Opinie

Vrouwendag? Doe mij maar een Mannendag

Vrouwendag? Die heeft de Nederlandse vrouw niet nodig vindt Japke-d. Bouma. Ze maakt zich meer zorgen om de Nederlandse man.

Japke-d. Bouma

Duim vandaag even voor me dat ik Vrouwendag overleef. Want ik moet het hele land door. Van workshops volksdansen en kaarsenmaken naar cursussen „leren je vibe te volgen” en je „creatiekracht te ontwikkelen”. Van „vrouwencirkels” waarin ik me kan „verbinden met mijn innerlijke heldin” naar henna verven en gedichten luisteren.

De planning is dat ik uiteindelijk, beladen met ‘goodiebags’ en boerend van de prosecco, in een tipi onder een dekentje beland met een kop „warme biologische thee”. Maar als ik héél eerlijk ben denk ik vooral: zullen we eens stoppen met dit geneuzel?

Natuurlijk, Vrouwendag blijft van levensbelang voor al die vrouwen die worden onderdrukt, besneden en gemarteld – voor hen maken we het élke dag Vrouwendag.

Maar de Nederlandse vrouw?

Al meer dan honderd jaar vieren we Vrouwendag om haar te bevrijden – en dat is tot aan de pil en de Dolle Mina’s goed gelukt – maar de laatste dertig jaar is de strijd toch piepend en krakend tot stilstand gekomen?

Vrouwen werken nog steeds massaal parttime, slechts een handjevol beslist mee over het land en, belangrijker: ze zijn daar hartstikke tevreden mee, zo blijkt uit ieder onderzoek.

Nee, dan de mannen in Nederland. Daar maak ik me eigenlijk veel meer zorgen over. Ze werken te hard, roken te veel en eten te weinig groente. Maar belangrijker: eigenlijk zijn zij een stuk minder vrij dan menig vrouw.

Ik las daar ooit een interessant artikel over in The Economist. Daarin stond dat er van vrouwen weinig wordt verwacht en ze tegelijkertijd alles ‘mogen’ in de westerse wereld – van jongenskleren dragen tot ballet, van huisvrouw worden tot raketgeleerde en van stoer zijn tot huilen. Van mannen wordt daarentegen louter verwacht dat ze kostwinner worden, stoer zijn én een succes.

Vrouwen mogen best een paar jaar niksen, mannen niet. Als zíj een stapje terug willen doen in hun carrière of huisman willen worden, vinden we ze losers, zo schrijft The Economist.

Ik maak me meer zorgen om de mannen, dan om de vrouwen in Nederland

Ik dacht daar ook aan toen ik de reacties op mijn column van vorige week las – toen ik op Twitter een lading stront over me heen kreeg – omdat ik had geschreven dat mannen in het voetbal best een stap opzij kunnen doen voor de vrouwen.

Of ik even wilde stoppen met zeiken, dat ik verkracht moest worden en op de brandstapel – ik hoop in die volgorde anders zou het ziek zijn – en of ik niet moest koken en wassen voor mijn man. Alleen al dénken over vrouwen in een mannenwereld, was voor deze mannen blijkbaar al bedreigend – daar helpt geen workshop volksdansen tegen.

Of neem Robert Jensen, de stoere-rechtse-mannen-presentator, die zich vorige week op Twitter niet kon voorstellen dat hij ooit „ als volwassen man” de woorden „Doe eens lief” uit zijn mond zou krijgen; „doeslief”, de nieuwe campagne van Sire die mensen oproept aardiger voor elkaar te zijn. „Ik begin steeds meer door te krijgen”, vatte schrijfster Stella Bergsma op Twitter samen, „dat mannen in een nog veel strakker keurslijf zitten dan vrouwen.”

Laten we daarom stoppen met Vrouwendag en er een Mannendag van maken. En dan niet voor de mannen die allang weten dat je pielemuis er niet afvalt als je lief bent, maar een dag voor de vrouwenhaters. Laten we hen helpen, omarmen en workshops geven ‘doe eens lief tegen je innerlijke held’.

Want uiteindelijk is emancipatie natuurlijk net als álles in de Nederlandse samenleving: eerst de man; en dán pas de vrouw.

Tips via @Japked op Twitter.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.