Rotterdamse lekaffaire wordt een zaak voor justitie

Stadhuis Oppositiepartijen deden donderdag aangifte tegen oud-wethouder Adriaan Visser (D66) wegens lekken. Maar het college stelt dat het document dat Visser lekte niet ‘geheim’ is.

Adriaan Visser als wethouder bij een persconferentie in 2017.
Adriaan Visser als wethouder bij een persconferentie in 2017. Foto Marco de Swart/ANP

Hoe geheim zijn geheime stukken van het Rotterdamse stadhuis? Kan geheimhouding op stukken vanzelf ‘verdampen’ en geldt vertrouwelijkheid niet voor conceptversies? Of wordt geheimhouding ineens vloeibaar als dat het college beter uitkomt?

Die vragen kwamen donderdag naar voren in een raadsdebat over de zogenoemde lekaffaire, die de lokale politiek al ruim een maand beheerst. De zaak heeft geleid tot het aftreden van de belangrijkste wethouder Adriaan Visser, maar ook het beeld van de frisse middencoalitie (VVD, D66, GroenLinks, PvdA, CDA, ChristenUnie-SGP) plus het vertrouwen van de oppositie beschadigd.

‘Doofpot’

Ex-wethouder Visser (financiën, haven, organisatie en grote projecten, D66) stapte begin februari op na het lekken van een document uit 2009 over het Schiekadeblok om mediaberichtgeving te beïnvloeden. Het college maakte deze week bekend geen aangifte tegen Visser te doen, omdat het gelekte stuk „redelijk en billijk”, ofwel juridisch, niet als geheim stuk stand zou houden. Oppositiepartijen spreken echter van een ‘doofpot’ en deden donderdag collectief aangifte tegen Visser. Het lekken van een geheim stuk is een ambtsmisdrijf en dus een zaak voor het Openbaar Ministerie, zeggen zij.

De affaire begon eind januari met een Rekenkamerrapport over het vastgoedebacle rond het Schiekadeblok naast Rotterdam Centraal. Een erfpachtovereenkomst met projectontwikkelaar LSI uit 2009 liep tijdens de crisis fout, en de gemeente moest 20,8 miljoen euro verlies op het kantorenblok nemen. Volgens de Rekenkamer zijn destijds grote risico’s genegeerd door twee topambtenaren: de opgestapte D66-wethouder Adriaan Visser en Carl Berg, financieel directeur van Feyenoord City. Zij waren destijds respectievelijk directeur en financieel directeur van het OntwikkelingBedrijf Rotterdam.

Lees ook De Rotterdamse lekaffaire is meer dan een stadhuissoap

Risicoanalyse

Het document dat Visser eind januari lekte, betreft „zeer waarschijnlijk” een werkversie van een powerpointpresentatie voor het college van 23 juni 2009, dezelfde dag waarop de gemeente de erfpachtovereenkomst met LSI sloot. Het bevat een risicoanalyse van het vastgoedproject, waarmee Visser de buitenwereld wilde aantonen dat vooraf wel risico’s met het college zijn besproken. Hij deelde het met de pers én CDA-fractievoorzitter Christine Eskes, die het stuk zelf ook lekte.

Hoe kwam wethouder Visser tien jaar na dato eigenlijk aan dat document? Hij kreeg het in juli 2018 gemaild door oud-topambtenaar Carl Berg, blijkt nu uit onderzoek van Strated Consulting dat door het college is ingehuurd. Voor de gemeentelijke wederhoor op het Rekenkamer-rapport zocht Berg in oude bestanden en USB-sticks, licht hij desgevraagd toe. „De presentatie bevat volgens mij de belangrijkste afwegingen en risico’s waarvan Rekenkamer nu zegt dat die niet op tafel zijn gekomen???”, mailde hij aan ambtenaren met een ‘CC’ aan Visser.

