Krioelende lijven, veel bloed: pionier feministische ‘body art’ overleden

Carolee Schneemann 1939-2019 De Amerikaanse performancekunstenaar Carolee Schneemann was een pionier in de feministische ‘body art’. In ‘The Big Lebowski’ speelt Julianne Moore een op haar geïnspireerde kunstenares.

Een orgie van kleur, geur, menselijke lichaamsdelen, veren, vis en rauw vlees. Het moet een onuitwisbare indruk hebben achtergelaten op de toeschouwers die in 1964 in Parijs aanwezig waren bij de ‘happening’ Meat Joy van Carolee Schneemann. Acht performers, slechts gekleed in zwembroek of bikini, wentelden zich in een theatertje in dode vis, rode verf en vers geslachte kippen. ‘Kinetisch theater’, noemde Schneemann het werk zelf: „Een viering van vlees als materiaal.”

Meat Joy, overgeleverd in wiebelig filmbeeld en enkele kleurrijke foto’s vol krioelende lijven, is de geschiedenis in gegaan als een van de eerste feministische happenings. Schneemann was, samen met Yoko Ono, de eerste vrouw die in de vroege jaren zestig ‘body art’ ging maken met naakte lichamen – dat van haarzelf en die van anderen – om zo taboes op het gebied van seksualiteit en vrouwelijke rolpatronen te doorbreken. Ze wordt daarom wel gezien als de oermoeder van de performancekunst. Woensdag overleed ze op 79-jarige leeftijd.

Scène uit Meet Joy van Carolee Schneemann.

Schneemann was de oudste dochter van een plattelandsarts uit Pennsylvania. „Lichamelijkheid was bij ons thuis altijd aanwezig”, zei ze eens in een interview, „lekkend uit gewonde boeren met bloedende ledematen.”

Ze was de eerste vrouw uit haar familie die ging studeren, en kreeg een beurs voor de kunstopleiding van Bard College in upstate New York. Ze wilde schilderen, maar werd door haar mannelijke docenten vooral gevraagd om als naaktmodel te poseren voor haar medestudenten. Toen ze een naakt zelfportret schilderde, werd ze door de academie geschorst.

Ze vervolgde haar opleiding aan Columbia University in New York, en schilderde in een expressionistische stijl die beïnvloed was door Wassily Kandinsky en Willem de Kooning. Ook bouwde ze kleine collages en maquettes, die ze vervolgens in de fik stak: de Controlled Burning Series (1962-1964).

In de New Yorkse kunstscene van die jaren, die gedomineerd werd door machtige mannen als Andy Warhol en Jackson Pollock, kreeg Schneemann maar weinig voet aan de grond. Ze werkte mee aan performances van Claes Oldenburg, Robert Rauschenberg en Robert Morris, maar kreeg voor haar eigen werk weinig credit.

Dat veranderde na Meat Joy en de verschijning van haar film Fuses (1964-1967), die op het festival in Cannes een juryprijs kreeg. Voor Fuses legde Schneemann drie jaar lang vast hoe ze de liefde bedreef met haar partner, componist James Tenney. Ze filmde vanuit het oogpunt van haar kat Kitsch, die als muze veelvuldig in haar werk terugkomt. De film bewerkte ze later met zuren, verf en hete lucht, waardoor de expliciete scènes een vrolijk schilderkunstig tintje kregen. Het was Schneemanns reactie op de mannelijke blik in pornofilms.

Schneemanns bekendste werk is Interior Scroll uit 1975, een performance waarbij ze een tekst voorlas van een strook papier die ze langzaam uit haar vagina trok. Ze was ermee van grote invloed op feministische performancekunstenaars als Marina Abramovic en Ulrike Rosenbach. Maar ook een mannelijke kunstenaar als Matthew Barney werd duidelijk geïnspireerd door haar lichaamskunst.

De mooiste ode aan Schneemann komt voor in de film The Big Lebowski uit 1998. Daarin doet actrice Julianne Moore haar na, als kunstenares Maude, die naakt aan een kabelbaan door haar atelier zoeft terwijl ze een doek bespat met menstruatiebloed. Waarna ze haar werk aan een verbijsterde Dude uitlegt: „Mijn kunst is omschreven als sterk vaginaal, wat mannen stoort.” De scène is een directe verwijzing naar het werk Up To And Including Her Limits uit 1973, waarin Schneemann de ‘mannelijke’ action paintings van Pollock op de hak neemt.

De internationale erkenning voor Schneemanns baanbrekende werk kwam pas laat. Haar eerste retrospectief kreeg ze in 1996, in het New Museum in New York. In 2017 won ze op de Biënnale van Venetië een Gouden Leeuw voor haar hele oeuvre.