Reportage

Voor ontkenners en twijfelaars zijn de gortdroge feiten niet genoeg

Klimaatcommunicatie Wetenschappers, studenten en marketeers vroegen zich in Amsterdam af: hoe communiceer je effectief over klimaatverandering?

Klimaatspijbelaars kwamen vorige maand voor een mars naar Den Haag.
Klimaatspijbelaars kwamen vorige maand voor een mars naar Den Haag. Foto Remko de Waal/ANP

Denk aan de allerarmsten! Als we niets doen aan klimaatverandering, zijn zij als eerst getroffen!

„Voor mij persoonlijk werkt zo’n boodschap wel”, zegt de Zweedse psychologe Kirsti Jylha in een zaaltje vol toehoorders. „Maar een deel van de mensen wíl de bestaande sociale orde helemaal niet veranderen. Die vinden: ongelijkheid hoort erbij. Voor hen schrikt zo’n boodschap juist af.”

Wat is een effectieve manier om over klimaatverandering te communiceren? Die vraag ligt donderdag op tafel bij een bijeenkomst aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) met zo’n twintig wetenschappers, studenten en marketingmensen uit de klimaatwereld – Novib, Greenpeace, Milieudefensie. Een tafel waarop het aantal duurzame waterflesjes de kartonnen koffiebekertjes overstijgt.

Lees ook: Wie betaalt voor het klimaat? Dát is de vraag

De aftrap komt van organisator Gijs Schumacher, UvA-hoofddocent politicologie. Hij maakt zich zorgen over het klimaat en keek met zijn kennis over politieke campagnevoering naar de communicatie over klimaatverandering. Wat hem opviel: aan onderzoek over het natuurverschijnsel geen gebrek, maar onderzoek naar de effectiviteit van communicatie erover is er nauwelijks. Hoe bereik je de klimaatontkenners, de twijfelaars, de ongeïnteresseerden?

Alleen de feiten vertellen is niet genoeg, zegt hij. „Niet iedereen wil ervan weten. Het is, zoals Al Gore al eens zei, een ongemakkelijke waarheid.” En die „gortdroge” boodschappen van het klimaatpanel van de Verenigde Naties zijn ook niet wervelend. Nee, het moet – naast politici – van de ngo’s komen. Die ziet hij druk bezig met zenden: ze tonen beelden van overstromingen, klimaatvluchtelingen, verontrustende statistieken en grafieken. Maar werkt dat zenden wel? Tijd voor reflectie nemen ze niet. Vandaar dat Schumacher de praktijkmensen vandaag samenbrengt met die van de wetenschap. Een eerste aanzet tot duurzame versmelting.

Meest progressief

„Zweden”, zegt psychologe Jylha, werkzaam aan de Universiteit van Kent, „is een van de meest progressieve landen als het om klimaatactie gaat.” En toch is ook daar lang niet iedereen ervan overtuigd dat de opwarming van de aarde door de mens komt. Persoonlijkheid speelt een rol, sekse. Mannen en conservatieven zijn eerder geneigd tot twijfel, evenals mensen die rechts stemmen. Maar óók van de sociaal-democraten weet 36 procent niet zéker dat de mens de oorzaak is.

Jylha onderzocht het fenomeen en ontdekte een variabele die veel belangrijker is dan alle andere om de neiging tot klimaatscepsis te voorspellen: hoe belangrijk vind je behoud van de sociale orde, de status quo. Wie in staat is om de bestaande ongelijkheden te legitimeren – zoals te denken: ‘Wie bovenaan de sociale ladder staat, heeft er ook harder voor gewerkt’ – zal zich door de huidige communicatie van de meeste ngo’s niet aangesproken voelen. „Maar als ngo’s zouden benadrukken dat door niets doen hun eigen, traditionele leefstijl in gevaar komt, dan zijn deze mensen juist wél bereid tot actie.”

Een ngo-medewerker neemt het woord: „Veel mensen die bij ons werken zijn zó overtuigd van hun morele gelijk, die zullen hun communicatie niet zomaar willen veranderen.”