Erik de Jong, Spinvis

Foto Andreas Terlaak

Spinvis: ‘Niets ligt zo dicht bij muziek als dans’

Spinvis Muzikant

Hij doet het liefst telkens andere dingen, maar dichter, zanger en muzikant Spinvis houdt zich steeds vaker bezig met dans.

Zelf danst hij graag, het best op Jamaicaanse dub („een beetje zoals een kleuter op ritme reageert”) en bij voorkeur als niemand het ziet. Toch is Erik de Jong, beter bekend als Spinvis, ervan overtuigd dat dansen menselijk is en bij het leven hoort. We hebben het alleen afgeleerd. Maar hij heeft, zo lijkt het, de dans opnieuw ontdekt, als een bijna natuurlijke partner voor en aanvulling op zijn composities en liedjes. Die zijn dus geen illustratie, benadrukt celliste/toetseniste en zangeres Saartje Van Camp, zijn vaste muziekmaatje, die met het idee kwam voor de nieuwe voorstelling Vier verhalen en een dag .

Dichter/zanger/multi-instrumentalist Erik de Jong (58) zoekt regelmatig het experiment op. Niet alleen in zijn poëtische, beeldende liedjes, maar ook in zijn voorstellingen met band of kleinere bezetting. Hij trad op met dichter Simon Vinkenoog en cartoonist Hanco Kolk ‘verstripte’ een album. De laatste jaren was hij diverse malen met dansers op het toneel te bewonderen, in voorstellingen die in steeds nauwere samenwerkingen tot stand kwamen.

De eerste keer was in 2014, toen hij samen met Saartje Van Camp en choreograaf Adriaan Luteijn van Introdans de buitenvoorstelling Kintsukuroi maakte voor festival Oerol. Francis Sinceretti, oud-solist van Het Nationale Ballet en destijds de 70 al gepasseerd, danste de hoofdrol op het strand van Terschelling.

Op de site van Introdans wordt die eerste samenwerking uit 2014 een ‘eyeopener’ genoemd. Waardoor werd u zo getroffen?

Kintsukuroi was aanvankelijk een soort hoorspel, over een oude seismoloog die tijdens de tsunami in Japan zijn geliefde verloor, maar in de trillingen van de aarde haar hartslag nog meent te herkennen. We dachten na over een manier om dat verhaal over te brengen, zonder het heel erg te illustreren. Dans biedt die ruimte, dansers kunnen een hele wereld vormgeven zonder in te vullen wat je toch al weet. Dat voelde als een openbaring. Helemaal toen Francis begon te dansen.” Hij lacht. „Laat de tekst dan eigenlijk maar zitten!, dachten we. Die abstracte taal van het lichaam heeft zó’n zeggingskracht.”

Repetitie van ‘Vier verhalen en een dag’, woensdagavond. De co-productie van Spinvis, Saartje Van Camp en Introdans gaat zaterdag in première in het Stadstheater in Arnhem. Foto Merlin Daleman

Daarin zit natuurlijk een overeenkomst met muziek. Maakt dat een samenwerking gemakkelijker?

„Dans en muziek zijn allebei kunstvormen die in tijd bestaan, ritmisch, dynamisch. Als een tijdreis. Praten over dans is praten over muziek. Ik ken niets anders dat zo dicht bij muziek ligt. Maar er wordt heel anders gewerkt. Dansers tellen bijvoorbeeld echt alles, en de demo’s die wij voor de repetities hadden opgestuurd werden gebruikt alsof het de definitieve versie was. Dus nu zijn we ze aan het losmaken van de tikjes, belletjes en geluidjes waar ze zich aan hadden gehecht. Anders kan je net zo goed geen livemuziek maken. Maar ik begrijp die neiging wel, met zo’n grote groep dansers en de hele organisatie die erachter zit. Muzikanten kunnen veel vrijer opereren. Iets veranderen? Hop, zo gebeurd.”

In HOWL (2017) werkten Spinvis en Van Camp samen met choreograaf Amos Ben-Tal. Het was een mix van talkshow, concert en dansvoorstelling, waarin dansers spraken over hun leven en het lichaam als instrument. Spinvis verraste als talkshowhost, in een concept dat zich van liedje-praatje-dansje ontwikkelde tot een multidisciplinaire krachtenbundeling.

Lees ook een interview met Spinvis over zijn theatershow ‘Trein/Vuur/Dageraad’ (2017): ‘Mijn stem is mijn lot’

Daarna componeerde hij in 2018 de muziek voor de voorstelling Roze Cast, een choreografie van Luteijn voor acht amateurdansers, seniore lhbt’ers, over de discriminatie en pesterijen die homo’s en lesbiënnes op leeftijd weer de kast in jaagt. Het stuk wordt, met nagesprek, onder andere uitgevoerd in verzorgingshuizen.

Vier verhalen en een dag is een sprookjesballet, met twaalf dansers. Spinvis, Van Camp en bassist Jan Teertstra spelen de muziek live. Het gaat over een meisje dat drie wensen mag doen. Ze kiest driemaal voor een blik in de toekomst. Het levert geen vrolijk plaatje op. De dans, de liedjes en de teksten die Spinvis als een soort verslaggever uitspreekt, schetsen een dystopisch beeld van bedreigde privacy, oprukkende robotisering en ander onheil. Maar natuurlijk – het blijft een voorstelling voor de hele familie – ook met een positieve boodschap. „De toekomst is er nog niet, die maken we zelf”, zegt Van Camp verwijzend naar de klimaatmarsen van jongeren.

Een locatieproject, een talkshow, een maatschappelijk geëngageerd stuk en een sprookje... zijn dit ‘De avonturen van Spinvis in Dansland’.

„Haha, ja, marketingtechnisch is dat het slechtste wat je kunt doen, telkens andere dingen.”

Maar ook helemaal Spinvis. De muziek die Van Camp en u schrijven, is behoorlijk uitgesproken.

„Het huwelijk tussen muziek en dans is vaak een gevoelige kwestie, heb ik gemerkt. Veel choreografen maken gebruik van minimal music of soundscapes, omdat het lekker doorgaat en niets afdwingt. Daar waken wij voor; de muziek moet echt een stem zijn die het geheel richting geeft, maar mét die associatieve vrijheid van de dans, want het is geen kleinkunst en geen musical. Maar het zijn wel echte Spinvisliedjes, en het is echte dans.”

Vier verhalen en een dag; première 9/2, Arnhem. Tournee t/m 10/6. Inl: introdans.nl