetsova .

Onlangs ontving ze een foto van een teruggekeerd meisje. „Ze ziet er gelukkig uit, wandelt met de hond in het park. Ik herinner me hoe ze in het vliegtuig zat: vuile kleren, bange ogen, stil in een hoekje.” Ten minste 1.179 kinderen wachten nog in kampen, vertelt Heda Saratova vanuit de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny. Ze is directeur van de organisatie Objektiv, die zich inzet voor het opsporen en terughalen van de kinderen. De coördinatie is in handen van een werkgroep met ambtenaren, ombudspersonen, de Russische veiligheidsdiensten en leden van de regering van de Tsjetsjeense leider Ramzan Kadyrov.

NRC Studio

Hulpverzoeken uit heel Europa

Het Russische beleid staat in scherp contrast met dat van Europese regeringen, die IS’ers liever in de regio laten of, wanneer zij er zelf in slagen terug te keren, opsluiten op strengbeveiligde terrorisme-afdelingen.

Het is kalifaatgangers uit andere landen niet ontgaan. „In de kampen zitten vrouwen van alle nationaliteiten . Dat Rusland als enige mensen terughaalt, gaat natuurlijk als een lopend vuurtje rond”, vertelt Saratova. Haar organisatie krijgt hulpverzoeken uit heel Europa, van familieleden die in eigen land geen hulp krijgen. Ook uit Nederland kwam een verzoek, over een Tsjetsjeense vrouw, getrouwd met een Nederlander, die met haar kinderen naar Syrië vertrok. Nu woont ze in Grozny.

Het terughalen begon in 2017, toen een Tsjetsjeense vrouw op tv haar zoontje zag, die door zijn vader naar IS-gebied was ontvoerd. „Toen die moeder haar kind zag, wendde ze zich tot Ramzan [Kadyrov]”, vertelt Saratova. „Binnen een week werd de jongen per vliegtuig in Rusland afgeleverd.” Vanaf dat moment stroomden de hulpverzoeken bij Kadyrov binnen.

Leider van alle moslims

Ramzan Kadyrov als redder in nood; het lijkt een paradox. De Tsjetsjeense leider voert met steun van president Poetin een schrikbewind in het opstandige, streng islamitische Tsjetsjenië. Maar dat is niet het hele verhaal, zegt Grigori Sjvedov van het Russische online medium Caucasian Knot . „Kadyrov is niet alleen een militaire figuur of een silovik” – een persoon met macht. „Een belangrijk deel van zijn imago stoelt op humanitaire activiteiten. Zo toont hij zich leider van alle moslims en bevordert hij de ontwikkeling van de islam in Rusland.” Poetin steunt het beleid van zijn protégé van harte. Eind 2017 zei de president tijdens een persconferentie dat kinderen „er niet voor hebben gekozen daar te zijn. We hebben niet het recht hen daar te laten”.

Niet alleen Kadyrov, maar ook het Kremlin slaat zo politieke munt uit de terugkeerders, zegt Kaukasus-kenner Aleksej Malasjenko vanuit Moskou. „Rusland neemt de kans te baat zich van zijn humane kant te laten zien. Tegen jonge uitreizigers zegt het: ‘jullie hebben een fout begaan, jullie ouders hebben je niet goed opgevoed”.

Verschil in aanpak

Het Russische beleid mag ruimhartig zijn, de vrouwen die tot 2018 terugkwamen kregen niet in alle deelrepublieken een even warm onthaal. Tsjetsjenië laat ze, onder toezicht van geheime diensten, grotendeels vrij. Maar in het naburige Dagestan wachtten rechtszaken en gevangenisstraffen. Het verschil in aanpak levert spanningen op tussen de republieken.

Ook de Dagestaanse Zalina werd bij terugkeer veroordeeld. Ze kreeg zes jaar voorwaardelijk, maar hoopt op herziening van haar zaak . Voorlopig woont ze nog in Grozny, waar ze voorlichting geeft over deradicalisering. Die trainingen hebben succes, vertelt Saratova. Ambassades van verschillende Europese landen klopten al aan voor een ‘terugkeer-advies’.