Wat als die mooie pen ook de werkelijkheid stuurt?

Beroepsethiek De verhalende ik-journalistiek is populair, maar verleidt de maker soms tot een lossere of zelfs sturende omgang met de werkelijkheid. Wat wel en niet mag, werd punt van discussie bij een prijsuitreiking.

De gabber Matthijs, die pianist wil worden in de docu Wognum.
De gabber Matthijs, die pianist wil worden in de docu Wognum. Foto Tim Bary (tevens regisseur)

Welke rol mag een journalist in zijn eigen verhaal spelen? Het was woensdagavond de centrale vraag tijdens de jaarlijkse selectie van de beste journalistieke verhalen, ‘Meestervertellers’, door Stichting Verhalende Journalistiek. In Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond in Amsterdam ontving de documentaire The Bastard van Floris-Jan van Luyn de publieksprijs voor het beste journalistieke verhaal van 2018. Een prijs waar meteen de nodige vraagtekens bij werden gezet.

Een redactie, bestaande uit Vlaamse en Nederlandse journalisten, maakte ook de tien beste verhalen van het afgelopen jaar bekend in de disciplines lezen, luisteren, kijken en klikken (online documentaires). Wat opviel was dat de helft van de makers gestuurd had in de werkelijkheid van hun verhaal. „Dat is een verontrustende ontwikkeling en het is belangrijk om daar met elkaar over te discussiëren”, zegt Irene van der Linde, de voorzitter van Stichting Verhalende Journalistiek en redacteur bij De Groene Amsterdammer.

De hand van de maker

Dit thema raakt aan de actualiteit. Onlangs nog hekelden film- en documentairemakers in een opiniestuk in de Volkskrant de inzet van neppe scholieren voor een nieuwe documentaire van RTL. Onethisch en een bezoedeling voor ons vak, schreven de serieuze documentairemakers in de brief. Er zouden steeds vaker makers zijn die niet meer de tijd nemen om zorgvuldig te handelen. Voor wie de ‘lange adem’ te kostbaar is.

Het is juist die lange adem die de stichting centraal wil stellen. Zoals journalist Jan Kuitenbrouwer voor Follow the Money schreef: narratieve journalistiek is hot. Het zou de redding van de journalistiek zijn, maar bijt zichzelf in zijn eigen staart. Volgens programmacoördinator Evelien Kunst houdt de verhalende journalistiek de lezers en kijkers langer vast. „Het ‘fly on the wall-principe’ is iets van vroeger, de journalist neemt nu een eigen rol in in zijn verhaal”, zegt Kunst.

Duidelijk zijn in wat je doet

Toch is die rol niet altijd even duidelijk. Zo kreeg documentairemaker Tim Bary heel wat vragen naar zijn hoofd geworpen over de sturing van zijn werk Wognum. In de documentaire volgt Bary de 42-jarige gabber Matthijs, die zijn droom najaagt om pianist te worden. Hij mag uiteindelijk komen optreden in het Koninklijk Concertgebouw. Dat is, blijkt achteraf, geregeld door Tim Bary zelf maar dit komt de kijker niet te weten.

„Je moet duidelijk zijn in wat je doet. Ik wil weten waar ik naar kijk”, klonk het uit de zaal. Bary leek er weinig moeite mee te hebben. Hij zag zijn sturende hand als essentieel om een mooi verhaal te creëren. Zo vindt Bary dat de setting gestuurd mag zijn zolang de emotie maar echt is. „Met het wachten op toevalligheden maak je geen mooi verhaal”, reageerde hij.

Dit was volgens Jeroen Trommelen, hoofdredacteur van Investico (platform voor onderzoeksjournalistiek) geen journalistiek te noemen. „Je wordt op ieder verzonnen detail afgerekend. Het goed vertelde verhaal rukt op, maar ziet de lezer het verschil?” Dit voedt volgens Trommelen de vertrouwenscrisis naar het publiek.

Is het de echte waarheid of puur een goed verhaal? „De journalist moet hierin transparant zijn. Hij mag zich pas in de rol van alwetende verteller plaatsen als hij alwetend is en zich niet verstopt achter fantasie”, aldus Trommelen.

Die grens wil Stichting Verhalende Journalistiek nu gaan stellen. „We zullen criteria moeten opstellen over wanneer iets een verhaal is en geen journalistiek”, zegt voorzitter Irene van der Linde. „Zeker in deze tijd van fake news moeten we blijven praten over verhalende journalistiek. Hierbij mogen onze waarden en normen niet uit het oog verloren raken. Het gaat tenslotte om waarheidsvinding.”