Enorm kinderoffer, met grote precisie

Archeologie Zeker 137 kinderen werden in de 15de eeuw geofferd op een strand in Peru. Ze kwamen uit alle delen van het Chimu-rijk.

Twee van de geofferde kinderen in Noordwest-Peru. De kinderen en lama’s zijn volgens een vast patroon begraven: de kinderen met het gezicht naar zee, de lama’s kijken naar de bergen.
Twee van de geofferde kinderen in Noordwest-Peru. De kinderen en lama’s zijn volgens een vast patroon begraven: de kinderen met het gezicht naar zee, de lama’s kijken naar de bergen. Foto John Verano

Ergens tussen 1400 en 1450 zijn op een strand in Noordwest-Peru meer dan 137 kinderen geofferd, samen met zo’n 200 jonge lama’s. Waarschijnlijk zijn de kinderen gedood tijdens een periode van uitzonderlijk noodweer om de goden gunstig te stemmen. Uit voetsporen in de modder rondom de offerplek blijkt dat de geofferde kinderen (en de lama’s) zelf naar de offerplek zijn toegelopen. Of er sprake was van extreme dwang is op basis van de sporen niet te zeggen. Dit schrijft een internationaal team van archeologen.

Het voormalige Chimurijk in Peru

Hun verslag van de opgraving in Huanchaquito-Las Llamas, waar dit grootste bekende kinderoffer van de Nieuwe Wereld (en waarschijnlijk van de hele wereld) plaatsvond, is woensdag gepubliceerd in PLOS ONE. De schokkende ontdekking werd vorig jaar al bekendgemaakt door National Geographic. Inmiddels zijn door het archeologenteam even verderop weer meer dan 100 geofferde kinderen gevonden. Veel details (zoals datering) zijn daarvan nog niet bekend. Door de droge omstandigheden zijn in Huanchaquito-Las Llamas de lichamen, inclusief kleding tot zelfs de touwen om de poten van de lama’s, goed bewaard gebleven. Het strand ligt elf meter boven zeeniveau, de offerplek ligt op zo’n driehonderd meter van de Stille Oceaan.

Ook dode volwassenen

Bij de kinderen zijn ook drie gedode volwassenen gevonden, twee vrouwen van jonger dan 30 en een man van 30 à 40 jaar, waarvan in ieder geval één is omgekomen door een klap op het hoofd. Hun grafposities (gehurkt met het gezicht naar voren) zijn anders dan die van de kinderen. Door hun nabijheid moet hun dood wel met het offer te maken hebben, maar over hun rol in het drama en de reden voor hun gewelddadige dood speculeren de archeologen niet.

De offers werden gedaan door een voorloper van het bekende Inca-rijk, het Chimu-rijk. Het strand met de kinderoffers ligt zo’n drie kilometer ten westen van de Chimu-hoofdstad Chan Chan (nabij het moderne Trujillo). De kinderen waren tussen vijf en veertien jaar oud, de meesten tussen acht en twaalf. Voor zover te zien waren ze in goede gezondheid toen ze stierven. Waarschijnlijk zijn niet alle kinderen en lama’s teruggevonden, het gebied is de laatste jaren deels archeologisch vernietigd door bouwactiviteiten.

Het Chimu-rijk besloeg tussen ongeveer 1100 en 1470 een groot deel van de kustvalleien in Noordwest-Peru. Rond 1470 werd het veroverd en geïncorporeerd door het toen al veel grotere Inca-rijk dat zijn basis had in de stad Cusco in Zuid-Peru. Dat Inca-rijk (ca. 1400-1550) werd in de zestiende eeuw veroverd door Spanjaarden en hun lokale bondgenoten.

Sporen van jonge lama’s

De in opgedroogde modder teruggevonden voetsporen zijn vooral van blote kindervoeten, met een klein aantal sporen van volwassenen met sandalen aan. Ook werden sporen van jonge lama’s teruggevonden. Mede op grond van deze sporen vermoeden de archeologen dat het grote offer op één moment gebracht is, waarschijnlijk tijdens een uitzonderlijke periode van zware regenval in het gebied . Uit oude erosiekanalen kan worden afgeleid dat de modder toen op het zandstrand is gespoeld vanuit hoger gelegen gebied.

Het mes werd bij de kinderen door ervaren slagershanden gehanteerd

Uit isotoopanalyses op de botten van 38 kinderen blijkt dat ze niet afkomstig zijn uit één groep, maar waarschijnlijk uit allerlei delen van het rijk naar het doorgaans kurkdroge strand zijn gebracht. De archeologen denken dat er minstens één groep kinderen en lama’s uit het noorden en één vergelijkbare groep uit het zuiden naar de offerplek is gebracht. Dat ze zijn geofferd blijkt ook uit het feit dat vrijwel alle kinderen snijsporen op het borstbeen en een aantal ribben hebben. Hetzelfde is gevonden bij de lama’s die tegelijkertijd zijn geofferd. Waarschijnlijk is hun borstkas geopend om het nog kloppende hart te verwijderen. Deze offertechniek wordt in sommige hooglanden van Peru nog altijd toegepast bij het offeren van lama’s, tijdens carnavalfeesten of grote droogten. Gruwelijk detail is dat bij de kinderen het mes door ervaren slagershanden gehanteerd werd. Er werden zelden aarzelende insnijdingen of ‘valse starts’ gevonden.

De kinderen en lama’s zijn in vier clusters volgens een vast patroon begraven: de kinderen met het gezicht naar zee, de lama’s kijken naar de bergen. De kinderen liggen meestal in groepjes van drie in een put, soms met lama’s ertegenaan of erbovenop. De vachten van de lama’s waren per grafput zoveel mogelijk contrasterend. De kinderen waren gewikkeld in simpele katoenen doeken, sommigen hadden rood poeder (van cinnaber, kwiksulfiet) op hun gezicht, de oudsten hadden ook een muts op.

Desastreuze El Niño

Uit het Chimu-rijk zijn wel eerder offers gevonden van mensen van allerlei leeftijden, waaronder kinderen. Maar slechts één mensenoffer waarbij alleen kinderen geofferd zijn: 17 kinderen en 20 lama’s in Huanchaco, rond het jaar 1400. De archeologen achten het mogelijk dat dit offer tegelijkertijd met het grotere offer in Huanchaquito plaatsvond, tijdens een desastreuze El Niño-episode.

Uit de rest van de wereld zijn vrijwel geen onmiskenbare archeologische bewijzen voor kinderoffers bekend, maar in Zuid-Amerika ligt dat anders. Uit de Inca-periode zijn enkele offers bekend van kinderen op bergtoppen, die soms later als ijsmummie zijn teruggevonden. Vaak werden deze offers, waarbij kinderen uit alle uithoeken van het rijk werden gehaald, gedaan als reactie op natuurrampen, maar ook ter gelegenheid van de troonsbestijging van een nieuwe keizer. Uit Zuid-Peru (Cuzco-vallei) is een Inca-offer van zeven kinderen bekend. Ook uit het Azteken-rijk zijn kinderoffers bekend, zelfs één van meer dan 40 kinderen in Tenochtitlan ( nu Mexico-Stad), ca. 1500.

Correctie (7 maart 2019): In een eerdere versie van dit artikel werd het strand waar kinderen werden geofferd, gesitueerd in Noordoost-Peru. Juist is: Noordwest-Peru. Dat is hierboven aangepast.