De Rekenkamer kreeg het bewuste document op 6 september 2018 van de gemeente. „Wij hebben nadrukkelijk gevraagd of het stuk geheim was”, vertelt directeur Paul Hofstra van de Rekenkamer nu. „Expliciet is aangegeven dat het vertrouwelijk moest worden behandeld.” In het Rekenkamerrapport wordt de presentatie alleen kort gewogen, waarbij in een voetnoot staat dat het stuk onder „geheimhouding” valt.

Geheimhouding

Toch stelt het college nu dat het stuk niet als geheim „beschouwd” kan worden, op basis van het rapport van Strated Consulting en oud-rector magnificus en hoogleraar staats- en bestuursrecht Paul Eijlander van Tilburg University. Stukken uit het college zijn in de regel „geheim, tenzij” en geheimhouding kan pas opgeheven worden met een formeel collegebesluit, zegt Eijlander. Alleen, het betreft hier een – grotendeels overlappende – werkversie die na tien jaar geen gevoelige informatie meer bevat. „De geheimhouding is weliswaar niet opgeheven”, aldus de hoogleraar, maar moet wel „ernstig gerelativeerd worden”.

„Het is apekool dat geheimhouding na zoveel jaar verdampt”, zegt directeur Paul Hofstra van de Rekenkamer twee dagen na het verschijnen van het rapport. Als controlerend orgaan van het stadsbestuur heeft de Rekenkamer een juridische reactie aangekondigd. „Het is een hellend vlak”, zegt Hofstra. „Het kan enorme consequenties voor andere stukken hebben. Een rechter zou het moeten toetsen.”

Ook vanuit de raad kwam deze zorg donderdag richting het college. Heeft deze affaire geen gevaarlijke precedentwerking, waarbij geheime stukken achteraf om „arbitraire redenen” openbaar worden verklaard, vroeg fractievoorzitter Stephan van Baarle van Denk.

CDA-fractievoorzitter Christine Eskes zegt dat zij niet wist dat het document dat ook zij lekte mogelijk geheim was. Al appte ze wethouder Adriaan Visser op 26 januari dat niemand mocht weten dat het document van haar kwam, en al stond het in het Rekenkamer-rapport. Eskes handelde uit het belang van „waarheidsvinding” en betreurt alle commotie, zegt ze zelf. Omdat het gelekte document volgens het college niet geheim blijkt, is er ook geen reden meer om verder integriteitsonderzoek naar Eskes te doen, aldus externe onderzoekers Wim Voermans en Jozias van Aartsen, oud-minister en oud-burgemeester.

‘Surrogaatwethouder’

De oppositie reageerde donderdag verbolgen op Eskes’ verklaring: „Wij zijn de controleurs van stadsbestuur. Wij zijn niet de spindoctors”, zei Denk-fractievoorzitter Stephan Van Baarle. Raadslid Ellen Verkoelen van 50Plus noemde Eskes een „surrogaatwethouder”. De lokale partij Nida heeft het college gevraagd om de definitieve presentatie uit 2009 alsnog openbaar te maken, om deze te kunnen vergelijken. „Vooralsnog niet”, zei loco-burgemeester Bert Wijbenga (VVD), maar een definitief antwoord volgt nog.

De vraag blijft: als het gelekte document níet geheim was, waarom is oud-wethouder Visser dan opgestapt? Visser heeft zich niet aan de afspraken binnen het college gehouden, zei wethouder Wijbenga daarover. Als verantwoordelijk wethouder zou Bas Kurvers (bouwen en wonen, VVD) namelijk de verdediging tegen het Rekenkamer-rapport in de raad voeren. Visser had zich daarmee niet moeten bemoeien door iets te lekken, bleek uit Wijbenga’s korte verklaring. Het versterkt het beeld dat Vissers vertrek ook te maken had met de persoonlijke verhoudingen binnen het college.

Visser heeft deze week zelf ook gereageerd op de collegebrief met een schriftelijke verklaring. „Over het waarom van mijn vertrek wil ik nu slechts nog opmerken dat alle betrokkenen langer stil hadden moeten staan bij wat er precies speelde, oordelen hadden moeten uitstellen en conclusies niet te snel hadden moeten trekken”, schrijft hij.