Frits Bolkenstein, najaar 2018.

Foto Remko de Waal / ANP

‘Ik laat me niet beperken door de standpunten van de VVD’

Interview Frits Bolkestein Vrijdag verschijnt het nieuwe boek van VVD-coryfee Frits Bolkestein (85). Hij is nog even direct als vroeger. Bijvoorbeeld over het klimaat. „Moeten we nu werkelijk honderden miljarden uitgeven voor een zaak waar we nog niet het fijne van weten?”

Hij komt met de lift naar beneden om zijn bezoek op te halen. Hij mag dan bijna zesentachtig zijn en ietwat broos, Frits Bolkestein blijft een gastheer. Maar tegelijk is de VVD-coryfee nog even direct als vroeger. „Waar woont u? Den Haag? Ach, saaie stad.”

In zijn werkappartement aan de Amstel, twee haltes van zijn woning vandaan met de metro („Ik ben niet meer zó goed ter been”) geeft hij een interview. De aanleiding is zijn nieuwste boek, dat vrijdag in de boekhandel ligt. Bij het scheiden van de markt is een bundeling van zijn opinieartikelen en toespraken van de afgelopen jaren. Daarin is Bolkestein nog even uitgesproken als tijdens zijn politieke loopbaan. Hij was Tweede Kamerlid, staatssecretaris van Buitenlandse Handel, minister van Defensie, acht jaar lang fractievoorzitter en Eurocommissaris.

In zijn boek is hij uiterst kritisch, bijvoorbeeld over de Urgenda-zaak, waarbij de rechter de Nederlandse overheid dwong meer werk te maken van het terugdringen van de CO2-uitstoot. „Daar maak ik groot bezwaar tegen vanuit staatsrechtelijke beginselen”, zegt Bolkestein. „Ik vind het onbegrijpelijk dat een rechter zich laat lenen voor een poging tot druk op de overheid. Ik waarschuw ervoor dat dat niet de kant is die we moeten opgaan. Dat behoren rechters niet te doen.”

Uw kritiek gaat verder dan het staatsrecht. U betwijfelt of Nederland werkelijk invloed kan hebben op de klimaatverandering.

„Dat de aarde opwarmt geloof ik graag. Maar wat is de oorzaak? In het algemeen zegt men: CO2, kooldioxide. Ik heb daar nog nooit een overtuigend verhaal over gelezen. Dus dan zeg ik: moeten we nu werkelijk honderden miljarden euro’s uitgeven voor een zaak waar we nog niet het fijne van weten?”

U ergert zich, schrijft u, aan politici die de feiten niet meer ter discussie willen stellen.

„Ja, dat vind ik belachelijk. Ik vind dat ook Nederland moet oppassen. Het heeft weinig zin om heel veel geld uit te geven als je niet weet wat de opbrengst is. En voor zover ik kan constateren is zelfs als wij doen wat in Parijs is afgesproken, de opbrengst nul komma nul en dan nog drie nullen en dan nog iets. Is dat de moeite waard, zal ik maar zeggen?”

Nu klinkt u precies als Forum voor Democratie.

„Ik heb niets tegen het Forum voor Democratie. Hoe heet-ie ook alweer?”

Thierry Baudet.

„Ik heb eens onvriendelijk gezegd: hij zou zich moeten beperken tot zijn pianospel. Hij speelt heel erg mooi piano, daar ben ik werkelijk buitengewoon jaloers op. Maar hij beperkt zich daar niet toe, en dat is zijn goed recht.”

Ook op het gebied van het Marrakeshpact zat u op zijn lijn.

„Of hij op mijn lijn.”

Jullie zaten in ieder geval op dezelfde lijn.

„De geschiedenis van dat Marrakeshpact vond ik belachelijk. Ik was daar toch wel een beetje verbaasd over.” Bolkestein klinkt verontwaardigd. Laat dan een stilte vallen. „En dan om… Waarom? Omdat er altijd immigratie is geweest? Afijn, laat ik dáár maar niet over beginnen.”

Op belangrijke thema’s als klimaat en immigratie staat u aan de kant van FvD. Drijft u af van de VVD?

„Ik kijk graag naar de standpunten van mijn partij, maar ik laat mij daar niet toe beperken.”

U voelt zich nog wel thuis bij de VVD?

„Ja natuurlijk! Ik ben al heel lang lid van de VVD, dat blijf ik ook.”

U was in november nog aanwezig op het VVD-festival.

„Dat vind ik zo’n onzin, om dat een féstival te noemen. Wie verzint dat nu toch?! Het is een jaarvergadering, politiek is toch geen festival. Politiek is niet leuk. De mensen in het land verwachten dat ook niet. Die verwachten gewoon een serieuze discussie over serieuze problemen.”

Er valt een stilte. „Wilt u een glaasje sherry?”

Waarom vond u dat Baudet zich beter kon beperken tot pianospelen?

„Het was een onaardige opmerking. Hij is een beetje… Wat is het woord? Hij is wel erg van zichzelf overtuigd, laat ik het zo maar formuleren.”

Gezien de peilingen is hij een alternatief voor veel VVD-stemmers.

„Hij is een concurrent voor ons. En we zijn nog niet van hem af. Hij is ook een concurrent voor Wilders en het CDA.”

En voor D66?

„Ja, daar past-ie ook wel bij. ”

Ziet u dat de VVD zich rechtser opstelt in reactie op het succes van FvD en de PVV?

„Nee, ik zie dat niet, maar ik volg de politiek ook niet echt.”

Interesseert het u niet meer?

