ECB heropent onverwachts het loket voor Europese bankensteun

Goedkoop lenen De Europese Centrale Bank neemt stappen om de Europese economie te stimuleren en inflatie aan te jagen.

ECB-president Mario Draghi kondigde donderdag aan dat banken langer goedkoop kunnen lenen.
ECB-president Mario Draghi kondigde donderdag aan dat banken langer goedkoop kunnen lenen. Foto Armando Babani/EPA

Tegen de verwachting in heeft de Europese Centrale Bank (ECB) donderdag besloten de steun aan Europese banken per direct nieuw leven in te blazen. Na de vergadering van het bestuur maakte president Mario Draghi bekend dat Europese banken vanaf september 2019 tot en met maart 2021 bij de ECB terecht kunnen voor goedkope leningen met een looptijd van twee jaar.

Daarmee hoopt de centrale bank de Europese economie verder te stimuleren. Ze kondigde tevens aan dat de belangrijkste Europese rentevoet „ten minste tot en met eind 2019” op het huidige extreem lage niveau van 0 procent blijft. Eerder sprak de ECB van een lage rente tot en met de zomer van 2019.

De steun voor banken , zogenoemde targeted longer-term refinancing operations (TLTRO’s), bestaat eruit dat banken een deel van de leningen die zij uitzetten in het bedrijfsleven goedkoop en langjarig kunnen afdekken via de ECB. Twee eerdere rondes van deze TLTRO’s resulteerden in 720 miljard euro aan bankensteun. Via dit steunpakket wil de ECB banken stimuleren geld uit te lenen en zo de economische groei én de inflatie aan te jagen.

Lees ook: ECB zakt weg in lage rentemoeras

Italië en Spanje

Anders dan in de eerste twee rondes (2014 en 2016) is de looptijd van de steun nu beperkt tot twee jaar in plaats van vier. Ook zijn banken iets duurder uit dan in de oude TLTRO’s: de ECB hanteert niet de depositorente (min 0,4 procent), maar het herfinancieringstarief, dat op 0 procent staat.

De bankensteun is nodig omdat met name in enkele zuidelijke lidstaten (Italië, Spanje) banken grote moeite hebben zelf dekking op de kapitaalmarkten te vinden voor hun leningen. Het risico bestaat dat zij daardoor geen geld meer willen uitlenen aan bedrijven, waardoor de groei stokt. Italië en Spanje hebben samen meer dan de helft van de vorige TLTRO-gelden afgenomen van de ECB.

Lees ook: Grieks scenario niet ondenkbaar in Italië

De ECB kondigde ook aan door te gaan met de vervanging van aflopende staats- en bedrijfsobligaties die het de afgelopen jaren opkocht om de economie te steunen. Dat betekent dat de totale steun van ongeveer 2.500 miljard euro in stand blijft. Al eerder besloot de ECB geen extra geld meer te steken in deze zogenoemde kwantitatieve verruiming.

Verwachtingen

Zoals verwacht stelde de ECB de groei- en inflatieverwachtingen voor de komende jaren neerwaarts bij. Voor 2019 houdt ze nu rekening met een groei van 1,1 procent. Voor de inflatie gaat de centrale bank uit van 1,2 procent, ver verwijderd van de doelstelling van 2 procent inflatie.

Bankpresident Draghi zei te verwachten dat de economische groei daarna zal afnemen tot 1,6 procent in 2020 en 1,5 procent in 2021. Mede daardoor blijft ook de verwachte inflatie, ondanks de steun van de ECB aan de Europese economie, nog lang achter bij de doelstelling: 1,5 procent in 2020 en 1,6 procent in 2021.