„Soms bijt ik me vast in een thema, zoals de industriepolitiek of de pulsvisserij. De wereld zit vol interessante thema’s. En verder doe ik mijn vrouw niks te kort. We gaan veel uit. Morgen gaan we naar de opera.”

Genoeg ruimte voor ontspanning?

„Als je opera ontspanning noemt. Soms is het hard werken.”

Het gesprek komt natuurlijk tóch op het huidige politieke landschap. Het grootste verschil met het tijdperk waarin Frits Bolkestein fractievoorzitter was, de jaren negentig, is de versnippering. Indertijd waren er drie partijen met meer dan dertig zetels in de Tweede Kamer: PvdA, CDA en VVD. Nu heeft de grootste partij, de VVD, 33 zetels, de volgende partij, de PVV, heeft er twintig. Alle andere partijen zijn kleiner. Het kabinet-Rutte III bestaat uit vier partijen: VVD, CDA, D66 en ChristenUnie.

Versnippering leidt tot meer compromissen.

„Dat is waar. En dat wordt straks nog erger als de coalitie de meerderheid in de Eerste Kamer verliest. Men zegt dat dat het einde van het kabinet zou worden. Nu weet ik niet of dat een beetje te dramatisch is. Maar het wordt wel moeilijk voor Mark Rutte.”

Spreekt u de premier wel eens?

„Jawel. Maar alleen als ik iets te melden heb. Ik ga hem niet bezighouden met flauwekulpraatjes. Nu zou ik hem aanspreken op de pulsvisserij. Ik zou willen zeggen dat wij ons moeten verzetten tegen de Franse druk. Deze wijze van vissen is helemaal niet slecht. Ja, die vis die gevangen wordt, lijdt eronder. Maar de klassieke vangwijze, daar lijdt-ie ook onder! Dus als je dat niet wil, moet je helemaal niet gaan vissen.”

Frits Bolkestein Foto Jitske Schols / Lumen

Hoe gaat dat, als u Rutte wilt spreken?

„Dan bel ik naar zijn kantoor. Zijn secretaresse kent mij. Dan zeg ik: ik wil graag met Mark praten, wanneer zou dat kunnen? En dan geeft ze een datum en dan ga ik ernaartoe. Maar dat komt niet vaak voor hoor, want hij doet het goed! Ik ben heel complimenteus over Mark Ruttes optreden, van mij mag-ie zo lang blijven als hij wil. Ik behoor niet tot de mensen die nu al uitkijken naar zijn mogelijke opvolger.”

Over fractievoorzitter Klaas Dijkhoff – de kroonprins van de VVD – bent u een stuk kritischer.

„Hij was niet bij het klimaatdebat, terwijl zijn eigen opmerkingen in De Telegraaf de aanleiding voor dat debat vormden. Dan zou je toch veronderstellen dat hij aanwezig zou zijn, maar hij was er niet. Dat vind ik een slechte zaak. En ik vind zijn voorstellen niet aantrekkelijk. Dubbel straffen in bepaalde wijken – dat kan helemaal niet. Nederland heeft één rechtsstelsel, dat gaan we niet differentiëren. Ook wil Dijkhoff de bijstandsuitkering bij goed gedrag verhogen. Weet u hoeveel bijstandstrekkers wij hebben in Nederland? Toch een paar honderdduizend? Dat kun je toch niet allemaal napluizen, hoe iemand zich gedraagt?”

„Wilt u een glaasje Ricard?”

Is wat Dijkhoff doet niet hetzelfde als wat u destijds deed? U was ook fractievoorzitter van een regeringspartij en riep ook dingen waar het kabinet niets mee hoefde, alleen om u te profileren.

Bolkestein ontwijkt de vraag en begint over zijn omstreden opinieartikel uit 1991, over de negatieve kanten van het multiculturalisme. „Toen kreeg ik ook een hoop ellende over me heen. Dat deerde me niet: het was zoals ik het zag. Ik kan me daar niet schuldig over voelen.”

Uit zichzelf vertelt Bolkestein dan dat hij graag naar het nieuws kijkt op televisie. En naar Nieuwsuur. „Dan zie je vaak Kamerleden die hun mening geven over een of andere zaak. En dan zie ik mijn eigen partij minder vaak dan ik zou willen. Ik denk dat ze bang zijn om fouten te maken. Dat is slecht. De fractievoorzitter moet oppassen dat de fractieleden voldoende vrijheid hebben en zich ook zeker genoeg voelen om te zeggen wat zij willen zeggen. Ik vrees dat dat niet altijd het geval is.”

Er zijn VVD-burgemeesters die hun lidmaatschap hebben opgezegd omdat ze liberale waarden missen.

„Ja, nou ja. Dat zij dan zo. On ne peut contenter tout le monde et sa belle-mère. Kunt u dat verstaan? Men kan nooit de hele wereld én zijn schoonmoeder tevreden stellen.”

VVD-burgemeesters missen ‘liberale waarden’

U bent altijd heel direct en kritisch. Kunt u zelf ook kritiek incasseren?

„Ik vind dat helemaal niet moeilijk. Ik heb in mijn fractie ook altijd gezegd: ik ga u niet vertellen wat u moet doen, u moet mij vertellen wat ik moet doen. Ik liet de fractie altijd heel vrij. En dat werkte heel goed. Mensen kunnen in het algemeen veel meer verantwoordelijkheid aan dan zij krijgen.”

Is dit echt uw laatste boek?

„Ja, ik ben uitgeschreven.”

U zei: ik neem afscheid van het intellectuele leven. Is dat het?

„Luiheid, ook.”